Snelgroeiende ondernemingen staan bekend als de motor van banencreatie. Dat is in België niet anders, zo blijkt uit de jaarlijkse Belgian High Growth Monitor, een onderzoek van het Impulscentrum Groeimanagement voor Middelgrote Ondernemingen (iGMO) aan Vlerick Business School. Professor Hans Crijns en docent Yannick Dillen analyseerden de beschikbare cijfers over snelgroeiende Belgische bedrijven in de periode 2015-2018. Ze deden vlak voor de eerste coronagolf ook een enquête bij Belgische eigenaars/managers van de groeibedrijven, aangevuld met een opvolgbevraging in de zomer.
...

Snelgroeiende ondernemingen staan bekend als de motor van banencreatie. Dat is in België niet anders, zo blijkt uit de jaarlijkse Belgian High Growth Monitor, een onderzoek van het Impulscentrum Groeimanagement voor Middelgrote Ondernemingen (iGMO) aan Vlerick Business School. Professor Hans Crijns en docent Yannick Dillen analyseerden de beschikbare cijfers over snelgroeiende Belgische bedrijven in de periode 2015-2018. Ze deden vlak voor de eerste coronagolf ook een enquête bij Belgische eigenaars/managers van de groeibedrijven, aangevuld met een opvolgbevraging in de zomer.In de bestudeerde periode waren 920 snelgroeiende bedrijven verantwoordelijk voor 52.779 nieuwe banen. Dat is bijna 4 procent van de Belgische bedrijven met minstens tien werknemers. België doet het daarmee minder goed dan het Europese gemiddelde, maar die groep van gezonde Belgische 'gazelles' geeft wel blijk van stabiliteit. Door de jaren heen creëren ze in elke groeiperiode zo'n 50.000 banen. Dat was bijvoorbeeld ook het geval in de periode 2009-2012, tijdens de financiële crisis. "Dat is een hoopgevend signaal, zeker nu heel wat bedrijven moeite hebben om het hoofd boven water te houden", zeggen de Vlerick-onderzoekers."Het zijn turbulente tijden. Het risico op banenverlies is enorm. Om de economische motor aan de praat te houden, zullen de snelgroeiende bedrijven een baken in de storm zijn", voorspelt Yannick Dillen. Hij maant de overheid aan die groep van snelle groeiers in haar beleidskeuzes niet uit het oog te verliezen. "Deze ondernemingen dragen disproportioneel bij aan de welvaart door in een hoog tempo banen en toegevoegde waarde te scheppen. Als je ervan uitgaat van dat de overheid haar middelen op de meest efficiënte wijze moet inzetten, is het misschien geen verkeerde strategie snelgroeiende ondernemingen te steunen in plaats van ondernemingen die in moeilijkheden verkeren."Hoewel de samenstelling van de groep gazelles elk jaar verandert, blijkt hun capaciteit om banen te creëren groot en stabiel te zijn. Het zijn ook zeer winstgevende bedrijven. "Een crisisperiode treft ook de snelle groeiers, maar die ondernemingen zijn meestal zo gezond dat ze als eerste weer opstaan en extra banen creëren", stellen de Vlerick-onderzoekers. Een bijkomend interessant aspect is dat snelgroeiende bedrijven in bijna alle sectoren te vinden zijn. "Het gaat niet alleen om technologische scale-ups, zoals vaak wordt gedacht, maar ook om transport- of bouwbedrijven. Werknemers die hun baan in kwetsbare sectoren verliezen, zullen dus mogelijk ook vacatures kunnen invullen bij die groeibedrijven", verwachten de onderzoekers.Yannick Dillen meent dat we kunnen leren uit de manier waarop snelle groeiers de coronacrisis aanpakken: "In eerste instantie focussen ze op de gezondheid en de motivatie van hun medewerkers. Tegelijkertijd schakelen ze snel over op een strikt cashmanagement." De gazellen implementeren ook innovatietrajecten nog sneller dan voorheen. "Ze ontdekken nieuwe manieren om klanten te bereiken en nieuwe markten te betreden. En vooral: de ondernemers pakken deze crisis aan met een ongeziene positieve energie. Dat is waarschijnlijk hun grootste troef", besluit Dillen.