Twee jaar geleden leek de NMBS goed op weg om haar imago van inefficiënt overheidsbedrijf in de problemen af te werpen. De spoorwegmaatschappij liet dat jaar een operationele winst van 85,3 miljoen euro optekenen. Afgaand op de tevredenheidscijfers kon het stijgend aantal reizigers de betere stiptheid en het treinaanbod ook wel smaken.
...

Twee jaar geleden leek de NMBS goed op weg om haar imago van inefficiënt overheidsbedrijf in de problemen af te werpen. De spoorwegmaatschappij liet dat jaar een operationele winst van 85,3 miljoen euro optekenen. Afgaand op de tevredenheidscijfers kon het stijgend aantal reizigers de betere stiptheid en het treinaanbod ook wel smaken. Voor het eerst in decennia leek het vertrouwen in de toekomst terug te zijn. Na jaren van besparen en stations en lijnen schrappen lagen er opnieuw plannen voor een extra aanbod op tafel. De kosten en de baten leken eindelijk weer in balans. Het overheidsbedrijf zat onmiskenbaar op het juiste spoor. Maar toen kwam covid-19. De pandemie veroorzaakte een knik in die opwaartse curve. De vervoersmaatschappij zag haar operationeel resultaat in 2020 terugvallen tot een verlies van 359,6 miljoen euro. Dat kwam onder meer doordat de spooroperator op verzoek van de overheid treinen bleef inleggen tijdens de lockdown. Nadien namen ook minder reizigers de trein uit angst voor een besmetting of omdat hun kantoor op thuiswerk overschakelde. Op het dieptepunt in 2020 viel het aantal treinreizigers daardoor terug tot minder dan 10 procent van de normale aantallen. Gemiddeld namen dat jaar 523.723 mensen elke werkdag de trein. Dat waren er 400.000 minder dan een jaar eerder. Gelukkig voorzag de Belgische regering in een financiële compensatie van 288 miljoen voor de financiële aderlating. Voor 2021 zijn nog geen exacte cijfers bekend. Toch is al duidelijk dat de neerwaartse trend ook vorig jaar heeft aangehouden. De bezetting liep grotendeels parallel met de golven van de pandemie. Volgens NMBS-woordvoerder Bart Crols was er in 2021 een forse impact op de reizigersaantallen. "We zitten op ongeveer 60 procent van onze normale reizigersaantallen", zegt hij. "Maar de bezetting schommelde het afgelopen jaar. Na de zomervakantie zag je die weer stijgen, maar nog niet tot de niveaus van 2019." Toch gelooft de NMBS dat ze over enkele jaren weer op het niveau van 2019 zal staan. Crols: "We zien nu een impact op het aantal treinreizigers, maar dat is voornamelijk te wijten aan de coronamaatregelen. Het betekent niet dat mensen niet meer voor de trein kiezen. We denken juist dat de trein vaker als een aantrekkelijk alternatief wordt gezien voor shopping of daguitstappen." Vorige week kondigde de NMBS een aanpassing van het treinaanbod aan als gevolg van het stijgende aantal afwezige werknemers. De omikronvariant veroorzaakt een quarantainegolf bij de operator. Om de hinder voor de reizigers te beperken, schrapte de NMBS 6,5 procent van haar treinaanbod. "We willen vermijden dat reizigers op het perron moeten horen dat hun trein wordt geannuleerd", zegt Crols. "Door het treinaanbod aan te passen kunnen we reizigers tijdig informeren, zodat ze op voorhand weten waar ze aan toe zijn. We ontdubbelen bovendien bestaande verbindingen, zodat ze een trein vroeger of later kunnen nemen." Mobiliteitsexperts verwachten dat de langetermijngevolgen van covid-19 voor het mobiliteitsgedrag wellicht vooral bij het openbaar vervoer te zoeken zullen zijn. Omdat meer thuiswerk een blijver lijkt, zal het aantal pendelaars verminderen. Dat wordt voor de NMBS ongetwijfeld een uitdaging. Nu al probeert het spoorbedrijf daarop in te spelen met flexibele abonnementen. Toch vindt CD&V-Kamerlid Jef Van den Bergh, een ancien in de federale commissie Mobiliteit en Overheidsbedrijven, dat de treinen zich verbazend snel weer vullen, telkens als de coronamaatregelen versoepelen. "Ik denk dat het hybride werken de komende jaren zal blijven bestaan, maar dat treinen halfleeg zullen blijven rijden, geloof ik niet. De NMBS was altijd erg op Brussel gericht en focuste vooral op pendelaars. De uitdaging ligt erin om met uitbreidingen in het vervoersplan ook in te zetten op verplaatsingen buiten het woon-werkverkeer. Je ziet die evolutie zich al aftekenen met zaterdagtreinen. Daar is nog meer mogelijk."