De deltavariant doet de zorgsector wankelen. Ook de thuiszorg. Dat bleek vorige week toen het Wit-Gele Kruis aankondigde dat het in bepaalde regio's in West-Vlaanderen niet langer alle nieuwe zorgaanvragen kon bolwerken. De noodplannen kwamen opnieuw op tafel: meer samenwerking met andere spelers op de thuiszorgmarkt en de afbouw van minder essentiële zorgtaken. "Net zoals in de ziekenhuizen zien we de problemen al drie weken escaleren", verzucht Hendrik Van Gansbeke, de algemeen coördinator van het Wit-Gele Kruis.
...

De deltavariant doet de zorgsector wankelen. Ook de thuiszorg. Dat bleek vorige week toen het Wit-Gele Kruis aankondigde dat het in bepaalde regio's in West-Vlaanderen niet langer alle nieuwe zorgaanvragen kon bolwerken. De noodplannen kwamen opnieuw op tafel: meer samenwerking met andere spelers op de thuiszorgmarkt en de afbouw van minder essentiële zorgtaken. "Net zoals in de ziekenhuizen zien we de problemen al drie weken escaleren", verzucht Hendrik Van Gansbeke, de algemeen coördinator van het Wit-Gele Kruis. Toch benadrukken de thuiszorg- en de thuishulporganisaties dat niemand wordt geweigerd."Dat is de gouden regel", bevestigt Karin Van Mossevelde, de topvrouw van iMens. "We hebben het voordeel dat we geïntegreerd kunnen werken. We kunnen personeelstekorten opvangen door de uren van een thuishulp over meer werkadressen te spreiden, hier en daar schakelen we een traiteur in voor de maaltijden, we doen vaker een beroep op mantelzorgers en werken samen met andere zorgorganisaties. Voorlopig hebben we de zaken nog onder controle, maar er mag niets meer gebeuren." De druk stijgt vooral door personeelstekort. Tot 20 procent van de thuisverpleegkundigen kan niet gaan werken, hetzij omdat ze zelf zijn besmet, hetzij omdat ze door de strikte quarantaineregels of oververmoeidheid niet kunnen werken. In die zin verschilt de vierde golf van de vorige drie. "De toenemende besmettingsgraad bij kinderen maakt dat de infectie ook rondwaart in de gezinnen van veel van onze verpleegkundigen", verklaart Van Gansbeke. "Daardoor zijn ze vaker nodig thuis. Dus hebben wij meer uitval bij ons personeel dan in de vorige golven." Bovendien blijkt het langdurige engagement ook zijn tol te eisen. Er is de afgelopen twee jaar uitvoerig een beroep gedaan op het zorgpersoneel om extra inspanningen te leveren in de test- en vaccinatiecentra. "We merken nu dat onze mensen aarzelen om extra inspanningen te doen", zegt Van Gansbeke. "Dat komt meer door hun persoonlijke situatie dan door een daling van hun verantwoordelijkheidszin." Dirk Broos, de voorzitter van het Wit-Gele Kruis, voegt daaraan toe: "Er was ook altijd een perspectief dat de epidemie op een bepaald moment afgelopen zou zijn. De realiteit is dat dat moment maar niet komt. Elke keer dat er ruimte komt voor rust, begint een nieuwe golf. Dat weegt op de moraal. Niet veel mensen hadden twee maanden geleden gedacht dat we opnieuw op dit punt zouden komen. De rek is eruit. En dat geldt voor zowel de ziekenhuizen als de woon-zorgcentra als de thuisverpleging. Ik begrijp niet goed dat de samenleving in zo'n context aarzelt om het nachtleven te sluiten, terwijl het gezondheidssysteem op instorten staat. Uiteindelijk is de gezondheidszorg gebouwd op de inzet van mensen. Die inzet is eindig, en voor het eerst ervaren we hoe dicht we op de limiet zitten." Net als in eerdere fases van de pandemie gaan de thuiszorgorganisaties meer samenwerken. Een voorbeeld daarvan is de zogenoemde cohortzorg. Dat is thuiszorg voor personen met een vermoedelijke covid-19-besmetting. Een vaste ploeg van zorg- en verpleegkundigen neemt de zorg voor die patiënten over, aangestuurd vanuit gemeenschappelijke schakelzorgcentra. Van Gansbeke: "Alle maatregelen die we hadden uitgewerkt, kunnen we nu in verbeterde vorm voortzetten. Dat loopt. Alleen is het voor de medewerkers minder gemakkelijk om in die cohortzorg te participeren. Dat gebeurt op basis van vrijwilligheid. Je vraagt extra inspanningen van de mensen. Daarover zijn afspraken met de vakbonden gemaakt. We proberen die ook te respecteren, alleen zien we dat onze mensen aan het einde van hun Latijn zitten." Dat komt ook doordat de ziekenhuizen extra snel patiënten naar huis sturen, om bedden vrij te maken. "In onze organisatie verzorgen 6.000 verpleegkundigen dagelijks 65.000 patiënten", zegt Dirk Broos. "We merken een verschuiving naar zwaardere verpleegkundige zorg. Dat leidt hier en daar tot een tijdelijke afbouw van basiszorg. Waar we kunnen, moeten we inkrimpen, zodat we de patiënten die het het meest nodig hebben, ook medische zorg kunnen bieden. Die signalen krijgen we uit elke provincie." Concreet bekijkt het Wit-Gele Kruis dan bijvoorbeeld of een patiënt elke dag gewassen moet worden door een thuisverpleegkundige. Misschien volstaat twee keer per week? De andere dagen kan een mantelzorger of iemand van Gezinszorg inspringen. "We bekijken de situatie en de beschikbare middelen om keuzes te maken zonder de patiënt in de steek te laten", zegt Van Gansbeke. "Als we het zelf niet kunnen doen, bevelen we een collega aan die zaken kan overnemen. Een patiënt zal nooit zonder antwoord blijven." De meeste klanten in de thuiszorg zijn 75-plussers. "Dat waren belangrijke risicogroepen tijdens de eerste en de tweede golf, maar nu lijkt de situatie bij hen beter, omdat ze grotendeels al hun boosterprik hebben gekregen", zegt Van Mossevelde. Van grote drama's is voorlopig geen sprake. Het bezoek van de thuishulp of de verpleegkundige is voor die doelgroep ook sociaal erg belangrijk. Vaak zien ze niemand anders op een dag. Over het algemeen reageren de patiënten geduldig en positief op aanpassingen. "De polarisering in de rest van de maatschappij speelt bij hen minder nadrukkelijk", zegt Van Gansbeke. "Al merken we wel dat sommige patiënten willen weten of een verpleegkundige gevaccineerd is, en of hij of zij ook bij niet-gevaccineerde patiënten moet komen. Die vragen krijgen we geregeld. Het antwoord is duidelijk: wij zijn er voor iedereen." Tot vorige week leek de coronacrisis trouwens een beetje weg in de hoofden van de patiënten. Verpleegkundigen moesten nadrukkelijk vragen om mondmaskers aan te houden tijdens de zorg. De recente verstrenging die het Overlegcomité de maatschappij opgelegd heeft, brachten daarin verandering. "Ik denk dat mensen niet voldoende beseffen hoe erg het is gesteld in de gezondheidszorg", zegt Broos. "Ze laten te gemakkelijk de basisregels varen en maken zich druk over of je al dan niet met vijftien mensen een vakantiehuis mag huren. Voor ons komt de discussie over telewerk een beetje futiel over. Iedereen verlangt ernaar weer normaal te kunnen werken. Maar het ziet ernaar uit dat we met de pandemie moeten leren leven. Ik respecteer uiteraard de andere sectoren, maar ik zou graag hebben dat we een plan op tafel leggen dat op lange termijn voor alle sectoren leefbaarheid ambieert. Nu redeneert iedereen in termen van tijdelijk iets doen, om dan weer naar het normale terug te keren. Ik denk dat we ons veeleer moeten afvragen hoe we de maatschappij zo inrichten dat we op lange termijn kunnen omgaan met een virus. De eerste signalen dat de deltagolf stilaan zijn piek heeft bereikt, zijn er. Maar er komt weer geen rust, want de omikronvariant staat al klaar. Daarom juist moeten we eerder leren leven met het virus dan te dromen van een periode erna."