Volgens het UNCTAD haalt een zogenaamde 'grondstoffenafhankelijke' economie 60 procent van zijn exportinkomsten uit de verkoop van goederen zoals koffie, gas, metalen en olie. Dat bestempelt de UNCTAD als handel die sterk samenhangt met lage niveaus van technologie, lage niveaus van arbeidsproductiviteit en lage productiviteitsgroei. In 2019 waren twee derde van de ontwikkelingslanden van hun grondstoffen afhankelijk, tegenover dertien procent van rijke of ontwikkelde economieën. De UNCTAD schat de kans zeer klein, amper zeven procent, dat grondstoffenafhankelijke ontwikkelingslanden de zogenaamde 'grondstoffenvloek' kunnen verbreken en vruchtbare productiesectoren kunnen ontwikkelen, net zoals Costa Rica, Indonesië en Maleisië gedaan hebben.

Volgens de UNCTAD beschikken landen die steunen op de export van landbouwproducten over het algemeen over een lager technologisch niveau, gevolgd door landen die steunen op mijnbouw en landen die steunen op brandstoffen. De UNCTAD acht het noodzakelijk dat grondstoffenafhankelijke economieën hun inkomsten gebruiken om hun productiviteit en technologie te stimuleren, willen ze 'de val ontwijken die hun bevolking arm en kwetsbaar maakt'.

Impact van coronapandemie

Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) stelde eerder dit jaar dat ontwikkelingseconomieën zouden kunnen worstelen om te herstellen van de impact van de coronapandemie, zelfs als de wereldeconomie volgens de verwachtingen nog vijf of zes procent groeit dit jaar. Veel ontwikkelingslanden zijn eveneens hard getroffen door het inzakken van het toerisme. De Wereldtoerismeorganisatie van de VN (UNWTO) zei maandag nog dat ongeveer 30 procent van alle landsgrenzen wereldwijd 'volledig gesloten' was sinds juni. Veel van die grenzen bevinden zich in de regio Azië-Pacific.

Voedselprijzen

Agentschappen van de VN stelden vorige maand dan weer dat de stijging van de voedselprijzen de inwoners van armere landen leegwringt. Tijdens de wereldwijde financiële crisis van 2007 tot 2009 ging de plotse stijging van de voedselprijzen in veel ontwikkelingslanden gepaard met betogingen.

De Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) waarschuwde dinsdag dat in verschillende landen protesten te verwachten zijn, eens de coronapandemie vervaagt en de coronamaatregelen verdwijnen. 'Het aantal protesten verdubbelde over de hele wereld in het decennium na de wereldwijde financiële crisis van 2008 en 2009', stelde de OESO. De organisatie waarschuwde dat 'de pandemie de straten vrijmaakte in 2020, maar enkel tijdelijk.' 'De eindjes aan elkaar knopen was voor veel mensen de grootste zorg', aldus de OESO.

Volgens het UNCTAD haalt een zogenaamde 'grondstoffenafhankelijke' economie 60 procent van zijn exportinkomsten uit de verkoop van goederen zoals koffie, gas, metalen en olie. Dat bestempelt de UNCTAD als handel die sterk samenhangt met lage niveaus van technologie, lage niveaus van arbeidsproductiviteit en lage productiviteitsgroei. In 2019 waren twee derde van de ontwikkelingslanden van hun grondstoffen afhankelijk, tegenover dertien procent van rijke of ontwikkelde economieën. De UNCTAD schat de kans zeer klein, amper zeven procent, dat grondstoffenafhankelijke ontwikkelingslanden de zogenaamde 'grondstoffenvloek' kunnen verbreken en vruchtbare productiesectoren kunnen ontwikkelen, net zoals Costa Rica, Indonesië en Maleisië gedaan hebben.Volgens de UNCTAD beschikken landen die steunen op de export van landbouwproducten over het algemeen over een lager technologisch niveau, gevolgd door landen die steunen op mijnbouw en landen die steunen op brandstoffen. De UNCTAD acht het noodzakelijk dat grondstoffenafhankelijke economieën hun inkomsten gebruiken om hun productiviteit en technologie te stimuleren, willen ze 'de val ontwijken die hun bevolking arm en kwetsbaar maakt'.Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) stelde eerder dit jaar dat ontwikkelingseconomieën zouden kunnen worstelen om te herstellen van de impact van de coronapandemie, zelfs als de wereldeconomie volgens de verwachtingen nog vijf of zes procent groeit dit jaar. Veel ontwikkelingslanden zijn eveneens hard getroffen door het inzakken van het toerisme. De Wereldtoerismeorganisatie van de VN (UNWTO) zei maandag nog dat ongeveer 30 procent van alle landsgrenzen wereldwijd 'volledig gesloten' was sinds juni. Veel van die grenzen bevinden zich in de regio Azië-Pacific.Agentschappen van de VN stelden vorige maand dan weer dat de stijging van de voedselprijzen de inwoners van armere landen leegwringt. Tijdens de wereldwijde financiële crisis van 2007 tot 2009 ging de plotse stijging van de voedselprijzen in veel ontwikkelingslanden gepaard met betogingen.De Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) waarschuwde dinsdag dat in verschillende landen protesten te verwachten zijn, eens de coronapandemie vervaagt en de coronamaatregelen verdwijnen. 'Het aantal protesten verdubbelde over de hele wereld in het decennium na de wereldwijde financiële crisis van 2008 en 2009', stelde de OESO. De organisatie waarschuwde dat 'de pandemie de straten vrijmaakte in 2020, maar enkel tijdelijk.' 'De eindjes aan elkaar knopen was voor veel mensen de grootste zorg', aldus de OESO.