"Preventie is één zaak, maar ook paraatheid is belangrijk", zegt Patrick Swartenbroekx, de CEO van het wateringenieursbureau Hydroscan. "Je mag die twee niet door elkaar halen, wat in Vlaanderen al gauw gebeurt. Preventie gaat over het nemen van structurele maatregelen. Dat duurt lang en kost veel geld. Vlaanderen heeft veel ingezet op preventie, zonder veel aandacht te besteden aan de paraatheid." Zowel structurele maatregelen als kennis om snel op de bal te spelen zijn cruciaal bij een ramp. Er is paraatheid nodig om burgers en bedrijven snel te kunnen verwittigen bij watersnoodrampen zoals die van vorige week in ons land. Nieuwe technologie kan daar in de toekomst bij helpen.
...

"Preventie is één zaak, maar ook paraatheid is belangrijk", zegt Patrick Swartenbroekx, de CEO van het wateringenieursbureau Hydroscan. "Je mag die twee niet door elkaar halen, wat in Vlaanderen al gauw gebeurt. Preventie gaat over het nemen van structurele maatregelen. Dat duurt lang en kost veel geld. Vlaanderen heeft veel ingezet op preventie, zonder veel aandacht te besteden aan de paraatheid." Zowel structurele maatregelen als kennis om snel op de bal te spelen zijn cruciaal bij een ramp. Er is paraatheid nodig om burgers en bedrijven snel te kunnen verwittigen bij watersnoodrampen zoals die van vorige week in ons land. Nieuwe technologie kan daar in de toekomst bij helpen. En dat zal almaar meer nodig zijn. Natuurrampen kwamen vroeger ook voor - de overstroming van 1953 is in het collectieve geheugen gegrift - maar de wetenschap is er duidelijk over dat de klimaatopwarming tot frequenter en intenser extreem weer leidt, van hittegolven tot extreme regenval. Afgelopen maand, net voor de waterramp in België, bleek uit nieuw Brits onderzoek van Newcastle University en Met Office dat door de opwarming van de aarde intense regen frequenter zal voorkomen, doordat warme lucht meer vocht kan bevatten. "Het is begonnen", verwijst Swartenbroekx naar de extreme regenval. "Wat je vroeger om de vijftig jaar zag, zal nu om de vijf à tien jaar gebeuren. We kregen een voorproefje. Onze omgeving verandert snel." Steeds meer bedrijven spelen in op die veranderende omstandigheden. De Vlaamse ondernemingen Hydroscan, Aggéres en Fluves hebben een technologie om beter om te gaan met de gevolgen ervan en ellende te voorkomen. Het Koninklijk Meteorologisch Instituut (KMI) baseert zijn voorspellingen op een neerslagradar en geeft vervolgens een kleurcode - oranje of rood bijvoorbeeld - aan een groot gebied. De software van het Leuvense ingenieursbureau Hydroscan maakt veel fijnmazigere voorspellingen, tot op het straatniveau. Als de burgemeester en de brandweer op voorhand weten welke straten in hun gemeente zullen overstromen, kunnen ze de bewoners veel gerichter waarschuwen en efficiënter hulp bieden. Hoe doet Hydroscan dat? "Het softwarepakket Flood4Cast zet de gegevens van de neerslagradar met intelligente algoritmes om in waterpeilen", zegt CEO Patrick Swartenbroekx. "We koppelen de neerslaggegevens aan de overstromingskaarten. Bij een storm kunnen we die gegevens maximaal drie uur op voorhand berekenen. Je ziet op het scherm hoe de storm nadert en de waterpeilen ontstaan. Elke vijf minuten wordt het beeld geüpdatet." De technologie is nog jong, maar toch haalde Hydroscan een driejarig project binnen in Vietnam, een land dat al veel vaker te kampen had met extreem stormweer. In eigen land is Hydroscan betrokken bij een project in Leuven en Sint-Genesius-Rode. Met die twee gemeenten en met de partners Sirris, Cronos en Eunoia Studio haalde Hydroscan dit jaar een van de vijf Slimme Regio-projecten binnen. "De bedoeling is de technologie later uit te rollen in heel de provincie Vlaams-Brabant", zegt Swartenbroekx. "Voor geïnteresseerden uit andere delen van het land komt er een stuurgroep met de eerste resultaten van het project." Werken met de technologie van Hydroscan op het niveau van de provincie of een regio in plaats van per gemeente biedt schaalvoordelen, zegt Swartenbroekx: "Het bespaart kosten, is efficiënter en je vergroot het draagvlak." In Wallonië staat Hydroscan op de radar van de overheden met andere projecten, maar nog niet met de Flood4Cast-technologie. Hydroscan werd in het begin van de eeuw opgericht als een ingenieursbureau gespecialiseerd in water, maar vormde zich de afgelopen vijf jaar om van een klassiek consultancybureau naar een bedrijf met eigen softwareproducten. Het heeft een team van veertig mensen, van wie er zes het afgelopen halfjaar in dienst kwamen. "Onze grootste bron van inkomsten - dit jaar liggen we op schema voor 4,5 miljoen euro omzet, tegenover 3,6 miljoen vorig jaar - is nog altijd consultancy, maar meer en meer gaat het daarbij om servicelijnen om onze software te ondersteunen." Behalve software om overstromingen te voorspellen heeft Hydroscan software om lekkende leidingen en instortende riolen op te sporen. "Dat laatste product gaat om technologie van het Amerikaanse SewerAI, dat we exclusief mogen gebruiken in de Benelux. De rode draad bij die drie producten is realtimevoorspelling", zegt Swartenbroekx. Het Leuvense bedrijf, dat in eigen land kantoren heeft in Antwerpen, Gent en Gembloers, is volop aan het internationaliseren. "We hebben een bedrijf in Berlijn en richten een hub op in Hanoi." Het Antwerpse Aggéres ontwikkelt al tien jaar oplossingen tegen wateroverlast. "Onze hoofdactiviteit is woningen en steden beschermen tegen overstromingen", zegt medezaakvoerder Oliver Femont, die Aggéres in 2011 samen met zijn broer Anthony heeft opgericht. "We installeren bijvoorbeeld manuele en automatische waterschotten in privéwoningen, maar realiseren ook dijkverhogingen en stormkeringen voor overheden." Lees verder onder de video"In de Benelux zijn we de enige speler in de sector die zich zowel inzet voor particulieren als voor overheden", stelt Femont. "90 procent van onze geïnstalleerde oplossingen zijn bovendien eigen ontwikkelingen. We bouwden een bassin waarin we onze innovaties uitvoerig testen. Daarin kunnen we overstromingen tot vier meter hoog simuleren." Aggéres' grootste innovatie is de zelfopdrijvende waterkering. "Dat is een muur die uit de grond opstijgt wanneer er een overstroming dreigt", legt Femont uit. "Hij wordt aangedreven door het opkomende water en kan honderden meters lang zijn. Als er geen vaste dijk kan worden gebouwd, is dat een van veiligste oplossingen, omdat het geen menselijke handeling vereist. We hebben onder meer al waterkeringen geplaatst in Oostende, Zeebrugge en het Nederlandse Spakenburg. Op de planning staan nog 2,5 kilometer aan projecten in Nederland en België." "Als het water een relatieve hoogte bereikt of ondergrondse garages onder dreigen te lopen, zorgen onze oplossingen ervoor dat woningen droog blijven en de huisraad wordt beschermd. Dat voorkomt niet alleen veel leed, maar ook vervuiling van de rivieren. Extreme waterellende zoals in Pepinster vergt echter meer dan enkel het plaatsen van waterschotten. Daar zijn structurele oplossingen nodig." Bij extreem weer is niet enkel het keren maar ook het bufferen van water essentieel. Aggéres bouwt ook gestuurde bufferbekkens die inspelen op droge en natte periodes. Oliver Femont: "Samen met Aquafin hebben we zopas zo'n ondergronds reservoir in Roeselare afgewerkt. Het bekken houdt het regenwater zo lang mogelijk bij voor hergebruik in droge periodes. Dankzij een slimme sturing kan het systeem het water bij dreigend noodweer proactief laten infiltreren, of in uiterste noodzaak lozen." Aggéres is vooral actief in de Benelux, maar het heeft ook klanten in Frankrijk, Spanje, Denemarken en Japan. Het familiebedrijf telt nog minder dan tien werknemers, maar is op zoek naar extra mensen. De verwachte omzet voor 2021 bedraagt 1,5 à 1, 8 miljoen euro en voor 2023-2024 ligt het streefcijfer tussen 8 en 10 miljoen euro. In 2022 plant Aggéres een verdere uitbouw op de Europese markt. Op termijn komen er kantoren in de Verenigde Staten en Azië. Sacha Gobeyn, projectmanager van het Gentse Fluves, droomt ervan dat er langs rivieren ooit om de kilometer een peilsensor van het bedrijf staat. Die sensoren zijn kleine meeteenheden die regelmatig gegevens over het waterpeil doorsturen. Die permanente stroom gegevens integreert Fluves met computermodellen en data-analyse. Zo kan het overheden en bedrijven op voorhand verwittigen van dreigend overstromingsgevaar. Fluves is een ingenieursbureau dat prat gaat op zijn hydrologische kennis. Het valt op door zijn combinatie van hardware en software. De peilsensoren van Fluves zijn bijvoorbeeld een toepassing van het internet der dingen, waarbij sensoren - de hardware - via het internet worden verbonden met software. Volgens Sacha Gobeyn laat werken met zo'n betaalbare sensortechnologie toe om competitieve prijzen te hanteren. Het in 2014 opgerichte bedrijf, dat werd gesteund door de acceleratieprogramma's van Besix, imec en Start it@KBC, zag een gat in de markt voor wat Niels De Vleeschouwer, modellingexpert bij Fluves, "ruimtelijk verdeeld meten" noemt. Vaak wordt gemeten op één plaats of op verschillende meetpunten, maar slechts op één tijdstip. "Bij ruimtelijk verdeeld meten kun je op veel plaatsen tegelijk meten. Vaak zijn er lokale knelpunten, zoals een verstopping. Het is daarom belangrijk dat je gerichter meet, zodat je je maatregelen kunt aansturen op basis van zo lokaal mogelijke informatie", legt De Vleeschouwer uit. Fluves, dat ook actief is in Nederland en Duitsland, zag de interesse voor zijn technologie in eigen land na eerdere rampen toenemen. De Vlaamse Milieumaatschappij en de provincie Antwerpen zijn klant. De peilsensoren zijn maar een van de toepassingen van Fluves, dat met elf mensen werkt, een omzet van 800.000 euro draait en streeft naar 30 procent groei per jaar. Fluves gebruikt zijn monitoring- en data-analysetechnologie ook voor hoogspanningskabels van windmolenparken op zee of om dichtslibbende riolen of dijken in de gaten te houden. Onder meer Jan De Nul en DEME deden al een beroep op die technologie. Oprichter Thomas Van Hoestenberghe hoopt dat de producten van Fluves een alternatief kunnen zijn voor inspectieboten en onbemande onderzeeërs, zei hij eerder in Trends. Omdat ook glasvezeltechnologie veel potentieel biedt om ruimtelijk verdeeld te meten en daar data-analyse aan te koppelen, richtten Van Hoestenberghe en zijn medezaakvoerder Roel Vanthillo in 2017 met Marlinks een tweede bedrijf op, dat zes medewerkers telt. Marlinks is een joint venture met Parkwind, het windmolenparkbedrijf van Colruyt Groep, en specialiseert zich in offshore stroomkabels.