Uitgelegd: waarom zijn familiale bedrijven gemiddeld betere beleggingen?

Het aandeel van familiaal geleide ondernemingen zoals Colruyt en Lotus Bakeries brengt op lange termijn meer op dan dat van door externe managers geleide bedrijven. Daar zijn logische redenen voor.
Het jaarlijkse rapport van Credit Suisse Family 1000 volgt de prestatie van 1.061 familiaal geleide beursgenoteerde bedrijven – bedrijven waarvan een of meer families nog altijd minstens 20 procent van de aandelen in handen hebben. Sinds 2006 bedraagt de outperformance van familiale bedrijven 370 basispunten of 3,7 procent per jaar tegenover niet-familiale bedrijven. Dat is een significant verschil.
Langetermijnvisie
Een succesvolle aandelenbelegger weet dat als het eigen geld van de referentieaandeelhouders in de zaak zit, er voorzichtiger wordt beheerd, de lange termijn wordt geviseerd en dat er moeite wordt gedaan om elk jaar minstens hetzelfde dividend van het jaar voordien uit te betalen.
De redenen waarom familiale bedrijven het op de beurs beduidend beter doen dan door externe managers geleide ondernemingen is vooreerst hun langetermijnvisie. Familiale bedrijfsleiders zijn gericht op de volgende generatie en nemen beslissingen om de continuïteit op lange termijn te garanderen. Ze treffen soms maatregelen waar de winstgevendheid op korte termijn onder zal lijden, maar die de concurrentiepositie op lange termijn minstens in stand moet houden of zelfs verstevigen.
Sinds 2006 bedraagt de outperformance van familiale bedrijven 370 basispunten of 3,7 procent per jaar tegenover niet-familiale bedrijven. Dat is een significant verschil.
Bonusgedreven
De verloning van externe topmanagers staat voor een substantieel deel uit bonussen, die doorgaans gebaseerd zijn op de prestaties van het bedrijf in het afgelopen jaar. Welke parameters daarvoor bekeken worden, kunnen heel divers zijn, zoals de omzet, de winst, de toegevoegde waarde, de winstgevendheid en vaak ook de beurskoers, als het om een beursgenoteerd bedrijf gaat. Daar zit een stimulans in om toch op korte termijn te denken en zo snel mogelijk zo veel mogelijk resultaat neer te zetten.
Maatregelen die misschien wel goed zijn op lange termijn maar op korte termijn wegen op het resultaat, worden minder gemakkelijk goedgekeurd. Ten slotte beseffen managers ook dat ze er vaak voor de korte termijn zijn en binnen dat bestek een zo hoog mogelijk resultaat moeten bereiken, om een zo hoog mogelijke bonus te kunnen binnenrijven.
Kortetermijndenken blijkt meestal de concurrentiepositie op lange termijn aan te tasten, vandaar de minder sterke prestaties op langere termijn. Managers wisselen dan ook vaker en een gebrek aan continuïteit in de strategie en de aanpak is meestal niet bevorderlijk voor de resultaten van de onderneming. Dat verklaart op lange termijn het aanzienlijke gemiddelde prestatieverschil ten voordele van familiale bedrijven.
Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier