Luc Sels heeft de rectorverkiezing aan de KU Leuven gewonnen. Sels haalde het na één stemronde van zijn uitdager, de toxicoloog Jan Tytgat. De inzet van de rectorverkiezing is allesbehalve een symbolische strijd om academisch decorum. De Leuvense rector staat aan het hoofd van de grootste universiteit van de Lage Landen. Er studeren 60.700 studenten en er werken, het UZ Leuven meegerekend, zo'n 20.000 mensen. Reken de studenten van de geassocieerde hogescholen op de diverse campussen in Vlaanderen mee, en ruim vier op de tien Vlaamse studenten proberen een diploma uit het universum van de KU Leuven te behalen.
...

Luc Sels heeft de rectorverkiezing aan de KU Leuven gewonnen. Sels haalde het na één stemronde van zijn uitdager, de toxicoloog Jan Tytgat. De inzet van de rectorverkiezing is allesbehalve een symbolische strijd om academisch decorum. De Leuvense rector staat aan het hoofd van de grootste universiteit van de Lage Landen. Er studeren 60.700 studenten en er werken, het UZ Leuven meegerekend, zo'n 20.000 mensen. Reken de studenten van de geassocieerde hogescholen op de diverse campussen in Vlaanderen mee, en ruim vier op de tien Vlaamse studenten proberen een diploma uit het universum van de KU Leuven te behalen. Ook financieel is de KU Leuven een zwaargewicht. De rector overziet een organisatie die ruim 1,1 miljard euro inkomsten genereert. Dat is gerekend zonder de inkomsten van het universitair ziekenhuis, dat ruim een miljard omzet draait. Volgens een studie uit 2016 is de Leuvense universiteit (zonder haar ziekenhuis) goed voor 7,4 miljard euro bruto toegevoegde waarde en 80.000 jobs in Vlaanderen. Het rectoraat in de Naamsestraat is dus het zenuwcentrum van een imperium. De geschikte man of vrouw vinden om daar de lakens uit te delen, lijkt een taak voor een duur maar degelijk selectiebureau. Niet zo aan de universiteit. Daar wordt om de vier jaar de rector aangesteld na een verkiezing, inclusief campagnes en debatten. Fans van academische rankings weten dat KU Leuven steevast goed scoort in zulke lijstjes. Rankings verschillen nogal naargelang de gelegde accenten, maar dat Leuven meestal de primus in 's lands academische klas is, mag een indicatie zijn van de reputatie van onze oudste universiteit. Vriend en vijand zijn het erover eens dat de KU Leuven haar positie in het Vlaamse universitaire landschap vooral te danken heeft aan de kwaliteit van haar onderwijs- en onderzoeksapparaat. In de rangschikking van Thomson Reuters laat de Leuvense universiteit zich de jongste jaren nog het meest opmerken. Elk jaar vergelijkt die de valorisatie van de onderzoeksoutput van de universiteiten, om te komen tot een rangschikking met bovenaan de innovatiefste universiteiten. De KU Leuven domineert in die rangschikking al een paar jaar de Europese top. Dat is vooral te danken aan het hoge aantal octrooien dat de onderzoekers aan de Leuvense universiteit indienen, en aan de sterk ontwikkelde valorisatie van het onderzoek aan de universiteit. Spin-offs en valorisatie zijn het terrein van Leuven Research & Development (LRD), het zogenoemde technologietransferkantoor van de universiteit. "Dat bestaat al sinds 1972. Leuven was daarmee een pionier", weet Koenraad Debackere, de gedelegeerd bestuurder van LRD en jarenlang als algemeen beheerder een operationele sleutelfiguur van de KU Leuven. Her en der klinkt weleens gemor over de Leuvense dominantie in het binnenhalen van onderzoekscenten. Zowel voor het aantal Europese onderzoeksbeurzen als voor FWO-beurzen leidt de KU Leuven de dans. Maar is dat onrechtmatig? Hans Willems, de secretaris-generaal van het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek (FWO), benadrukt dat zijn organisatie enkel financieringsvoorstellen selecteert "op basis van hun wetenschappelijke excellentie en ongeacht welke universiteit ze indient". Elke universiteit kent vier grote financieringsstromen. De eerste is een basisfinanciering voor de onderwijsopdracht, de tweede en de derde draaien om ondersteuning voor onderzoeksprojecten en een vierde zijn eigen inkomsten uit de valorisatie van octrooien en contractonderzoek. Slechts 38 procent van de inkomsten van de KU Leuven komt van die basisfinanciering. Dat betekent dat de universiteit ruim 60 procent van haar inkomsten uit projecten haalt. Het binnenhalen van en onderzoeksprojecten en -beurzen is dus cruciaal voor de financiële gezondheid van de universiteit. Het succes hangt vooral af van de kwaliteit en het initiatief van de professoren en de onderzoekers aan de universiteit. "De rector speelt ook een belangrijke rol", zegt Willems. "Hij of zij moet een gunstige omgeving creëren waarin nieuwe ideeën zich kunnen ontwikkelen, excellentie kan groeien en onderzoekers zich gewaardeerd voelen voor hun inzet. Die positieve sfeer maakt het mogelijk de inzet nadien optimaal te valoriseren bij externe financierders." Luc Sels en zijn voorgangers zijn erin geslaagd Leuven internationaal op de kaart te zetten. "Leuven heeft de traditie zijn middelen goed te spreiden", zegt Sels. "Dat heeft geleid tot internationaal succes. We zijn nu opgenomen in de groep van de tien leidende technology transfer offices in de wereld. Daar zijn we in het gezelschap van universiteiten als Stanford, MIT, Columbia en Cambridge." Dat goede onderzoeksklimaat is niet enkel de verdienste van de rectoren van de afgelopen decennia, maar ook van de algemeen beheerder. Tot vorig jaar was dat Koenraad Debackere, die nog altijd de gedelegeerd bestuurder is bij LRD. De algemeen beheerder is de sparringpartner van de rector. In een onderneming zou de rector de CEO zijn, en de algemeen beheerder de operationeel directeur (COO). Het is een cruciale positie voor de universiteit. Niet voor de beleidsontwikkeling en de strategische planning, maar wel voor de financiële verzekering van de ambities. Het Leuvense bestuursmodel is daarom gebaat met een goede samenwerking tussen beiden. De raad van bestuur stelt de algemeen beheerder aan, terwijl de rector wordt verkozen. "Dat evenwicht is cruciaal", zegt Sels. "De rector en de algemeen beheerder kunnen elkaar nooit overvleugelen. Ze zijn gedwongen om samen te werken. Dat zorgt voor checks and balances." Een blik op het organigram leert dat de universiteit een kluwen van raden en bestuursorganen is. Vaak zijn die ook nog eens met elkaar vervlochten door een bestuurder. "Het ziet er wat ingewikkeld uit, maar als je ermee vertrouwd bent, werkt het heel efficiënt", vertelt Wim Robberecht, de gedelegeerd bestuurder van UZ Leuven. Als de KU Leuven een bedrijf zou zijn, dan zou het drie divisies tellen: de universiteit, het LRD en het UZ Leuven. Die hebben alle drie een bepaalde graad van autonomie en een eigen directiecomité. Ze rapporteren aan dat bestuurscomité en aan de raad van bestuur van de KU Leuven. Het centrum van de macht aan de universiteit ligt bij de rector en het gemeenschappelijke bureau (GeBu). Daarin zitten naast de rector ook de vicerectoren en de algemeen beheerder. Het GeBu houdt zowat het midden tussen een ministerieel kabinet voor de rector en een directiecomité in een onderneming. Aan de KU Leuven werkt de rector samen met de algemeen beheerder, bij het LRD en het UZ Leuven gebeurt dat telkens met een gedelegeerd bestuurder. De valorisatie en de samenwerking met het bedrijfsleven volgt een andere logica dan de academische. Daarom is het nuttig om het LRD relatief autonoom te laten functioneren. De afstand met het UZ Leuven is zo mogelijk nog groter, in die zin dat het ziekenhuis een federale financiering volgens de ziekenhuiswet krijgt, terwijl de universiteit voor haar onderwijsopdracht van Vlaanderen afhangt. De resultaten van het UZ Leuven worden dan ook niet geconsolideerd in de jaarrekening van KU Leuven, maar het ziekenhuis is wel een onderdeel van dezelfde rechtspersoon. Om te voorkomen dat de universiteit en het ziekenhuis te veel uit elkaar groeien, is er een grote verwevenheid in de bestuursorganen. Zo zit de rector in het bestuurscomité en in het remuneratiecomité van het ziekenhuis. Bovendien is hij ook hiërarchisch de meerdere van alle klinische professoren in het ziekenhuis, want ze zijn ook werknemers van de KU Leuven. Omgekeerd, zit ook de gedelegeerd bestuurder van het ziekenhuis in het groepsbestuur van de Biomedische Groep van de universiteit. "Alle rectoren die ik heb gekend, hadden veel aandacht voor het ziekenhuis", zegt Wim Robberecht. "Die aandacht is belangrijk, omdat ze instrumenteel is voor het gezond houden van de koppeling tussen de universiteit en het UZ." Samengevat: het rectorschap is een brede opdracht. "Eigenlijk bestuurt de rector geen tanker", zegt Sels. "Je houdt het overzicht over een enorme vloot. Het gaat niet alleen om die drie divisies, maar ook over dertien campussen. De buitenwereld onderschat die opdracht. Ik denk dat de rol van de rector ook wel is geëvolueerd. Eigenlijk moet je het rectorschap zien als een vierschaar, waarbij de rector nauw samenwerkt met de algemeen beheerder en met de gedelegeerd bestuurders van UZ en LRD. Hoe beter de samenwerking, hoe beter de universiteit functioneert. En hoe beter je de financiële situatie en het investeringsverhaal van de universiteit kunt lezen, hoe groter de hefboom wordt die je kunt creëren. Uiteraard heb je daarbij de steun van het algemeen beheer, maar als rector kom je in situaties waarin jij op het politieke niveau het verschil moet maken."