OESO: toenemende kloof tussen arm en rijk is slecht voor de groei

09/12/14 om 01:45 - Bijgewerkt om 02:04

Nog nooit in dertig jaar is de kloof tussen rijk en arm zo uitgesproken geweest in het merendeel van de lidstaten van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO). En dat heeft volgens OESO negatieve gevolgen voor de groei van de economie.

OESO: toenemende kloof tussen arm en rijk is slecht voor de groei

Een Londenaar verkoopt de daklozenkrant in de buurt van een Lamborghini © Reuters

De 10 procent rijksten in OESO-lidstaten verdienen gemiddeld 9,5 keer zoveel als de 10 procent armsten. In 1980 was dat nog 7 keer.

De toename, en de kloof, verschillen per land. In België, Nederland en Frankrijk is de kloof bijvoorbeeld relatief stabiel. In twee landen, Griekenland en Turkije, is de kloof kleiner geworden, terwijl in landen als Zweden, Finland en Nieuw-Zeeland de kloof fors is gegroeid. In een land als Duitsland is de groei iets lager. Daar bedraagt de kloof nu 7 tegen 1. In 1985 was dat 5 tegen 1. De motor achter de groeiende kloof zijn de hoogverdieners, de top 1 procent van de inkomens.

Volgens OESO-econoom Michael Förster, co-auteur van het rapport, is de toenemende inkomenskloof aantoonbaar slecht voor de groei van de economie. In een gesprek met Deutsche Welle zegt hij dat de Duitse economie tussen 1990 en 2010 in reële termen met 26 procent is gegroeid. Zonder toegenomen inkomenskloof zou dat 31 procent geweest zijn.

De armeren spenderen het grootste deel van hun inkomen, terwijl de rijkeren hun inkomenswinst eerder oppotten en niet terugpompen in "de reële economie". Bij gebrek aan geld geven armeren te weinig uit voor de opleiding van hun kinderen - wat volgens de OESO een van de factoren is die de kloof doen groeien.

'Kloof dichten'

Er zijn, zo zei Förster nog aan Deutsche Welle, de Duitse Wereldomroep, drie manieren om de inkomenskloof weer kleiner te maken. De arbeidsmarkt zo structureren dat de werkloosheid laag is, dat zo weinig mogelijk mensen uit de boot vallen; meer investeren in menselijk kapitaal, met algemene opleiding en opleiding in vaardigheden; en slimme transfers van rijkdom van de rijkeren naar de armeren bedenken, onder meer via belastingen.

De bevindingen van de OESO-economen zijn volgens Förster complementair aan die van de Franse econoom Thomas Piketty.

Volgens de studie bestaat er geen bewijs dat goed uitgedachte herverdeling, via belasting of uitkeringen, de economie schaadt.

(RR)

Lees meer over:

Onze partners