12/05/11 om 10:04 - Bijgewerkt om 10:04

Die andere blokkering

"Standard and Poors minder dreigend. Zoals we al een tijd zegden: regeringswerk rendeert", zo triomfeerde ontslagnemend eerste minister Yves Leterme het afgelopen weekend via Twitter.

Marco Mrsnik, de analist die voor het ratingbureau S&P België opvolgt, counterde onmiddellijk het Twitter-bericht van Leterme door te stellen dat de houding van S&P ten aanzien van ons land eigenlijk niks veranderd is sinds december 2010. "Het negatieve vooruitzicht over de kredietwaardigheid van België blijft geldig", aldus Mrsnik.

De hoge borst die Yves Leterme de jongste tijd voortdurend opzet, begint een beetje op de lachspieren te werken. Want wat is de realiteit? Dat onze begroting niet uit de hand loopt omdat we in de slipstream van de forse Duitse groei meegezogen worden en zodoende veel meer belastinggeld zien binnenvloeien dan verwacht. Voeg daar nog wat eenmalige ingrepen aan toe en that's it. Van een toekomstgericht beleid voor begroting en arbeidsmarkt, de twee heikele punten van ons sociaaleconomisch bestel, is geen sprake. De hele kronkel zit hem in het feit dat Leterme de realiteit anders wil voorstellen dan ze vandaag is.

Over die Belgische realiteit gesproken. Nu duidelijk blijkt dat er van de pogingen van Wouter Beke om tot iets concrete perspectieven rond de staatshervorming te komen ook niets in huis komt, is de blokkering compleet. Maanden geleden begon die conclusie zich al op te dringen, maar nu is ze onontkoombaar. Waar tot nu toe weinig aandacht aan besteed werd, is de vaststelling dat de kaarten minstens even ongunstig liggen voor het tweede grote deel van elk regeringsprogramma, namelijk het sociaaleconomische.

We laten de discussie over de verbanden tussen de organisatie van de staatshuishouding en de sociaaleconomische gang van zaken in het land even terzijde. Die verbanden bestaan, maar de ware problematiek gaat nog veel verder. Als het water tussen Vlamingen en Franstaligen voor de hervorming van de Belgische staat zeer diep blijkt, dan geldt dat minstens evenveel voor het sociaaleconomische beleid. Beide landsgedeelten leven ook op dat terrein in zodanig verschillende werelden dat een inhoudelijk degelijk vergelijk nauwelijks nog tot de mogelijkheden behoort. De Vlaamse ondernemers aanwezig op de Voka-ontmoeting met de Waalse partijvoorzitters weten daar ondertussen alles over.

Franstalig België is ouderwets socialistisch, gelooft in een erg sturende overheid in nagenoeg alle segmenten van de economie en kijkt a priori erg kritisch naar alles wat met vrijemarkteconomie te maken heeft. Voor de begroting vertaalt die houding zich in een afwijzing van structurele ingrepen in de uitgavenmechanismen van de sociale zekerheid en in een verlangen naar hogere belastingen. Voor de arbeidsmarkt bestaat er grote afkeer tegen mechanismen die de aansporing om aan het werk te gaan verscherpen en blijft men zweren bij vervroegde uittreding uit de arbeidsmarkt. Last but not least is er aan Waalse kant geen enkele intentie om het overheidsapparaat af te slanken. Maatregelen ter verbetering van de efficiëntie van dat overheidsapparaat kunnen nog wel ter discussie komen, maar mogen hoe dan ook niet te veel commotie veroorzaken. In hun retoriek zullen Franstalige politici soms wel wat afwijken die grote lijnen, maar als het er echt op aan komt, zijn dat hun standpunten.

Vlaanderen kijkt zeker niet eendrachtig tegen al deze thema's aan, maar een significante meerderheid in dit landsgedeelte toont toch veel meer bereidheid om de zaken ten gronde en met zin voor vernieuwing aan te pakken.

Wat we zelf doen, doen we zeker niet altijd beter, daar kunnen we als Vlamingen ook moeilijk naast kijken. Feit is echter is dat er aan Franstalige kant bijna onoverwinbaar veel weerstand is tegen verandering en aanpassing aan de gewijzigde omstandigheden. En die omstandigheden wijzigen inderdaad snel en drastisch. De globalisering van de economische processen gaat onverminderd voort. Dichter bij huis neemt de crisis in de eurozone steeds dreigender vormen aan. We kunnen de dans van onze omgeving niet blijven ontspringen.

Onze partners