De procedure werd goedgekeurd in maart en treedt nu in werking. Vandaag hebben veertien lidstaten een organisme, dat overnames van nationale bedrijven door niet-Europese groepen screent.
...

De procedure werd goedgekeurd in maart en treedt nu in werking. Vandaag hebben veertien lidstaten een organisme, dat overnames van nationale bedrijven door niet-Europese groepen screent. "Normaal gezien is handel een Europese bevoegdheid, maar ter bescherming van de nationale veiligheid en de openbare orde kunnen de lidstaten zo'n overname nog blokkeren", zegt Charles Pommiès, advocaat bij Allen & Overy. "Zij bepalen zelf de draagwijdte van die twee begrippen. Frankrijk startte bijvoorbeeld met zo'n beschermingsmogelijkheid bij een nakende overname van Danone door PepsiCo. België heeft nog geen organisme dat overnames screent, maar her en der gaan er wel stemmen op om dat ook te doen."Tot nog toe handelde elk land op zich de screening van de buitenlandse overnames af. Voortaan moet het land de Commissie en de andere lidstaten informeren als het met zo'n procedure start. Die hebben dan 35 dagen tijd om opmerkingen te formuleren of bijkomende vragen te stellen. Andere lidstaten kunnen hun kritiek ook aan de Commissie uiten, die op basis daarvan een bijkomend advies kan geven. Pommiès: "Als er goede argumenten komen of als er kritiek komt van een belangrijke lidstaat, kan dat doorwegen bij de eindbeslissing."Belangrijk: uiteindelijk beslist elke lidstaat autonoom of hij een overname blokkeert. "Net daarom stellen sommigen dat er weinig verandert", stelt Pommiès. "Ik ben het daar niet mee eens. Vroeger was er niets. Elk land besliste zonder enig overleg overnames al dan niet te blokkeren. Een lidstaat die daarover het debat wilde aangaan, kon dat pas veel te laat. Nu is er een discussieplatform, dat kan uitgroeien tot een meer fundamenteel beleidsinstrument. Dit is het begin van de Europese aanpak van de bescherming van kritische sectoren. Dat is erg belangrijk in deze tijden van groeiende handelsconflicten, waarbij de bescherming van nationale belangen steeds zwaarder weegt dan de principes rond vrijhandel."Voorlopig is er alleen sprake van Europees overleg over de overnames van bedrijven. Maar ook andere bedrijfsrelaties kunnen de nationale veiligheid bedreigen. Had Proximus bijvoorbeeld zijn 5G-netwerk laten uitbouwen door het Chinese staatsbedrijf Huawei, had dat ongetwijfeld wenkbrauwen doen fronsen in andere lidstaten. "Een lidstaat kan beslissen dat een strategische samenwerking met een buitenlandse groep moet worden getoetst aan de nationale veiligheid", zegt Pommiès. "Ik ken geen landen waar dat nu al gebeurt. Het is echter perfect mogelijk volgens de Europese regels. Als een land dat zou doen in de toekomst, zal ook daarover overleg moeten worden gepleegd met de andere lidstaten."