Als één bedrijf geknipt is voor een beursnotering, dan wel de tapijtproducent Balta, want de beurs is de gezonde en noodzakelijke tapijtenhandel van het kapitalisme. Door dagelijks aandelen te versjacheren, wordt kapitaal versluisd van de zwakke naar de sterke bedrijven. Dat maakt economische groei mogelijk. Balta is daarom een welkome versterking voor de Brusselse beurs, die nog grotere introducties kan gebruiken om de aandelencultuur nieuw leven in te blazen. Hopelijk werkt Balta inspirerend voor andere Vlaamse of Belgische kampioenen om hun groei te financieren met wat meer risicokapitaal, en waarom niet wat meer van eigen bodem. Uw spaargeld slaapt niet, maar een snuifje extra risico opzoeken op de beurs kan geen kwaad, noch voor uw koopkracht, noch voor het groeipotentieel van de economie.
...

Als één bedrijf geknipt is voor een beursnotering, dan wel de tapijtproducent Balta, want de beurs is de gezonde en noodzakelijke tapijtenhandel van het kapitalisme. Door dagelijks aandelen te versjacheren, wordt kapitaal versluisd van de zwakke naar de sterke bedrijven. Dat maakt economische groei mogelijk. Balta is daarom een welkome versterking voor de Brusselse beurs, die nog grotere introducties kan gebruiken om de aandelencultuur nieuw leven in te blazen. Hopelijk werkt Balta inspirerend voor andere Vlaamse of Belgische kampioenen om hun groei te financieren met wat meer risicokapitaal, en waarom niet wat meer van eigen bodem. Uw spaargeld slaapt niet, maar een snuifje extra risico opzoeken op de beurs kan geen kwaad, noch voor uw koopkracht, noch voor het groeipotentieel van de economie. De beurs is er ook voor u, al moet u natuurlijk altijd uitkijken dat u geen kat in een zak koopt. In het geval van Balta lijkt dat risico beperkt. Het gemarchandeer tussen institutionele beleggers en begeleidende zakenbanken heeft weliswaar nog geen introductieprijs opgeleverd voor Balta, maar waarnemers spreken over een ondernemingswaarde van 800 miljoen tot 1 miljard euro, wat betekent dat investeerders 8 tot 10 keer de bedrijfscashflow van 2016 betalen. Dat is redelijk fair. De voorbije jaren wist Balta de omzet met 3 procent aan te dikken bij een stijgende winstmarge. Dat is knap. Maar het wordt niet gemakkelijk dat kunstje te herhalen. De sector is matuur en de concurrentie intens. Het potentieel voor winsttoename is daarom beperkt. Balta lijkt eerder een dividendaandeel dan een groeiaandeel, wat een hogere waardering niet toelaat. De beursnotering van Balta is nog geen uitgemaakte zaak. Als eigenaar Lone Star niet de verhoopte prijs krijgt voor de aangeboden aandelen, dan kan Balta alsnog verkocht worden aan een concurrent. Die kans lijkt klein. De aanhoudende lage rente vuurt de 'jacht op rendement' aan, waarbij steeds meer geld op zoek gaat naar extra rendement op de beurs of via durfkapitaal. De cyclus is al vrij ver gevorderd. Bedrijven gaan vlot tegen 10 keer de bedrijfscashflow over de toonbank, wat vrij prijzig is. De banken voorzien de hausse van brandstof door opnieuw scheutig te zijn met kredieten. Deals met een ongemakkelijk grote schuldhefboom passeren opnieuw de kredietcomités. De Europese Centrale Bank waarschuwde al voor de brandhaardjes die ze met haar expansief geldbeleid zelf heeft aangestoken. Maar zolang de kredietkraan openstaat, zal de muziek blijven spelen. Zeker in Europa is de fase van overdrijving nog niet aangebroken. De economie trekt eindelijk aan, de Europese bedrijfswinsten ontwaken nu pas uit een lange Europese winter. De beurzen en de kapitaalmarkten anticiperen op het winstherstel. Volgens berekeningen van de Nederlandse vermogensbeheerder Robeco bedraagt de cyclisch gecorrigeerde koers-winstverhouding (de koers gedeeld door de gemiddelde winst over de voorbije 10 jaar) in Europa 16,5. Dat is nog een kwart onder het veertigjarige gemiddelde van 20,5, en amper de helft van het niveau in de Verenigde Staten. Die graadmeter is niet zaligmakend, maar geeft wel aan dat de beurzen anticiperen op een comeback van de Europese bedrijfswinsten. Ook de particuliere belegger durft opnieuw de teentjes in het beurswater te stoppen, wat doorgaans een signaal is dat de cyclus rijpt. Maar de risicoschuwheid zit diep, en ook via omwegen vindt spaargeld maar moeilijk de weg naar de beurs. De verzekeraars bijvoorbeeld mogen van de toezichthouder nauwelijks nog aandelen kopen, terwijl ze grote sommen beheren die heel wat van onze groeibedrijven extra kapitaal kunnen geven. Buitenlandse financiers vullen de leemte en strijken de winsten van onze kampioenen op. Wij blijven te vaak achter met lage rentevoeten die de inflatie niet terugverdienen. We laten ons de kaas van het brood stelen. De regering kan meer Balta's naar de beurs halen en meer spaargeld mobiliseren als ze stopt met de tapijtenhandel die de fiscaliteit op risicokapitaal is geworden. De roerende voorheffing van 30 procent en een mogelijke meerwaardebelasting rollen allesbehalve de rode loper uit voor risicokapitaal. Politici draaien aan het tarief van de roerende voorheffing, en straks misschien aan het tarief van de meerwaardebelasting, alsof het een thermostaat is die de politieke temperatuur kan regelen. Dat manifeste gebrek aan fiscale stabiliteit richt nog meer schade aan dan de hoogte van het tarief. Beleggers verdienen het niet als speculanten te worden behandeld. Dat zijn de meesten ook niet. En zelfs de speculanten spelen een sleutelrol als cruciale tapijtenhandelaren in ons kapitalisme. Wanneer wordt dat op de tapis-plain in de Wetstraat eindelijk eens begrepen?