Er is al heel wat water naar de zee gestroomd sinds in september 2018 bekend raakte dat de Nederlandse bank ING 775 miljoen euro betaalt omdat haar antiwitwasprocedures niet goed werkten. Daardoor waren wellicht honderden miljoenen aan crimineel geld, vooral afkomstig uit Rusland en het voormalige Oostblok, Europa als wit geld binnengestroomd.

De schikking die ING met het Nederlandse gerecht sloot om strafvervolging af te kopen, kwam vorig jaar nog als een verrassing. Niet enkel omdat het om de hoogste boete ging die ooit in Nederland werd uitgeschreven. Ook omdat verhalen volgden die erop wezen dat ofwel de controlesystemen van ING zo lek als een zeef waren, ofwel dat een en ander gebeurde met minstens impliciet medeweten van de bank.

Geen alleenstaand geval

De voorbije maanden is gebleken dat ING helemaal geen alleenstaand geval is. Een rist Europese banken viel door de mand. Hun antiwitwasbeleid bleek hopeloos te falen. Het lijstje gaat van ING en Rabobank in Nederland, over Deutsche Bank tot BNP Paribas Fortis en nu ook Bank Degroof Petercam in België. Een aantal van die instellingen werd beboet, bij andere loopt het onderzoek nog.

Opmerkelijk is de aanwezigheid van veel Noord-Europese banken, en vooral van de belangrijkste Scandinavische banken, op de lijst. Die genieten doorgaans een solide reputatie in financiële sterkte, goed management en antifraudecontroles. Toch bleken instellingen als Danske Bank, Swedbank en Nordea regelrechte wisselkantoren voor criminelen die hun geld wilden witwassen. Bij Danske Bank en Swedbank leidde dat tot ontslagen aan de top.

Dat de Scandinavische banken er zo diep inzitten, heeft te maken met hun regionale expansie richting de Baltische Staten. Landen als Estland, Letland en Litouwen vormden een natuurlijk uitbreidingsgebied voor Danske Bank, Swedbank en Nordea. Maar precies die landen werden door oligarchen en duistere figuren uit Rusland gebruikt om hun centen te parkeren, en ze van daaruit naar de rest van Europa te transfereren. De lokale dochters van de Scandinavische groepen lieten het passeren en de Baltische toezichthouders hadden onvoldoende kennis en middelen om dat tegen te gaan.

Oogje dichtknijpen

In rapporten over het falende antiwitwasbeleid van de banken komen steevast twee verklaringen naar voren. De eerste is wellicht de belangrijkste: banken halen commercieel voordeel uit het aantrekken van verse middelen en zijn dan ook geneigd een oogje dicht te knijpen voor de oorsprong ervan. ' Business first', wordt dat gedrag omschreven. Nieuwe klanten brengen geld in het laatje, waarom zou je hen dan aan een duur minutieus onderzoek onderwerpen?

Het rapport dat het Openbaar Ministerie in Nederland opstelde over de problemen bij ING toont duidelijk aan dat nieuwe klanten onvoldoende werden nagetrokken en ongebruikelijke transacties onvoldoende werden onderzocht. De bank wordt verregaande laksheid verweten. In Nederland schat de Universiteit Utrecht overigens dat er jaarlijks voor 16 miljard euro geld wordt witgewassen.

Een tweede verklaring is dat de banken te weinig mensen en middelen voor bepaalde controletaken inzetten. Ook dat was een probleem bij ING. De diensten verantwoordelijk voor controle, compliance en AML ( anti money laundering) bleken onderbemand en niet opgewassen tegen hun taak. Ook de IT-systemen bleven in gebreke. Het Nederlandse Openbaar Ministerie wijt dat aan de bezuinigingen en de personeelsafbouw bij de bank.

Sinds de toezichthouders met zware boetes zijn beginnen te zwaaien, zijn de meeste banken in actie geschoten. Ze houden al hun systemen tegen het licht en er worden meer mensen voor antiwitwascontroles ingeschakeld. ING heeft sinds 2016 fors geïnvesteerd in interne controles. Daar hangt een prijskaartje aan, maar ook boetes kosten geld.

Het ratingbureau Moody's becijferde dat Europese banken tussen 2012 en 2018 al voor 16 miljard dollar boetes betaalden wegens een falend antiwitwasbeleid en het overtreden van handelssancties. Daarvan kwam 75 procent in de Amerikaanse staatskas terecht. Maar ook Europese regulatoren voeren de druk op. De Europese Unie keurde een aangescherpte richtlijn met zwaardere boeteclausules goed om de banken aan te zetten hun controlesystemen te verbeteren. Sean Marion van Moody's verwacht dat "de banken verplicht zullen worden zware recurrente investeringen in hun operationele controle en compliance-functies te doen". Hij wijst erop dat dat kan wegen op de rendabiliteit van de sector.

Johan Thijs © DT

Reputatieschade

Naast de kosten van de boetes zijn witwasschandalen ook slecht voor het imago van de banken. Ze hebben amper de negatieve perceptie als gevolg van de crisis van 2008 overwonnen, en nu dreigen ze alweer reputatieschade te lijden. In 2008 was er te weinig aandacht voor de risico's op de balans, nu lijkt er te weinig aandacht voor de risico's die bepaalde klanten met zich brengen.

"Makkelijk is dat niet", waarschuwt een Belgische bankier die liever anoniem blijft. "Je moet natuurlijk klanten en transacties monitoren, maar het gaat dagelijks om miljoenen, vaak digitale transacties. Bovendien dienen de privacyregels gerespecteerd te worden. Als er aanwijzingen voor witwassen zijn, gaat een alarm af. Als het alarm te weinig afgaat, is het natuurlijk niet best. Maar als het alarm te vaak afgaat, dreig je benevolente klanten te treffen."

Zo leidde een aanscherping van de antiwitwasregels in Nederland ertoe dat het landelijke meldpunt Financial Intelligence Unit (FIU) werd overspoeld met nutteloze meldingen. Om het proces te objectiveren, had men de banken verplicht alle transacties naar landen die op een zwarte lijst staan te melden. Dat leidde tot een stortvloed van meldingen, die vaak loos alarm bleken. Dus gaat Nederland de verantwoordelijkheid weer bij de banken zelf leggen, die moeten beoordelen of een transactie verdacht is.

Standard & Poor's zegt dat het onrealistisch is te verwachten dat de banken elke frauduleuze handeling detecteren, maar vindt toch dat de banken meer inspanningen moeten doen in de strijd tegen financiële criminaliteit. Giles Edwards, een analist van S&P Global, bepleit een beter deugdelijk bestuur, en de inzet van slimme technologie en data-analyse om de controles te verbeteren.

Het ratingbureau stelt vast dat niet enkel toezichthouders maar ook investeerders en klanten sneller dan in het verleden een oordeel vellen over banken die in gebreke blijven. "De eerste vraag die analisten mij stellen, is hoe secuur onze controlesystemen zijn", beaamt Johan Thijs, de CEO van KBC Groep.

Europese controle

De Europese Commissie pleit voor een strengere regelgeving en een beter toezicht. Maar tot nader order is dat een nationale materie. Daar knelt volgens DBRS (Dun & Bradstreet) het schoentje. De Europese Centrale Bank (ECB) mag dan het prudentiële bankentoezicht in Europa coördineren, de supervisie op compliance en antiwitwasvoorschriften is in handen van de nationale toezichthouders. Dat leidt tot een heterogene aanpak van het probleem. Een Europese controle zou volgens DBRS veel efficiënter zijn.

Toch ijvert Europa in eerste instantie voor een beter gebruik van de bestaande instrumenten door de nationale toezichthouders, en meer en betere samenwerking en informatie-uitwisseling tussen de toezichthouders over de landsgrenzen heen. Pas in tweede instantie wil de Europese Raad een grotere rol toebedelen aan de European Banking Authority (EBA), het orgaan dat ook de stresstesten voor de banken organiseert.

Het uitgangspunt is dat de EBA ervoor moet zorgen dat de antiwitwasregels in de 28 lidstaten van de Europese Unie op een uniforme wijze worden geïnterpreteerd en toegepast. Indien nodig en alleen in uitzonderlijke gevallen zou de EBA de autoriteit krijgen maatregelen op te leggen aan individuele banken. Maar zover is het nog niet. Het verschuiven van de macht van het lokale naar het Europese niveau blijft politiek bijzonder gevoelig, zeker als het over de financiële sector gaat.

Doordat het toezicht op het antiwitwasbeleid voorlopig nog altijd een nationale materie is, lopen ook de boetes sterk uiteen. In Denemarken verplichtte de lokale toezichthouder Danske Bank een buffer van 10 miljard Deense kroon aanvullend kapitaal aan te leggen. Politici raakten het er wel over eens de anti-witwasregels strenger te maken en het plafond voor boetes te verhogen. Maar beboet werd Danske Bank niet. Van een eenvorming Europees beleid om dubieuze geldstromen aan te pakken, is tot nader order geen sprake.

Fintechs zijn in zelfde bedje ziek

Ook de bekendste Europese digitale banken, N26 en Revolut, kwamen de voorbije weken in de storm van antiwitwasdossiers terecht. N26, dat een Duitse banklicentie heeft, werd op de vingers getikt door de Duitse financiële toezichthouder omdat de interne controles gebreken vertonen. Eerder berichtte de Britse krant The Telegraph dat die andere mobiele bank, Revolut, tekortschoot in de strijd tegen witwassen. Fintechspelers als N26 en Revolut zetten in op een snelle groei, maar hun organisatie lijkt niet aangepast om duizenden nieuwe klanten per dag afdoende te screenen. Misschien is het een troost voor de klassieke banken dat hun digitale uitdagers in hetzelfde bedje ziek zijn. In elk geval geldt voor alle partijen: hoe internationaler en ambitieuzer een bank, hoe groter de kans op criminele geldstromen.

16 miljard

dollar boetes betaalden Europese banken tussen 2012 en 2018 wegens een falend antiwitwasbeleid en het overtreden van handelssancties.