Een hoop kopzorgen is het minste wat je verwacht bij de Vlaamse ondernemers die actief zijn in Oekraïne. Maar de werkelijkheid blijkt anders te zijn. "De algemene stemming in dit land is dat het al acht jaar in oorlog is", zegt Antoon Praet. Hij runt een akkerbouwbedrijf van iets minder dan 2.000 hectare in Polonne, op 230 kilometer ten westen van Kiev. "Ik ben helemaal niet bang dat Rusland zich met onze regio of met onze sector zal bemoeien."
...

Een hoop kopzorgen is het minste wat je verwacht bij de Vlaamse ondernemers die actief zijn in Oekraïne. Maar de werkelijkheid blijkt anders te zijn. "De algemene stemming in dit land is dat het al acht jaar in oorlog is", zegt Antoon Praet. Hij runt een akkerbouwbedrijf van iets minder dan 2.000 hectare in Polonne, op 230 kilometer ten westen van Kiev. "Ik ben helemaal niet bang dat Rusland zich met onze regio of met onze sector zal bemoeien." De landbouw is met een areaal van 42,2 miljoen hectare belangrijk voor de Oekraïense economie. De bijdrage van de sector aan het bruto binnenlands product schommelde de voorbije jaren tussen 9 en 12 procent. Iets minder dan een vijfde van de beroepsbevolking is er actief. Praet investeerde met de Belgische holdingvennootschap Ukraina Agri Fund in zijn landbouwbedrijf Kanola-Podillya. "2021 is een uitzonderlijk goed jaar voor de akkerbouw. We boeken ongeveer 40 procent brutowinst op de omzet. Niet dat we ons daarmee vette dividenden uitkeren. Nee, we investeren in nieuw materiaal en importeren tweedehands materiaal vanuit België."Antoon Praet stipt aan dat in tijden van geopolitieke spanning niet enkel het gewicht van de landbouwsector in zijn voordeel speelt, maar ook de vrije afzetmarkt. "Oekraïne speelt het spel heel open. Ik kan verkopen aan handelaars, aan een lokale verwerker, aan een Europese of Aziatische exporteur. Dit is een echte vrije markt, en dat zal niet snel veranderen: oorlog, crisis, recessie of inflatie treft een primaire sector als de onze niet." Hoe meer naar het oosten van Oekraïne, hoe scherper de ongerustheid, al is ook bij Tom Murrath enige gewenning merkbaar. Murrath, die al twintig jaar in Oekraïne onderneemt, is actief in toegangscontrole voor sportstadions, tijdelijke afsluitingen, parkeergarages en sportmateriaal. De hoofdzetel van Periprotect, dat een jaaromzet van 2 miljoen euro draait, bevindt zich in Kharkov, 50 kilometer van de Russische grens. "Na de annexatie van de Krim door Rusland in 2014 werd het stadion van Shakhtar Donetsk gebombardeerd en vluchtte de eigenaar van de lokale voetbalploeg Metalist Kharkov", vertelt Murrath. "Ik heb toen ingezet op consumentengoederen en de verhuur van afsluitingen. Die activiteiten bleven ook tijdens de pandemie draaien. Daarom maak ik me op dit moment minder zorgen. De dreiging is voor ons niet nieuw en heeft momenteel weinig impact. Niemand stopt in onze regio met investeren." Toch is er iets veranderd, vindt Luc Vancraen. Hij leidt in het centrum van Kiev de softwareontwikkelaar Quadrox, een aanbieder van oplossingen voor digitale videobewaking. Zijn kmo haalt met twintig werknemers een omzet van 1,5 miljoen euro. In Kiev vindt hij een arbeidsmarkt met heel wat getalenteerde softwareontwikkelaars. "Na acht jaar oorlog merk je wel dat er een soort apathie heerst", zegt Vancraen. "Blijven panikeren houd je gewoon niet vol. En toch is het nieuw dat vandaag ook de hoofdstad bedreigd wordt. Het is niet langer een zaak van het oosten alleen, of van troepen die naargelang het seizoen talrijker of minder talrijk worden." Wat zou er gebeuren als het alsnog tot een Russische invasie komt? "Bij een bezetting is het afgelopen met ondernemen", klinkt Tom Murrath categorisch. "In tijden van oorlog bestaat er niet zoiets als een plan B. Maar een oorlog is niet gelijk aan een toestand waarin iedereen wordt neergeschoten. We hebben het al meegemaakt en het is levensgevaarlijk, maar toch maak ik me geen grote zorgen." Dat de ondernemers niet heel ongerust zijn, heeft ook te maken met de toegenomen slagkracht van het Oekraïense leger. Begin februari kondigde de Oekraïense president Volodymyr Zelensky nog aan dat het leger er 100.000 extra krachten bijkrijgt. "In 2014 was het leger totaal niet uitgerust", herinnert Murrath zich. "Dat is nu anders en bovendien is de bereidheid om als vrijwilliger mee te vechten groot." Antoon Praet beaamt dat. "De Oekraïners zijn bereid te vechten tot de dood. Oekraïners en Russen waren bevriende volkeren, maar Poetin heeft een cruciale fout gemaakt. Door zijn manier van praten en handelen heeft hij zich in de voet geschoten. Hij wordt vandaag gehaat in Oekraïne. Bij een aanval mag hij zich aan een Afghanistan-scenario verwachten." De belangrijkste gevolgen die de ondernemers vrezen bij een mogelijke aanval zijn veeleer van praktische aard. Luc Vancraen is beducht voor het platleggen van het internet, wat de communicatie vanuit België met zijn softwareontwikkelaars zou bemoeilijken. Als kmo is hij kwetsbaarder dan bijvoorbeeld het grotere Materialise, de beursgenoteerde onderneming van zijn broer Wilfried. "We hebben in Oekraïne een tijd lang een gebouw gedeeld met Materialise, dat intussen fel is doorgegroeid. Een grote onderneming kan in geval van een conflict evacueren naar een vestiging in een ander land. Als kleine onderneming is dat minder vanzelfsprekend, al zou ik minder mensen moeten verhuizen. Nogmaals: ik verwacht dat scenario niet, maar geen enkel bedrijf kan echt klaar zijn voor een totale oorlog." De NAVO stuurde versterkingen naar Oost-Europese lidstaten. Het bondgenootschap wil Rusland afschrikken met gevechtsvliegtuigen en oorlogsbodems. Toch zit daar niet de oplossing. "Het Westen moet vooral de Oekraïense democratie helpen", vindt Luc Vancraen. "Door de aankoop van Russisch gas steunt het Westen het autocratische regime van Poetin. Het Europese energiebeleid mist een geopolitieke dimensie. Het is onverstandig afhankelijk te blijven van Russisch gas. Een nieuwe generatie kernreactoren zou ons op korte termijn beter helpen." Maar vooral: de ondernemers hopen op een diplomatieke oplossing. "Het bedrijfsleven wil business as usual", benadrukt Kris Beckers, de ereconsul voor Oekraïne in België. "Het afgelegde integratiewerk met de Europese Unie mag niet verloren gaan. Een vrijhandelszone kan zorgen voor een aanzienlijke liberalisering van de handel en een wetgevende harmonisatie. Dat opent meer potentieel en kansen voor Belgische bedrijven en investeringen."