Toen ik meewerkte aan onderzoek naar creativiteit in de creatieve sector, werd mij voor het eerst duidelijk dat twee totaal verschillende processen onder dezelfde noemer worden gevat. Die sector is erg creatief in het oplossen van zijn problemen. Dat is de creativiteit waarmee we onder druk nieuwe oplossingen vinden voor vrij goed omschreven problemen. 'Zoek tegen de opnames van volgende week een roze Chevrolet uit de fifties.' En de medewerkers vinden die. 'Er ontbreekt een lens, hoe lossen we dat op?' Creatief zijn bij fiscale problemen is een voorbeeld dat iedereen herkent. Dat soort creativiteit aan de oppervlakte is met andere woorden verhoogd probleemoplossend vermogen en wijst op een combinatie van 'wat gewaagd' en 'een tikkeltje ongewoon'.

Maar er is ook diepe creativiteit. Dan legt men onverwachte maar zeer relevante verbanden, realiseert men een doorbraak waar men vroeger blind voor was. Creativiteit is dan het product van originaliteit en bruikbaarheid. In een economie waar disruptieve businessmodellen à la Uber of Spotify centraal staan, wil men nog beter weten hoe je die diepe creativiteit bereikt. Hoe realiseren toponderzoekers, kunstenaars, uitvinders dat creatieve proces? Het gaat dan om de aha-erlebnis, een gevoel dat heel vaak samengaat met een vorm van zekerheid, interne rust (dit is het, we hoeven niet verder te zoeken) en in zijn extreme vorm zelf met extreme emoties. Dat is wat Archimedes in zijn bad moet hebben gevoeld, dubbend over de manier om het volume van een onregelmatig gevormde kroon exact te meten.

Wat hebben creativiteit en dagdromen met elkaar te maken?

Uit een recente studie in Psychological Sciences blijkt onze diepe creativiteit zich te manifesteren op de manier die je zou verwachten als al die trainers en creativiteitsgoeroes gelijk zouden hebben. Men vroeg 185 professionele schrijvers en natuurkundigen naar hun creatieve ideeën. Ze moesten noteren wanneer ze die kregen (tijdens het werk of tijdens afleiding) en welke soort doorbraak het was. Ongeveer een vijfde van de creatieve ideeën kwam tijdens het dagdromen. Maar de diepe creativiteit, de echte doorbraken, de top-aha-erlebnissen, kwamen vooral tijdens het afdwalen.

U kent waarschijnlijk de stappen van een diep creatief proces. Stap 1: focus op het probleem, weet wat je moet weten. Stap 2: verwijder, zorg dat je geest focust op iets anders. Concentratie op je lichaam is bijvoorbeeld een goede verwijderingstechniek. Vooral als je focust: epileren, scheren, zorgvuldig insmeren,... De meeste creativiteitstechnieken zijn verwijdertechnieken. Stap 3: laat toe dat je geest nieuwe associaties maakt. Stap 4: keer terug naar het probleem.

Enkele jaren geleden hebben hersenonderzoekers vrij exact de rustnetwerken in kaart gebracht waar die creativiteit zich in onze hersenen manifesteert. Het zijn de zones die actief zijn als we dagdromen, terugdenken aan onze jeugd, mijmeren, een ver toekomstbeeld oproepen. Sciencefiction en creativiteit gaan dus wel degelijk hand in hand. Het zogenaamde default mode network in je brein wordt gestimuleerd door je geest toe te laten af te dwalen, door naar een haardvuur of een aquarium te staren, door te fietsen langs rustige wegen, te rijden op monotone autostrades, je gras af te doen. Dat lijkt weinig praktisch, en de meest populaire methode om creatief te zijn, brainstorming, is het helemaal niet. Je merkt heel goed dat de brainstormprincipes pogingen zijn om stappen een, drie en vier goed te zetten, maar er is veel te weinig aandacht voor stap twee, 'het aquarium', de focus op iets totaal anders. Van bij de start tot het einde staat het bestaande probleem nog veel te centraal. De associaties blijven dan ook meestal binnen het besproken kader en van een doorbraak is slechts moeizaam sprake.

De vergaderzalen van de toekomst. Wil je creatief worden? Plaats wandgrote computergegeneerde aquariumbeelden. Wil je weer overgaan tot de orde van de dag en de financiële balans analyseren? Weg met het aquarium, projecteer een puzzel.