"

Wanneer al mijn klanten zullen zijn overgeschakeld op ons circulaire aanbod? Ik hoop dat er elk jaar bij komen, en dat we mettertijd de helft kunnen overtuigen." Guido Vandenabeele, de CEO van Brands On, blijft met de voeten op de grond. Zijn bedrijf levert promotionele parasols en neon- en led-lichtreclames aan meer dan zestig grote drankenmerken wereldwijd.

De zakenman uit het Oost-Vlaamse Beveren lanceerde begin dit jaar het PaaS-model: parasols as a service. Traditioneel kochten zijn klanten de parasols bij Brands On en gaven ze dan aan horecazaken. "Die werden niet allemaal even goed onderhouden, waardoor de levensduur werd ingeperkt."

De oplossing was de parasols te leasen. Gedurende drie tot vijf jaar verzorgt Brands On het onderhoud, inclusief winterse reparaties, en het neemt daarna de recyclage op zich. Het aanbod blijft voorlopig beperkt tot de Benelux, al wordt over de grens gezocht naar partners voor het onderhoud. Al twee klanten stapten over. "Ik merk veel interesse, maar het is een ingrijpende verandering", zegt Vandenabeele. "Onze klanten moeten van een capex-model, met investeringen en activa op hun balans, naar een opex- model, waarbij ze huur betalen."

Onbenut potentieel

Nieuwe werkwijzes vergen aanpassingen, merkte ook Mieck Vos, de algemeen directeur van de Vlaamse Vereniging van Steden en Gemeenten (VVSG). De organisatie koos in haar nieuwe kantoorgebouw een circulair model voor de verlichting en de vloerbedekking. "We huren een bepaalde kwaliteit in: zoveel licht, zoveel loopbewegingen, zo snel correcties als iets hapert, een bepaald niveau van netheid. Het helpt producenten om meer na te denken over kwaliteit en duurzaamheid."

Steden zoals Kortrijk, Leuven en Mechelen volgen het voorbeeld van de VVSG. Toch is de circulaire economie - dat materialen en producten zo hoogwaardig mogelijk blijft inzetten - nog lang niet matuur. Zowel voor de vloerbedekking als voor de verlichting van de VVSG waren er twee aanbieders, het minimum voor een openbare aanbesteding.

Het volledige marktpotentieel van de circulaire economie wordt nog lang niet benut, stelt een rapport van dienstverlener Econocom Lease. Vooral het gebrek aan aangepaste financiering zet een stevige rem op de doorbraak van de circulaire economie. "Voor een gemiddelde kmo is dat een uitdaging. Je botst bij veel bankiers nog vaak op een nee, of op een ja met zware onderpanden", constateren Hilde Janssens, expert circulair ondernemen, en Christian Levie, deputy managing director van Econocom Lease.

Econocom werd groot in de digitale transformatie. Veel ICT-bedrijven zijn het gewend hun materiaal te leasen. De Belgische tak breidt die ervaring de jongste jaren uit naar andere sectoren. Econocom helpt bedrijven met een circulaire ambitie kredietdossiers samen te stellen, het neemt soms activa op de balans of het maakt de financiering via andere mechanismes mogelijk. De circulaire poot moet eind dit jaar goed zijn voor 10 procent van de omzet.

Er beweegt wel het een en ander. De website van Vlaanderen Circulair, het publiek-private partnerschap dat alle krachten rond het thema bundelt, puilt uit van de circulaire initiatieven, zoals daklandbouw, de babytheek en circulaire sneakers. De organisatie lanceerde al twee green deals en bereidt er nog voor, vertelt woordvoerder Sam Deckmyn. "Aan de eerste deal namen 150 bedrijven deel, die zich engageerden om twee aankopen circulair aan te pakken, of het nu potloden waren of een kantoorgebouw. Nu loopt er een deal rond de bouw, waar 300 bedrijven aan deelnemen."

Hoge ambitie

Jeroen Van den Bossche, de CEO van Buro International uit Maldegem, dat circulair kantoormeubilair als een dienst aanbiedt, merkt dat er een kloof gaapt tussen de hoge ambitie van de overheid en de praktijk. "Je kan wel vragen dat een meubelleverancier de oude meubels recycleert, maar soms weet je niet waar een meubel vandaan komt en hoe het in elkaar steekt. Onze circulaire omzet is nog vrij klein, maar die kan alleen maar groeien. Alleen is er een administratieve last en is de financiering vaak een probleem."

Soms botst de circulaire economie ook op de markt zelf. Het Antwerpse Mobile Locker verhuurt verplaatsbare opbergruimtes. Die worden onder meer op festivals en aan de kust gebruikt. Medeoprichter Jef van Hyfte: "We dingen mee naar openbare aanbestedingen, al verwacht ik de eerste resultaten pas in 2020. Privébedrijven kiezen doorgaans voor een aankoop, omdat ze meer kunnen verdienen door de lockers zelf te verhuren."

"Ik zou liegen als ik zeg dat onze leasetrolleys de markt hebben veroverd", geeft ook Theo Alsemgeest toe. De CEO van het Nederlandse Aerocat lanceerde in 2008 als eerste plastic trolleys voor de bedeling van maaltijden in vliegtuigen. Drie jaar later begon het die te leasen. Sinds vorig jaar is er, in samenwerking met 's werelds grootste luchtcateraar gategroup, een aanbod om de trolleys en de maaltijden als een dienst te leveren. "We onderhandelen daarover met zes luchtvaartmaatschappijen. Als buitenstaander is het een no-brainer. Maar het proces van volledige ontzorging is voor traditionele maatschappijen een hele stap."

Financiers

Het Econocom-rapport beschrijft de problemen waar circulaire ondernemers op botsen en geeft aanbevelingen aan bedrijven, overheden en financiële dienstverleners. "Een bedrijf dat volledig circulair gaat, ziet zijn omzet en rendabiliteit dalen, heeft plots veel meer activa en schulden op de balans en verveelvoudigt zijn boekhouding", zegt Christian Levie. "In plaats van één factuur heeft het er nu elke maand één, los van de extra contracten. Bovendien moet het nog logistieke processen opzetten om zijn goederen terug te nemen, te herstellen, enzovoort."

"Je hebt een partij nodig die alle stappen coördineert en die vertrouwen creëert tussen alle partijen: de producent, de klant, de installateur, het recyclagebedrijf, de financiële instellingen", zegt Janssen. "Financieel is het complexer", merkt ook Vandenabeele van Brands On. "Traditioneel produceren wij onze parasols in Zuid-Afrika, en verkopen we die door. Nu krijgen we een gespreide terugbetaling. Doordat Econocom die activa op zijn balans neemt, hebben we dat probleem opgelost."

Een onderzoek van adviesbureau The Boston Consulting Group bij 78 multinationals gaf aan dat 32 tot 47 procent van die bedrijven al circulaire projecten heeft rond aankoop, ontwerp, productie en recyclage. Slechts 12 procent experimenteert met een businessmodel dat producten als een dienst aanbiedt.

"De risico's steken nog te veel af tegen het potentiële rendement", verklaart Janssens het verschil. "Er bestaan instrumenten om het investeringsrisico te verdelen over meerdere partijen, zoals kredietverzekeraars of garantiefondsen, maar ze worden te weinig gebruikt. Van de tienduizenden leasecontracten werken er slechts zeven met het Waarborgbeheer van de overheidsinvesteringskoepel PMV. Bankiers kijken bij een kredietanalyse naar het eigen vermogen, en te weinig naar de waarde die wordt gecreëerd of de langetermijnrelatie met een winstgevend bedrijf."

Mindset veranderen

Philip Marynissen, facilitator circulaire economie bij Vlaanderen Circulair, nuanceert dat er constructief wordt samengewerkt met de financiële sector, al is er zeker nog werk aan de winkel. "Niet zozeer voor de grote bedrijven. Die dekken doorgaans makkelijker hun risico's af en kunnen zich een experiment veroorloven. Voor kleine ondernemingen is het aanbod bij de banken nog te weinig aangepast aan de behoeften van ondernemingen die circulair willen werken."

"We zijn ons bewust van het groeiende belang van de circulaire economie", stelt Isabelle Marchand, de woordvoerster van de bankenfederatie Febelfin. "De Belgische Lease Vereniging (BLV) werkt volop aan een tekst. Die houdt een engagement van de sector in, maar beschrijft ook aan welke criteria deals moeten voldoen om in aanmerking te komen voor financiering." Al wordt ook gerekend op de overheid om een aantal hinderpalen weg te werken. Zo moeten er goede garantieregelingen worden ontwikkeld en moet investeringsondersteuning kunnen worden uitgebreid naar gedeelde of verhuurde producten en tweedehandsmateriaal.

"De grootste uitdaging is het veranderen van de mindset", concludeert Alsemgeest. "Het concept is goed, maar de mensen zelf zijn dikwijls de belemmering. Het gaat niet zozeer over onze trolleys, wel om mensen overtuigen dat ze daarmee beter af zijn dan met wat ze nu hebben. Maar ik ben niet somber. De goede dingen komen almaar meer bovendrijven, en daar moet de industrie op inhaken. Het gaat om geld verdienen, maar ook om veel meer dan dat."