Waarom sluiten zoveel bedrijven hun Belgische vestigingen?

15/09/16 om 16:57 - Bijgewerkt op 16/09/16 om 14:10

September is een zwarte maand wat de werkgelegenheid in ons land betreft. Het ene na het andere bedrijf sluit hier de deuren, lijkt het wel. Wat is er aan de hand? Drie vragen aan Trends-hoofdredacteur Daan Killemaes en redacteur Alain Mouton.

Waarom sluiten zoveel bedrijven hun Belgische vestigingen?

arbeiders van Caterpillar © belga

Hoe groot is de impact van al die ontslagen op de Belgische economie? Op korte en middellange termijn?

De impact is beperkt. Door de ruime mediabelangstelling kan deze golf van sluitingen en ontslagrondes op korte termijn op het vertrouwen van de consument wegen, maar op langere termijn is de impact verwaarloosbaar. Er mag niet over het hoofd gezien worden dat de werkgelegenheid in België toeneemt op dit moment. De grote ontslagrondes worden meer dan gecompenseerd door aanwervingen in tal van bedrijven. Deze vele kleintjes maken ook een groot, maar aanwervingen halen veel moeilijker de media. De totale werkgelegenheid steeg vorig jaar met ruim 40.000 jobs, en ook dit jaar en in 2017 zullen er netto ruim 40.000 jobs per jaar bijkomen. Eind juni telde het land 4,62 miljoen jobs, wat een recordniveau is. Een belangrijke positieve kanttekening is dat de jobcreatie sinds vorig jaar ook vooral in de private sector plaatsvindt en niet alleen bij de overheid of in de gesubsidieerde sector. Private jobcreatie zorgt voor extra koopkracht en het is deze aantrekkende binnenlandse vraag die de economische groei helpt te dragen. Een belangrijke negatieve kanttekening is dat de beroepsbevolking even snel stijgt als het aantal jobs. De werkgelegenheidsgraad blijft daarom haperen rond de 66%, wat een stuk onder het Europese gemiddelde is, en te laag om de vergrijzing te kunnen betalen.

Waarom sluiten zoveel bedrijven hun Belgische vestigingen?

Heel wat sluitingen zijn te wijten aan bedrijfsspecifieke redenen, dus zonder dat er meteen een rode draad door deze verhalen loopt. De financiële sector kent nog een zware kostenstructuur die niet aangepast is aan het klimaat van lage rentevoeten en de digitale revolutie. Het voorbeeld van Axa zal nog navolging krijgen. Caterpillar kampt met de crisis in de mijnbouwsector en een gedaalde vraag naar machines. MS Mode zat zoals andere modeketens gekneld tussen de doorbraak van e-commerce en opmars van ketens die heel lage prijzen afficheren. En de Belgische fabriek van Douwe Egberts produceert vooral voor de Belgische markt, waar de consument opschuift richting de huismerken van de supermarkten.

Hoewel deze golf van sluitingen dus eigen is aan een veranderende economie, is er ook reden tot ongerustheid. Ondanks de indexsprong, de loonmatiging en de taxshift blijft de Belgische economie kampen met een ernstige loonhandicap. Deze kostenkloof met het buitenland is kleiner geworden, maar is lang niet verdwenen en mag nog altijd op 10% geschat worden. De kans is trouwens groot dat de concurrentiepositie opnieuw achteruit boert als de lonen stijgen in het spoor van een krappere arbeidsmarkt en een inflatie die in België hoger is dan in de buurlanden. Ook de belastingdruk blijft in vergelijking met de buurlanden bijzonder hoog, wat zich de jongste jaren vertaalde in een opdrogende stroom van buitenlandse investeringen. Daarnaast blinkt de Belgische arbeidsmarkt ook niet uit in flexibiliteit, wat de vlotte doorstroom van ontslagen werknemers naar vacatures bij groeiende bedrijven bemoeilijkt. Het beleid van regering Michel is dus vriendelijker voor de arbeidsmarkt, maar er is nog veel meer mogelijk en nodig.

Wat is de impact van de strengere voorwaarden voor brugpensioen?

Er wordt wel eens een verband gelegd met de verstrenging van minimumleeftijd voor brugpensioen. Besluiten bedrijven om nu snel te herstructureren omdat de leeftijdsgrens wordt opgetrokken. In 2012 konden werknemers bij een bedrijfssluiting al op hun 52ste met brugpensioen. Door de regeringsmaatregelen is de minimale brugpensioenleeftijd opgetrokken tot 56 jaar, met in sommige gevallen 55 jaar als daar een collectieve arbeidsovereenkomst over is afgesloten. De kans is klein dat het strengere brugpensioenstelsel doorslaggevend is bij een beslissing om mensen te ontslaan of een vestiging te sluiten. De verhoging van de minimumleeftijd gebeurt langzaam: 57 jaar in 2017, 58 jaar in 2018, 59 jaar in 2019 en 60 jaar in 2020. Mensen via dat systeem doen afvloeien kan dus nog jaren.

In een bedrijf als Caterpillar is het gros van de werknemers dat met brugpensioen kan, trouwens al bij een vroegere herstructurering vertrokken. Nu zouden er nog 150 in aanmerking komen. Hier en daar wordt geopperd om die leeftijd opnieuw te verlagen, maar minister van Werk Kris Peeters (CD&V) heeft al laten weten dat hij dit niet ziet zitten.

Ook is het zo dat brugpensioen een stuk duurder is geworden voor de werkgever. De bruggepensioneerde krijgt een werkloosheidsuitkering met daarbovenop een toeslag betaald door de werkgever. De sociale bijdragen op die toeslag liggen een stuk hoger dan op het gemiddelde loon van een werkende. Maar ondanks de hogere prijs van het brugpensioen blijft het blijkbaar een interessante manier om 55-plussers af te danken.

Onze partners