Wolfgang Riepl
Wolfgang Riepl
Wolfgang Riepl is redacteur bij Trends
Opinie

24/05/12 om 09:20 - Bijgewerkt om 09:20

Onduidelijkheid troef over lonen CEO's

Elk jaar flakkert de discussie over de lonen van de CEO's op. Helaas is het weinig meer dan kretologie, loze kreten over iets waar men weinig van weet. Want er is nog altijd te weinig informatie over het ware inkomen van de CEO.

Wie de loonhoofdstukken in de jaarverslagen doorploetert, belandt deels in een irreële wereld. Het heeft veel weg van het universum van de 'duizend rijksten'. Want wie verdient nu 16 miljoen euro per jaar, zoals de CEO van The Coca-Cola Company? Waarom krijgt die CEO lijfwachten, en mag hij de vliegtuigvloot van de onderneming gebruiken voor privéreizen?

In het rijkenuniversum wordt alles uiteraard relatief. Een CEO die amper één miljoen euro per jaar opstrijkt, wordt in die categorie een weinig betaalde werkkracht. De drommel werkt voor een hongerloon. En toch leidt de publicatie van de lonen in het voorjaar, wanneer de meeste beursgenoteerde ondernemingen hun jaarverslagen publiceren, steeds weer tot volkswoede, verbazing en ontgoocheling. Dit jaar werden in eigen land vooral Didier Bellens, Bert De Graeve en Pierre Mariani aan de schandpaal genageld.

Maar welk bedrag gaat echt schuil achter de gepubliceerde cijfers? Lonenrapportering in de jaarverslagen is één zaak. De publicatie is een goede start, want ze geeft een indicatie over de reële verdienste. Maar de gepubliceerde bedragen stoelen te veel op randvoorwaarden, conditionele elementen, wisselvalligheden. Dat is niet noodzakelijk slecht. Het betekent dat een CEO vooral wordt beloond als hij ook effectief prestaties neerzet.

Alleen is die onduidelijkheid ook een middel om bedragen weg te moffelen. Vooral bij de variabele vergoeding is het vaak appels met peren vergelijken. Hoe een onderneming haar variabele vergoeding rapporteert, en waardeert, mag ze blijkbaar zelf overwegen. Een standaardrapportering is dus nodig. Want het gebrek aan uniformiteit leidt tot enorme scheeftrekkingen. Ondernemingen plakken vandaag in hun boeken een bepaalde prijs op riante optieplannen. Maar wat die uiteindelijk opleveren aan de CEO, bij uitoefening na enkele jaren, wordt op dat moment niet vermeld. Dat bedrag wordt weggemoffeld in een gezamenlijke reuzenpot van door het management uitgeoefende opties. En in tegenstelling tot wat sommigen gemakshalve beweren, kost dat wel degelijk geld aan de onderneming. Vaak worden de opties uitgeoefend in ruil voor eigen aandelen, door het bedrijf gekocht. De CEO wint twee keer, want de onderneming drijft de koers op via de inkoop van eigen aandelen. Dat geld kan de onderneming beter gebruiken voor bijvoorbeeld een groeistrategie, of innovatie.

Ook de pensioenvergoeding is bijzonder ondoorzichtig. Zelden wordt het totaal gespaarde zilverfonds van de CEO vermeld, ook al gaat het om bedragen die de tien miljoen euro kunnen overschrijden. Waarom heeft een CEO trouwens nood aan een gulle pensioenspaarpot, terwijl hij toch al van een bijzonder riant loon geniet? Het eventuele principe van 'solidariteit' kan men voor CEO's volledig overboord gooien. Dat woord hoort echt niet thuis in het universumvocabularium van de superrijken.


Wolfgang Riepl

Onze partners