30/03/12 om 10:49 - Bijgewerkt om 10:49

Ecofin-meeting: spanning in eurozone neemt weer toe

Na enkele weken van relatieve kalmte dreigt de eurocrisis opnieuw in een stroomversnelling te komen.

Ecofin-meeting: spanning in eurozone neemt weer toe

De ministers van Financiën van de eurozone vergaderen vandaag in Kopenhagen. Hoofdpunt op de agenda van de zogenaamde Ecofin-meeting is het Europese noodfonds. De vergadering grijpt plaats in een decor dat langzaam maar zeker opnieuw meer spanning bevat dan we de voorbije weken in de eurozone gewend waren.

Het EFSF (European Financial Stability Fund) bevat 440 miljard euro, waarvan al 200 miljard euro benomen is door de hulp aan Griekenland, Portugal en Ierland. Er blijft 240 miljard over, maar in principe vervalt het EFSF in juli. Het nieuwe stabiliteitsfonds ESM (European Stability Mechanism) bevat 500 miljard euro. Het probleem dat in Kopenhagen een oplossing zou moeten krijgen, is wat er met de 240 miljard uit het EFSF gaat gebeuren. Landen als Frankrijk willen dat integraal behouden zien zodat het nieuwe stabiliteitsfonds over 940 miljard euro gaat. Duitsland wil die 240 miljard niet zomaar overhevelen. De Duitse publieke opinie, het parlement en het Grondwettelijk Hof kijken met argusogen toe.
België draagt ongeveer 3,5 procent van de engagementen door de Europese noodfondsen. Onze politici maken nogal makkelijk het onderscheid tussen effectieve kapitaalinbreng en garantiestelling. Dat onderscheid is cosmetisch: als de fondsen in actie moeten komen, verdwijnt de relevantie van dit onderscheid. Het Belgische engagement zal in totaal ergens tussen 25 en 35 miljard euro liggen. Politici zeggen daarover het niet de bedoeling is het fonds echt uitgebreid te gebruiken, zodat ons engagement altijd kleiner zal zijn. De geloofwaardigheid van zo'n uitspraak is klein. Gegeven de nog altijd acute problemen in de eurozone (zie verder) is het heel optimistisch om te denken dat de middelen van het noodfonds slechts beperkt gebruikt zullen worden.

De beslissing die in Kopenhagen zou moeten vallen, zal een belangrijke impact hebben op de houding van het IMF. Tot nu toe was het Internationaal Monetair Fonds nauw betrokken bij het crisisbeheer in de eurozone. Maar in deze organisatie tonen zowel de VS als de grotere opkomende landen zich almaar kritischer ten aanzien van Europa. Het zit onder meer de Brazilianen en de Indiërs dwars dat de rijkste regio van de wereld niet meer zelf de verantwoordelijkheid opneemt om de eigen problemen krachtdadig aan te pakken. Het IMF vindt dat Europa het zichzelf veel te makkelijk maakt. Bij de tweede reddingsoperatie voor Griekenland reduceerde het IMF zijn inbreng tot 14 procent van het totale pakket, terwijl dat de eerste keer nog 27 procent was. Moeten de middelen toegewezen aan het IMF omhoog als gevolg van de eurocrisis, dan eisen de opkomende landen een veel grotere zeggingskracht in het IMF en dat is dan weer iets waar de Amerikanen van steigeren.

De discussie in Kopenhagen speelt zich hoe dan ook af tegen een achtergrond van toenemende spanning in de eurozone. Snel op een rijtje gezet hebben we het dan over de grote twijfel of Griekenland nu gered is (onder meer de Duitse minister van Financiën zegt van niet), de verdere afglijding van Portugal, de angst over de reële begrotingssituatie van Spanje, de zenuwachtigheid over Italië waar technocraat-premier Mario Monti het duidelijk lastig krijgt en de onzekerheid over de richting die de Europese Centrale Bank (ECB) de komende weken en maanden zal uitgaan.

Als een soort alles omvattend deken hangt over al die deelproblemen de vaststelling dat de eurozone voor een bijzonder zware financieringsperiode staat. De overheden en de banken van de eurozone moeten gezamenlijk tijdens het tweede kwartaal van 2012 ruim 600 miljard mobiliseren op de kapitaalmarkten en gedurende het derde kwartaal nog eens 550 miljard (zie grafiek). Fenomenale bedragen waarover op de markten, om het zacht uit te drukken, enige onzekerheid heerst. In het vierde kwartaal gaat het dan 'slechts' over 400 miljard, maar in het eerste kwartaal van 2013 lopen de gezamenlijke financieringsbehoeften weer op tot 500 miljard. Ter vergelijking: tijdens het eerste kwartaal van dit jaar diende 275 miljard gemobiliseerd te worden. De vraag leeft of men deze zware financieringshindernissen kan nemen zonder een nieuwe (en dus derde) spectaculaire injectie vanwege de ECB. De druk vanuit de Europese Commissie en de Europese politiek om de kranen opnieuw wijd open te zetten is trouwens zeer groot, zo vernemen we in de ECB.

Onze partners