Samen met de nieuwe CEO Guillaume Boutin presenteerde Geert Standaert in maart, tijdens de lockdown, via het internet de nieuwe strategie van Proximus. De investeringen in betere infrastructuur staan daarin centraal. Het gaat dan om het supersnelle mobiele 5G-netwerk, maar vooral om glasvezel.
...

Samen met de nieuwe CEO Guillaume Boutin presenteerde Geert Standaert in maart, tijdens de lockdown, via het internet de nieuwe strategie van Proximus. De investeringen in betere infrastructuur staan daarin centraal. Het gaat dan om het supersnelle mobiele 5G-netwerk, maar vooral om glasvezel. Proximus kan zijn internetklanten tot 250 megabit per seconde aanbieden via de koperen VDSL-aansluiting. Die techniek botst stilaan tegen zijn fysieke limieten, en dus wil het de aansluiting thuis en de lijn naar de verdeelkast op straat vervangen door het veel snellere glasvezel, dat 1 gigabit per seconde en meer aankan. In 2016 kondigde Proximus al de omschakeling aan, maar nu wordt het gaspedaal stevig ingeduwd. "Proximus wil jaarlijks de aansluiting van 400.000 gezinnen vernieuwen om tegen 2025 meer dan 2,4 miljoen huishoudens op glasvezel aangesloten te hebben", zegt CTO Geert Standaert. Proximus investeert daarvoor jaarlijks tot 1,3 miljard euro. Dat is ook nodig, want glasvezel is heel duur. De hoge kosten zijn een belangrijke drijfveer om naar een 'volledig open netwerk' te evolueren, dat beter benut wordt en dus sneller de zware investeringen terugverdient. Proximus moet al sinds 2001 zijn netwerk openstellen, maar dit gaat veel verder, zegt Standaert. "Het netwerk zal openstaan voor iedereen die er diensten op wil aanbieden. Het ligt voor de hand dat we eerst in onze sector kijken, naar Orange bijvoorbeeld. Maar iedereen is welkom, ook Telenet. En we zien het ook ruimer, start-ups en scale-ups kunnen het bijvoorbeeld gebruiken voor innovatieve toepassingen. Ze kunnen via Proximus meteen het hele land bestrijken. We bieden de mogelijkheid om eigen apparatuur in onze knooppunten te plaatsen en we maken ons netwerk zo flexibel mogelijk door er een digitale laag boven te leggen. Daardoor kunnen we het netwerk telkens heel efficiënt op maat configureren. Het aantal interventies ter plaatse door technici kunnen we daardoor ook beperken." En daar blijft het niet bij. Proximus sloot een samenwerking met Microsoft om diens clouddiensten in de lokale netwerkknooppunten te integreren. Het maakt van zijn knooppunten eigenlijk minidatacenters. Daardoor kunnen bedrijven onlinediensten aanbieden of gebruiken die met een extreem hoge reactiesnelheid gepaard gaan, want de data worden zo dicht mogelijk bij de klant of het uiteinde van het netwerk verwerkt. "Die zogenoemde edge cloud-functionaliteit zie je vooral bij veel grotere telecomspelers als AT&T en Vodafone in het buitenland", vertelt Standaert. "Maar we geloven sterk in het potentieel voor België. Geen haperingen en vertragingen, waardoor de meest uiteenlopende nieuwe toepassingen mogelijk worden. Denk maar aan virtual reality, dat een veel betere ervaring kan bieden voor de videochats of telefoontjes die we deden om contact te houden tijdens de lockdown."