'De bankierseed richt zich veeleer op bankbedienden dan op de banken zelf. Het voegt een nieuwe laag sancties, organen en procedures toe aan een toezichtkader en een sanctiearsenaal die al heel uitgebreid waren. Het voorstel is dan ook een gemiste kans om met écht inhoudelijke maatregelen de cultuur en deontologie in de financiële sector te versterken zoals we zelf hadden voorgesteld', zegt Febelfin-CEO Karel Van Eetvelt woensdag.

De sectorfederatie beklemtoont dat het voor haar ook belangrijk is om het vertrouwen in de financiële sector te versterken. Maar het voorstel van Febelfin om een 'Raad voor Goede Praktijken' op te richten, haalde het niet. 'Dat onafhankelijke orgaan zou dan het integriteitsbeleid van de financiële instellingen systematisch doorlichten. De Kamercommissie heeft dat alternatief echter niet ten gronde onderzocht', betreurt Febelfin.

Ook het feit dat de Kamercommissie geen advies heeft ingewonnen bij de Raad van State, bij de Nationale Bank en de FSMA, krijgt kritiek. De Kamerleden verkiezen om een bankierseed in te voeren. De sectorfederatie vreest dat dit verregaande gevolgen zal hebben voor bankmedewerkers. 'De eed heeft een louter repressieve aanpak. Wie een deontologische fout maakt, kan een tuchtsanctie krijgen. En dat kan gaan tot een levenslang beroepsverbod', luidt het.

Volgens Febelfin discrimineert het voorstel ook bankmedewerkers tegenover medewerkers van andere financiële instellingen zoals beursvennootschappen of financiële planners. Ter illustratie: het teloorgegane Optima was een financieel planner. 'Wij hebben dan ook grote vragen bij de grondwettelijkheid van het voorstel', klinkt het bij Febelfin. Het wetsvoorstel moet wel nog aangenomen worden door de voltallige Kamer.