In maart werd Chris Peeters verkozen tot 37ste Trends Manager van het Jaar. De CEO van de hoogspanningsnetbeheerder Elia Group blikt terug op 2022, dat in het teken staat van een nooit geziene energiecrisis en het pittige debat over hoe we klimaat en economie kunnen verzoenen.
...

In maart werd Chris Peeters verkozen tot 37ste Trends Manager van het Jaar. De CEO van de hoogspanningsnetbeheerder Elia Group blikt terug op 2022, dat in het teken staat van een nooit geziene energiecrisis en het pittige debat over hoe we klimaat en economie kunnen verzoenen.CHRIS PEETERS. "Dat eiland is cruciaal. Het maakt het mogelijk om de windenergie van de nog te bouwen Prinses-Elisabeth-zone efficiënt aan land te brengen. Het wordt het eerste knooppunt van een internationaal elektriciteitsnet op de Noordzee en zal bijvoorbeeld rechtstreeks verbonden worden met een soortgelijk knooppunt in Denemarken. Met dat eiland zet België een grote stap voorwaarts in de energietransitie. We zijn een dichtbevolkt, heel welvarend land met een grote industriële sector, maar we hebben een beperkt potentieel aan hernieuwbare energie, terwijl die een must is om de transitie zonder welvaartsverlies te realiseren."Om de energiefactuur onder controle te houden en onze industrie te behouden, moeten we onze toegang tot hernieuwbare energie snel uitbouwen. Dat betekent dat we ons goed moeten connecteren met regio's die een overschot aan groene stroom hebben. De geopolitieke vraag is met wie je connecties legt. We hebben al een overeenkomst met Denemarken (Triton-link) en praten met het Verenigd Koninkrijk over een tweede interconnector (Nautilus-link)." PEETERS. "Vandaag zijn we ook heel afhankelijk van het buitenland, want we hebben nauwelijks eigen energiebronnen. De factuur voor fossiele brandstoffen is volatiel en staat gelijk met verarming. Je kunt die vervangen met meer interne of Europese energieproductie op basis van stabiele stroomprijzen die structureel lager zijn dan vandaag en op lange termijn vastgeklikt kunnen worden. Dat is voor Europa strategisch een enorme spong voorwaarts. Er zal genoeg capaciteit zijn in de omringende landen om in België groene stroom in te voeren. Ons land heeft ooit op de aardgasmarkt snel een strategisch sterke positie kunnen verwerven door de bouw van het knooppunt in Zeebrugge. Nu bekijken we die mogelijkheid opnieuw voor de bevoorrading van waterstof, dat grotendeels van buiten Europa zal worden ingevoerd. We kunnen nu een strategische plek in de waterstofketen verwerven, als we onze sterktes als draaischijf opnieuw snel uitbouwen." PEETERS. "We mikken vooral op nieuwe activiteiten in de Verenigde Staten en Europa. We bestuderen een aantal projecten en sloten samenwerkingsakkoorden met Amerikaanse elektriciteitsbedrijven. Infrastructuurprojecten hebben echter een lange doorlooptijd. De eerste worden pas tegen eind dit decennium in gebruik genomen. Maar WindGrid opereert op een markt die exponentieel groeit. De Verenigde Staten hebben nog geen offshore windenergie, maar zullen Europa snel inhalen. Europa wil de bestaande capaciteit van offshore windenergie minstens verviervoudigen tegen 2030, en dan nog eens vervijfvoudigen tegen 2050. We kunnen onze expertise verzilveren op die markten. Onze Amerikaanse partners kijken met grote ogen naar onze realisaties in Europa. WindGrid wordt een belangrijke pijler van de groep." PEETERS. "Onze strategie stoelt op de begeleiding van de energietransitie en is dus relevanter dan ooit. We willen de uitvoering van die strategie nog versnellen. Ons investeringsprogramma kan worden opgevoerd als we de flessenhalzen oplossen. Een ervan is het vergunningsprobleem. In België neemt een vergunningsprocedure gemiddeld achtenhalf jaar in beslag, wat uiterst lang is, gezien de urgentie van de energietransitie. Europees Commissievoorzitter Ursula von der Leyen heeft gezegd dat een vergunning binnen het jaar moet kunnen, maar dat lijkt me erg optimistisch. Je moet toch de tijd nemen om tot een maximale aanvaarding van alle belanghebbenden te komen."PEETERS. "Ik begrijp de keuze om de levensduur van de kerncentrales te verlengen in het midden van een energiecrisis. Maar het is geen oplossing op lange termijn. Mensen hebben nog altijd het idee dat kernenergie goedkoop is. Dat klopt voor de kernenergie uit de bestaande centrales, die afgeschreven zijn. Maar dat klopt niet voor nieuwe kerncentrales. De kostprijs per megawattuur kernenergie ligt ver boven de prijs van hernieuwbare energie. Er komt geen nieuwe businesscase voor kernenergie, tenzij de overheid de politieke keuze maakt om kernenergie te subsidiëren. Wat de kosten voor de nieuwbouw van bijkomende capaciteit betreft, is hernieuwbare energie onverslaanbaar. De echte oplossing voor onze energiebevoorrading is dus de snelle uitbouw van hernieuwbare energie." PEETERS. "Je praat dan over een heel beperkte periode van zogenoemde dunkelflaute in de winter, als er te weinig wind en zon is. Die back-up heb je doorgaans minder dan 200 uur per jaar nodig. De ideale back-upcapaciteit is er daarom een met lage investeringskosten, zoals een aardgascentrale. De operationele kosten en zelfs de koolstofuitstoot zijn dan minder relevant, gezien het beperkte aantal draaiuren. Vandaag kunnen we de dunkelflaute opvangen met de bestaande stuurbare centrales. Over twintig jaar zullen we moeten kiezen tussen ofwel de bestaande centrales mét koolstofopslag, ofwel centrales op waterstof of een andere groene molecule, ofwel kleine kerncentrales van het SRM-type. Het urgente probleem is het opvangen van de productieschommelingen op dag- en weekbasis. Maar de oplossing is steeds dezelfde: geef de uitbouw van hernieuwbare energie een extreme boost. Ga all-out. Leg je daken vol zonnepanelen. Ontwikkel zo snel mogelijk windparken op zee. Daar zal je nooit spijt van krijgen." PEETERS. "Het werd erg geapprecieerd door onze werknemers. Het is een erkenning voor de grote stappen die wij als team gezet hebben. Met zijn inzicht in de bevoorradingszekerheid is het team van Elia wereldklasse. Ook ons team dat offshore projecten uitwerkt, is naar wereldklasseniveau geëvolueerd. Onze stem in het debat over de energietransitie wordt gehoord. We waken erover dat de bevoorradingszekerheid niet in het gedrang komt. Wij zijn daarbij neutraal en voeren het beleid uit. De buitenwereld begrijpt dat niet altijd even goed. Onze mensen staan soms onder heel zware druk. "Ik word vaker gevraagd als spreker. Het is mijn rol om de complexe energietransitie uit te leggen. Ik ga graag in discussie met mijn publiek. Zo ontdek je ook wat er leeft op de markt en wat de bezorgdheden van de mensen zijn. Die titel heeft de drempel verlaagd om deel te nemen aan het energiedebat. Heel wat mensen hebben ontdekt dat ik meer ben dan die man van de transformatoren en de hoogspanningslijnen." PEETERS. "Als CEO van een beursgenoteerd bedrijf loop je hoe dan ook in de kijker. Die aanbiedingen komen en gaan, maar niet meer dan vroeger. Maar ik sta voor een snelle energietransitie. In die zin zit ik bij Elia op de juiste plaats." PEETERS. "Het strategische belang van Ventilus en Boucle Du Hainaut kan niet worden overschat. Die projecten zijn essentieel om de uitbouw van hernieuwbare energie en de elektrificatie van de economie mogelijk te maken. Zonder Ventilus schiet je op termijn in eigen voet. Ook de West-Vlaamse industrie en de datacenters in Henegouwen zoeken toegang tot goedkope hernieuwbare energie. Dat is pas mogelijk als je over een stevig hoogspanningsnetwerk beschikt. Wellicht zijn Ventilus en Boucle du Hainaut niet de laatste stappen om ons netwerk te versterken. De vraag naar elektriciteit zal tegen 2050 verdubbelen. Je moet een netwerk bouwen dat die verdubbeling aankan. Zo vermijd je ook toestanden zoals in Nederland, waar bedrijven niet meer kunnen uitbreiden bij gebrek aan transmissiecapaciteit. Nederland wilde tot elke prijs overcapaciteit vermijden. Dat is extreem goed gelukt, want ze hebben nu te weinig capaciteit. Je moet anticiperen op de stijgende elektriciteitsvraag van de industrie." PEETERS. "Alle experts komen tot dezelfde conclusie. Het argument dat het in Duitsland ondergronds kan, gaat niet op. Elia bouwt in Duitsland een ondergrondse lijn. Onze ingenieurs in Duitsland zijn niet intelligenter dan die in België. Maar in Duitsland bouwen we ook bovengrondse lijnen. De keuze voor een boven- of ondergrondse lijn hangt af van de situatie." PEETERS. "Dat klopt. We staan daarbij voor een grote discussie. Als we de energietransitie willen versnellen, moeten we voldoende kapitaal kunnen aantrekken. Dat lukt alleen als je dat kapitaal een gepast rendement biedt, gezien het risicoprofiel van de activiteit. De voorbije jaren zag je een bijna onbestaande inflatie en een dalende trend van de risicovrije langetermijnrente. Dat werd door de regulatoren vertaald in een dalende vergoeding op ons kapitaal. Dat was ook logisch. Maar de context is helemaal veranderd. We zitten in een inflatoire omgeving met stijgende rentevoeten. Dat moet zich ook vertalen in het rendement dat onze investeerders kunnen verdienen. "Als wij geen kapitaal meer kunnen aantrekken omdat investeerders in andere sectoren betere rendementen vinden voor een investering met eenzelfde risicoprofiel, kan een gebrek aan infrastructuur een flessenhals worden in de klimaattransitie. Dat zou een grote fout zijn. We zijn geen bedrijf dat op zoek is naar overrendementen. We zijn tevreden met een beperkte faire return, omdat we van de regulatoren stabiliteit krijgen, maar de nieuwe context van stijgende rentevoeten moet in rekening worden gebracht. In Duitsland wordt nagedacht over de verhoging van de faire return. We moeten dezelfde discussie in België opstarten."PEETERS. "Zeker. Wij zien hernieuwbare energie niet als een bron van onbetrouwbare, volatiele energie, zoals we nog vaak horen. De productie van hernieuwbare energie is eigenlijk vrij voorspelbaar, maar je moet het systeem zo flexibel mogelijk maken, ook aan de vraagkant. Vandaag worden de batterijen van elektrische auto's bijna omgekeerd gebruikt. Mensen steken de stekker van hun auto in als ze thuis komen. Als iedereen dat over enkele jaren doet, krijgen we een enorme piek in het stroomverbruik, boven op de bestaande pieken. Je moet niet wachten tot er 1 miljoen elektrische auto's en 1 miljoen warmtepompen zijn om de vraag te sturen. Ook autoconstructeurs als Volkswagen moeten hun perspectief aanpassen. Van 'stekker insteken en laden' moet het gaan naar 'voldoende geladen bij de start van de rit tegen de laagste kosten'. Met een grotere flexibiliteit aan de vraagkant hoeven we geen extra flexibiliteit aan het systeem toe te voegen in de vorm van grote batterijen of gascentrales. Dat bespaart ons veel geld."PEETERS. "Ja. Het CRM is het juiste concept. We doen op die manier op een competitieve manier aan capaciteitsplanning. Het is een essentieel instrument dat we de volgende jaren nodig hebben. Ook de Europese Commissie ziet dat meer en meer als een cruciaal onderdeel van het marktmechanisme. Het helpt op termijn met de uitfasering van fossiele centrales en legt de basis voor een stabiel investeringskader, zodat het risico op stroomtekorten afneemt." PEETERS. "We publiceren op 18 november een belangrijke studie over het efficiënt koolstofvrij maken van de industrie en de impact daarvan op het hoogspanningsnet. De elektrificatie van de economie en de versnelde uitbouw van hernieuwbare energie combineren de behoeften van het klimaat en de economie op de meest efficiënte manier. Bedrijven hebben begrepen dat wie het verst staat in de energietransitie, het minst kwetsbaar is voor deze energiecrisis. Een aantal bedrijven heeft bijvoorbeeld een langetermijncontract met een windpark voor de afname van elektriciteit. Toen ze die contracten twee jaar geleden sloten, betaalden die bedrijven een premie voor die groene stroom, maar vandaag zijn dat hun goedkoopste aankoopcontracten. Bedrijven vervangen op die manier een prijsrisico op fossiele bevoorrading door prijsstabiliteit die de concurrentiekracht op lange termijn kan beschermen en onze industrie kan verankeren. Ook mensen met zonnepanelen en warmtepompen hebben vandaag minder te lijden onder de energiecrisis."