Het is duidelijk dat we nog lang niet van covid-19 verlost zijn, maar als alles loopt zoals gepland, kunnen de scholen vanaf 1 september opnieuw voorzichtig hun deuren openen. Dat betekent ook dat er voor veel werkende Belgen opnieuw structuur komt, want voorlopig geen preteaching meer of de combinatie van werk en de zorg voor kinderen.

We zijn de afgelopen maanden in een sociaal experiment beland. Voor een groot deel van de Belgen werd de keuken- of eetkamertafel overdag de vaste werkplek en heel wat werkgevers kregen een spoedcursus 'leer vertrouwen hebben'. De crisis heeft ervoor gezorgd dat mensen wiens job het toelaat, uitgebreid hebben kunnen proeven van telewerk. En de voorheen weigerachtige werkgevers zijn nu misschien meer overtuigd van de voordelen ervan. De coronacrisis heeft er ons ook noodgedwongen toe aangezet onze levensstijl en manier van werken ter discussie te stellen.

Ik geef toe, de versnelde en onvoorbereide omslag was verre van ideaal. Maar als we de preteaching-verhalen even buiten beschouwing laten, hoor ik erg veel fijne verhalen van medewerkers die eindelijk meer tijd kregen voor hun gezin, 's ochtends konden gaan sporten of dankzij een korte pauze overdag zonder al te veel drukte een volle koelkast voor 's avonds hadden.

Zeg nu zelf: wie heeft heimwee naar de ochtendlijke of avondlijke uren aanschuiven op de E40, de E313 of de Antwerpse en Brusselse ring? Of wie mist de ratrace en het gepuzzel om de kinderen naar de crèche of naar school te brengen en daarna nog op tijd op kantoor te geraken? Laten we niet vervallen in onze oude gewoonten maar na deze uitgebreide testperiode voluit voor het nieuwe normaal gaan: een gezonde mix tussen het thuiskantoor en het bedrijfskantoor als ontmoetings- en inspiratieplek.

Bij deze nieuwe manier van werken kunnen telewerk of coworkingruimtes in je eigen gemeente of stad de norm worden en kan het klassieke kantoor een ontmoetingsplek zijn waar de laptop misschien minder vaak wordt bovengehaald. Het bedrijfskantoor kan een plaats zijn waar medewerkers een of twee dagen per week samenkomen om elkaar te inspireren via brainstorms en teammeetings.

'Laat ons voluit gaan voor een gezonde balans tussen telewerk en bedrijfskantoor.

Wie voor de coronacrisis al telewerkte, kent het ongetwijfeld: de dag dat je terugkeert naar kantoor, krijg je vaak weinig gedaan. Vragen hier, collega's die een praatje willen maken daar, nog een teammeeting en een brainstorm over die nieuwe dienst of klant. De dag eindigt en je hebt geen tijd gehad om je mails te beantwoorden of dat ene dossier af te werken. Misschien hoeft dat in de toekomst geen probleem meer te zijn en moeten we zo'n dag op kantoor zien als een ontmoetingsdag, als een dag waar de bedrijfscultuur de medewerkers laat floreren en de groepsdynamiek zegeviert.

Landschapsbureaus kunnen plaatsmaken voor ruimtes waar indien nodig nog geconcentreerd kan worden gewerkt, maar vooral voor grote samenwerk- en brainstormruimtes waar medewerkers samen kunnen overleggen. Met allerhande apps en boekingsystemen zijn de digitale mogelijkheden legio om de bezetting en zelfs de catering of poetsdienst van een kantoor technisch en praktisch te regelen.

Ik realiseer me goed dat bovenstaande niet voor iedereen geldt. Voor sommige werknemers laat de aard van hun job of hun persoonlijke situatie telewerk niet of nauwelijks toe. Anderen houden er misschien van om elke dag sociaal contact te hebben of vinden niet de zelfdiscipline om zelfstandig te werken. Dat hoeft geen probleem te zijn, laat hen zelf kiezen waar ze werken.

Maar de autostrades (en de lucht) zouden 's ochtends en 's avonds zoveel mooier zijn dankzij de telewerkers die niet langer elke dag naar die ene grootstad moeten om te werken. Laten we, zowel werkgevers als werknemers, eenmaal die onzichtbare vijand is uitgeschakeld, proberen volledig klaar te zijn voor een nieuw begin. Laten we nu al werk maken van dit nieuwe normaal en zo de druk op onze samenleving verkleinen.

Het is duidelijk dat we nog lang niet van covid-19 verlost zijn, maar als alles loopt zoals gepland, kunnen de scholen vanaf 1 september opnieuw voorzichtig hun deuren openen. Dat betekent ook dat er voor veel werkende Belgen opnieuw structuur komt, want voorlopig geen preteaching meer of de combinatie van werk en de zorg voor kinderen. We zijn de afgelopen maanden in een sociaal experiment beland. Voor een groot deel van de Belgen werd de keuken- of eetkamertafel overdag de vaste werkplek en heel wat werkgevers kregen een spoedcursus 'leer vertrouwen hebben'. De crisis heeft ervoor gezorgd dat mensen wiens job het toelaat, uitgebreid hebben kunnen proeven van telewerk. En de voorheen weigerachtige werkgevers zijn nu misschien meer overtuigd van de voordelen ervan. De coronacrisis heeft er ons ook noodgedwongen toe aangezet onze levensstijl en manier van werken ter discussie te stellen.Ik geef toe, de versnelde en onvoorbereide omslag was verre van ideaal. Maar als we de preteaching-verhalen even buiten beschouwing laten, hoor ik erg veel fijne verhalen van medewerkers die eindelijk meer tijd kregen voor hun gezin, 's ochtends konden gaan sporten of dankzij een korte pauze overdag zonder al te veel drukte een volle koelkast voor 's avonds hadden. Zeg nu zelf: wie heeft heimwee naar de ochtendlijke of avondlijke uren aanschuiven op de E40, de E313 of de Antwerpse en Brusselse ring? Of wie mist de ratrace en het gepuzzel om de kinderen naar de crèche of naar school te brengen en daarna nog op tijd op kantoor te geraken? Laten we niet vervallen in onze oude gewoonten maar na deze uitgebreide testperiode voluit voor het nieuwe normaal gaan: een gezonde mix tussen het thuiskantoor en het bedrijfskantoor als ontmoetings- en inspiratieplek. Bij deze nieuwe manier van werken kunnen telewerk of coworkingruimtes in je eigen gemeente of stad de norm worden en kan het klassieke kantoor een ontmoetingsplek zijn waar de laptop misschien minder vaak wordt bovengehaald. Het bedrijfskantoor kan een plaats zijn waar medewerkers een of twee dagen per week samenkomen om elkaar te inspireren via brainstorms en teammeetings. Wie voor de coronacrisis al telewerkte, kent het ongetwijfeld: de dag dat je terugkeert naar kantoor, krijg je vaak weinig gedaan. Vragen hier, collega's die een praatje willen maken daar, nog een teammeeting en een brainstorm over die nieuwe dienst of klant. De dag eindigt en je hebt geen tijd gehad om je mails te beantwoorden of dat ene dossier af te werken. Misschien hoeft dat in de toekomst geen probleem meer te zijn en moeten we zo'n dag op kantoor zien als een ontmoetingsdag, als een dag waar de bedrijfscultuur de medewerkers laat floreren en de groepsdynamiek zegeviert. Landschapsbureaus kunnen plaatsmaken voor ruimtes waar indien nodig nog geconcentreerd kan worden gewerkt, maar vooral voor grote samenwerk- en brainstormruimtes waar medewerkers samen kunnen overleggen. Met allerhande apps en boekingsystemen zijn de digitale mogelijkheden legio om de bezetting en zelfs de catering of poetsdienst van een kantoor technisch en praktisch te regelen. Ik realiseer me goed dat bovenstaande niet voor iedereen geldt. Voor sommige werknemers laat de aard van hun job of hun persoonlijke situatie telewerk niet of nauwelijks toe. Anderen houden er misschien van om elke dag sociaal contact te hebben of vinden niet de zelfdiscipline om zelfstandig te werken. Dat hoeft geen probleem te zijn, laat hen zelf kiezen waar ze werken.Maar de autostrades (en de lucht) zouden 's ochtends en 's avonds zoveel mooier zijn dankzij de telewerkers die niet langer elke dag naar die ene grootstad moeten om te werken. Laten we, zowel werkgevers als werknemers, eenmaal die onzichtbare vijand is uitgeschakeld, proberen volledig klaar te zijn voor een nieuw begin. Laten we nu al werk maken van dit nieuwe normaal en zo de druk op onze samenleving verkleinen.