"Overdag werk ik op het ministerie van Buitenlandse Zaken in Washington en draag ik, zoals al mijn collega's, een klassiek pak met stropdas, maar in mijn vrije tijd steel ik graag de show." Toen hij 17 was en in een visrestaurant werkte, kocht Quin zijn eerste broek van Versace Jeans Couture. Hij voelde zich niet alleen aangetrokken tot de kleding, maar ook tot de bijzondere winkelervaring. "Zelfs de verpakking, een zwarte glossy zak met gouden Medusa, sprak tot de verbeelding. Om een maximaal effect te genereren, droeg ik die jeans pas voor het eerst op het eindejaarsbal. Zo werd ik verkozen tot de best geklede student van de school. Het was geen vorm van materialisme, ik hield van het gevoel van zelfvertrouwen dat zo'n kledingstuk me gaf."
...

"Overdag werk ik op het ministerie van Buitenlandse Zaken in Washington en draag ik, zoals al mijn collega's, een klassiek pak met stropdas, maar in mijn vrije tijd steel ik graag de show." Toen hij 17 was en in een visrestaurant werkte, kocht Quin zijn eerste broek van Versace Jeans Couture. Hij voelde zich niet alleen aangetrokken tot de kleding, maar ook tot de bijzondere winkelervaring. "Zelfs de verpakking, een zwarte glossy zak met gouden Medusa, sprak tot de verbeelding. Om een maximaal effect te genereren, droeg ik die jeans pas voor het eerst op het eindejaarsbal. Zo werd ik verkozen tot de best geklede student van de school. Het was geen vorm van materialisme, ik hield van het gevoel van zelfvertrouwen dat zo'n kledingstuk me gaf." Merken zoals Versace koopt hij amper nog, op enkele unieke stukken van de Fendace Collection na, de recente samenwerking tussen Donatella Versace en Fendi's artistiek directeur Kim Jones. "Ik besteed enkel geld aan kleding die me aanspreekt, die in het oog springt en waar ik een connectie mee heb. Kleding moet een emotie opwekken. Wanneer ik voor de eerste keer iets aantrek, voel ik meteen of ik me er goed in voel of niet. Als er ook maar enige twijfel is, koop ik het niet. En ik droeg als student natuurlijk niet enkel Versace. Je zag me vooral in Tommy Hilfiger, die in de late jaren negentig hot was. Ik kocht zijn kleding bij de TH-specialist van Macy's in Richmond Virginia. Op een dag vertelde ze me dat Tommy zou langskomen, om zijn damesparfum te lanceren. Ik heb toen een hele dag opgeofferd om een flesje te kopen en zijn handtekening te scoren." Quins favoriete designers zijn nu Thom Browne, Kim Jones, Dries Van Noten en wijlen Virgil Abloh, maar ook een bont assortiment accessoires van Louis Vuitton, Tiffany, Cartier, Hermès, Goyard en Fendi maken zijn looks af. "Het komt me goed uit dat aardetinten, fuchsia, muntgroen, rood en witte tinten opnieuw furore maken. Ook dressing up met rijke volumineuze stoffen, zoals fluweel en shearling, is helemaal in. Eigenlijk speelde ik al langer met die trends (lacht). Ik hou ook van neutrale en monochrome tinten. Alles hangt af van hoe de kleur past bij je huidskleur. Zo ben ik vooral fan van volledig witte outfits, in combinatie met mijn witte bomberjacket van Louis Vuitton, een uitzonderlijk stuk ontworpen door wijlen Virgil Abloh. Ook brede schouders zijn helemaal terug. Je zult ze ook volgende zomer terugzien in de collecties." Zo'n uitgesproken torso komt Quin goed uit, want hij spendeert de nodige tijd in de gym, om zijn bovenlichaam te trainen. "Gelukkig heb nog ongeveer dezelfde maat als dertig jaar geleden, want zo kan ik oneindig combineren. Wie trouwens nog lange mantels in zijn kleerkast heeft hangen, kan die gerust weer bovenhalen. Ze mogen zelfs een beetje oversized zijn." In 2005 sloeg het noodlot toe. Quin was als overheidsvrijwilliger naar New Orleans getrokken in de nasleep van de verwoestende orkaan Katrina. Hij werd er aangereden door een bus en verloor zijn rechterbeen. Dat Quin in 2008 na een lange revalidatie naar Europa reisde, vormde de start van een nieuwe reeks avonturen. "Mijn ogen fonkelden wellicht toen ik mijn eerste uitnodiging bemachtigde voor de show van Dior Homme in Parijs. Mijn modepassie werd niet geamputeerd. Na mijn ongeval was het enorm belangrijk de draad weer op te pikken en gewoon hetzelfde te doen als voordien: veel reizen en mooie kleren kopen. Alles veranderde natuurlijk drastisch, maar toch wilde ik mijn leven op dezelfde manier leiden als vroeger, beter zelfs. Die motivatie was belangrijk voor mijn revalidatie. Het werd een dagelijkse missie om ondanks mijn prothese elke dag perfect voor de dag te komen. Ik wilde niet thuis zitten treuren. Het kan allemaal heel snel afgelopen zijn. Daarom leef ik nu ook zo intens." Op kantoor is Quins dresscode redelijk conservatief. "Je wilt niet naar een serieuze vergadering gaan in een outfit die mensen uit hun concentratie haalt. Ik kleur dus niet buiten de lijntjes op mijn werk, maar daarbuiten wel. Tot voor kort had ik trouwens nog een parttime job bij Saks Fifth Avenue, als verkoper op de afdeling damesschoenen. Het was de perfecte biotoop om de nieuwste modetrends te absorberen. Natuurlijk draag ik geen hoge hakken (lacht), maar ik vond er wel prachtexemplaren voor mijn moeder en mijn zus. Ik kon er voluit experimenteren met opvallende kleuren, volumes of gekke prints. Mijn collega's begrepen perfect wat ik probeerde te doen. Het bood me de mogelijkheid het beste uit twee werelden te combineren." Af en toe lijkt het alsof Quin zijn hart eerder verloren heeft in de modewereld dan in de streng beveiligde kantoren van het ministerie van Buitenlandse Zaken in Washington DC. "Ik wilde modeontwerper worden, maar ik heb die droom laten varen en studeerde politieke wetenschappen. Ik wist niet dat ik het zou schoppen tot diplomaat, maar ik weet wel dat ik graag risico's vermijd." Toch solliciteerde Quin tien jaar geleden nog voor een programma fashion merchandising aan het FIT Fashion Institute of Technology in New York. Hij mocht starten, maar besliste uiteindelijk het niet te doen. "Ik was bang mijn vaste job met alle zekerheden in te ruilen voor een nieuw avontuur. Dat was de beste keuze. Mijn baan bezorgt me de stabiliteit en een financiële structuur om te kunnen genieten van mode. Op een bepaald moment in je carrière is het trouwens bijna onmogelijk nog een switch te maken naar een heel andere wereld. Je moet van nul beginnen, met daarbovenop ook tal van financiële consequenties." Intussen beweegt Quin zich als een mysterieuze fashion James Bond van de ene grandioze modeshow naar de volgende, met navenante cocktails, abundante diners en overnachtingen in de allerbeste hotels van Milaan en Parijs. Overal waar hij komt, staat de champagne koud. Terwijl hij de meest begeerde stukken van Fendi, Hermès of Louis Vuitton past in vip-paskamers, wacht zijn chauffeur geduldig tot hij hem naar zijn volgende afspraak kan brengen. Kind aan huis bij de bekende luxemerken word je niet alleen als trouwe klant, maar ook door er altijd piekfijn uit te zien. Dat Quin perfect de taal van mode beheerst en bespeelt, inspireert ook de mensen achter de schermen van het modecircus. De trends worden geschreven op de catwalk, maar belangrijke klanten zoals Quin brengen ze tot leven. "Ik merkte dat iedereen eigenlijk altijd hetzelfde droeg, merkkleding of niet. Ik zocht voortdurend naar een manier om mezelf te onderscheiden van die algemene stijl. Toen ik op een dag thuis voor de spiegel een short probeerde, besefte ik plots dat net die prothese een extra effect creëerde. Ik heb mijn handicap sindsdien omhelsd. Of het nu korte broeken zijn of kilts van Thom Browne, ik hou van zijn designs. Toen ik in 2019 voor de eerste keer in het openbaar verscheen met mijn prothese, pikte Vogue mijn look meteen op. Mijn Instagram-pagina ontplofte. Het is voor mij nooit belangrijk geweest trends te volgen; het is wel belangrijk te durven. Met sommige nieuwigheden kun je jezelf op een positieve manier verrassen. Toen ik bijvoorbeeld een foto van Harry Styles met een parelsnoer zag, probeerde ik het ook, en ik vond het verrassend mooi. Die look wordt nog interessanter in combinatie met een zilveren ketting of in verschillende lagen. En wat blijkt? Het is best mannelijk en nu zie je ze overal." Zelf ziet Quin er ultiem mannelijk uit met zijn baard en geschoren hoofd, en de uren die hij doorbrengt in de gym werpen hun vruchten af. "Omdat ik geen haar meer heb, vind ik het belangrijk een baard te hebben. Het maakt deel uit van mijn signature look. En ik draag ook graag diverse brillen, om mijn uiterlijk te veranderen. Accessoires zijn daar ideaal voor." Toch wordt die mannelijke baard ruim gecompenseerd met kleuren en mode-accessoires waar vrouwen jaloers van worden. "Het kleine metalen handtasje, of beter juwelenkistje, komt uit de vrouwencollectie van Louis Vuitton. Ik kreeg alleen maar complimenten, en niet alleen van vrouwen. Mannen hadden vroeger maar enkele opties. Nu experimenteren steeds meer ontwerpers met genderneutrale kleding. Je ziet jonge kerels in kleren die oorspronkelijk bedoeld waren voor vrouwen, en ze zien er schitterend uit. We moeten onszelf natuurlijk uitdagen om die unisekskleding te dragen, maar het resultaat wordt alleen maar boeiender."