Roeland Byl
Opinie

23/09/11 om 10:27 - Bijgewerkt om 10:27

Geef onderzoekers meer geld

In de jongste ontslagronde bij Pfizer zit een les voor de Vlaamse politici. Als ze de welvaart in Vlaanderen ter harte nemen, dan verhogen ze de budgetten voor fundamenteel onderzoek. Niet morgen, maar nu.

167 verkopers van Pfizer België krijgen de bons. Dat is een op de drie van de commerciële mensen die het farmabedrijf in ons land telt. Op het eerste gezicht gebeurt dit omdat de octrooibescherming van de cholesterolverlager Lipitor op zijn einde loopt en die verkopers overbodig geworden zijn. De ware reden is dat Pfizer er niet in is geslaagd om voldoende blockbusters op de markt te brengen die het nakende omzetverlies van Lipitor kunnen compenseren. Als onze welvaart hun lief is, kunnen onze politici maar beter lessen trekken uit dit voorval.

Begin deze maand klaagde alzheimerspecialist Bart De Strooper (KU Leuven) in De Morgen over de financiering van het wetenschappelijk onderzoek. Dat was geen overbodige smeekbede om meer subsidies van een gefrustreerde academicus. De Leuvense wetenschapper is een van onze toppers. Zijn onderzoekslabo trekt talent aan, al dan niet uit het buitenland. Ook Christine Van Broeckhoven (Universiteit Antwerpen) heeft als alzheimerspecialist een wereldreputatie. België en vooral Vlaanderen heeft door hen een disproportioneel belangrijke stem in het alzheimeronderzoek. Gezien het toenemende aantal dementerende ouderlingen is dat een troef.

Een middel tegen alzheimer wordt gegarandeerd een blockbuster. En zelfs al ontstaat niet uit elk veelbelovend onderzoek een succesvol bedrijf, toch zijn onze onderzoekers het ware kiemkapitaal van de kenniseconomie. Wie dat niet gelooft, moet de overgebleven werknemers van de spaakgelopen biotechdromen bij Innogenetics maar eens optellen bij het aantal werknemers van Tibotec-Virco, het Mechelse biotechbedrijf voor aidsmedicijnen dat Johnson & Johnson in 2002 opkocht. De les uit de reorganisatie bij Pfizer luidt dan ook: maak dat onze toptalenten hier blijven zodat de rest van onze maatschappij mee kan surfen op hun succes.

Wanneer wetenschappers elders meer kansen krijgen, zijn ze weg. En zo'n braindrain veroorzaakt op termijn een pijnlijke verarming.
Het geloof in de economische impact van innovaties is de sleutel voor onze toekomstige welvaart. De overheid predikt die geloofsbelijdenis trouwens zelf; maar woorden blijken veeleer vluchtig. Tip voor onze politici: wees radicaal en put your money where your mouth is. Geef meer geld aan onderzoekers, zeker nu er minder budget is. Als het goed gaat heeft immers iedereen centen voor innovatie. Topatleten winnen hun wedstrijden ook door op moeilijke momenten het verschil te maken.

Een paar jaar geleden was het nog de doelstelling om tegen 2010 zo'n 3 procent van het bruto binnenlands product (bbp) aan onderzoek en ontwikkeling te spenderen. Daarbij zou de Vlaamse regering 1 procent van het bbp als subsidie voor fundamenteel onderzoek reserveren. Die doelstelling - 510 miljoen euro - werd bijgesteld en zou pas in 2014 worden gehaald. Eind 2010 besloot de regering-Peeters aanvankelijk om nog meer te snoeien. Een beslissing die ze dit jaar gedeeltelijk tenietdeed door 65 miljoen extra vrij te maken.

Als Vlaanderen werkelijk bij de Europese toplanden wil horen, is het tijd om nog veel meer structureel te investeren in onderzoek en innovatie. Dat dienen onze Vlaamse excellenties trouwens te weten: de Vlaamse Raad voor Wetenschap en Innovatie berekende eerder dit jaar dat het budget voor fundamenteel onderzoek 7 à 8 procent per jaar moet groeien om de 1 procentnorm tegen 2020 te halen.

Onze partners