De academische carrière van professor Amy Van Looy (37) startte op de faculteit politieke wetenschappen. Nochtans heeft ze het aan haar educatieve impact op studenten van de Gentse economiefaculteit te danken dat ze in het rijtje vrouwelijke rolmodellen van Inspiring Fifty staat. "Ik neem bij mijn studenten de angst voor de digitale economie een beetje weg", zegt de expert in digitale innovatie en business process management.
...

De academische carrière van professor Amy Van Looy (37) startte op de faculteit politieke wetenschappen. Nochtans heeft ze het aan haar educatieve impact op studenten van de Gentse economiefaculteit te danken dat ze in het rijtje vrouwelijke rolmodellen van Inspiring Fifty staat. "Ik neem bij mijn studenten de angst voor de digitale economie een beetje weg", zegt de expert in digitale innovatie en business process management. Hoe wordt een politieke wetenschapper professor digitale innovatie? AMY VAN LOOY. "Ik wist na mijn middelbaar niet wat ik wilde doen, maar ik had me zeker nooit kunnen voorstellen dat ik iets met IT zou doen. Lesgeven leek me wel wat en geschiedenis interesseerde me, maar ik ging politieke wetenschappen studeren omdat het een brede opleiding is. Voor mijn master koos ik overheidsmanagement. Ik schreef een thesis over de elektronische identiteitskaart ¬ mijn eerste stap in het digitale universum. Toen ik afstudeerde, bood het IT-consultancybedrijf CSC mij meteen een baan aan. Ik wist nog niet veel over IT, maar ik kreeg de kans dat bij te spijkeren. Die herscholing heeft mijn interesse geprikkeld. Ik zag in dat bij IT veel meer komt kijken dan enkel programmeren. Veel studenten beseffen dat niet. Na een paar jaar besloot ik te doctoreren in IT-management."Ik maak nu deel uit van een onderzoeksgroep die focust op beleidsinformatica. Simpel gezegd houdt de faculteit van ingenieurs zich bezig met het wiskundige en het programmeren, terwijl wij meer werken op het management en de adoptie van de informatiesystemen. Mijn onderzoek gaat over de vraag hoe je bedrijfsprocessen kunt verbeteren, automatiseren en innoveren met de hulp van IT. Dat is multidisciplinair. En die boodschap wil ik mijn studenten meegeven: je hoeft geen programmeur te zijn om mee te spelen in de digitale economie." U publiceerde een boek over sociale media als zakelijk instrument. Hoe passen sociale media in een universitaire opleiding economie? VAN LOOY. "De meeste studenten gebruiken sociale media privé. Wij richten ons op de vraag hoe een onderneming de sociale media kan gebruiken om haar strategie te versterken. We zien ze als een hulpmiddel om te innoveren. En niet omdat iedereen dat doet, maar omdat ze nuttig zijn voor het behalen van een return on investment. Voor elk departement in een organisatie kunnen sociale media een meerwaarde betekenen. Voor hr is dat bijvoorbeeld via e-recruitment, terwijl de financiële afdeling crowdfunding kan overwegen. Te veel studenten zien sociale media als iets voor nerds in artificiële intelligentie of marketingmensen." Stijgt de interesse voor uw vakgebied? VAN LOOY. "Tien jaar geleden hadden we voor onze master in IT-management een kleine twintig studenten. Dat waren bijna allemaal jongens. Sinds we in 2012 een keuzevak in sociale media geven in het bachelorprogramma, is het aantal masterstudenten aangegroeid tot ongeveer 130. Bijna de helft van hen zijn meisjes. "In mijn lessen wil ik vooral de drempel verlagen en studenten laten kennismaken met IT als een wereld met kansen voor wie creativiteit en innovatie ziet als een middel om efficiënte processen te bereiken. Het is niet de speeltuin van geeks alleen." Bent u een geek? VAN LOOY. "Misschien wel, maar er zijn mensen die dat nog veel meer zijn ( lacht). Ik vind het jammer dat mensen bang zijn van IT. Ik zie dat bij mijn bachelorstudenten. Het middelbaar onderwijs had hen warm moeten maken voor de kansen in de digitaliserende economie. Dat hoeft niet via een volwaardig vak, maar met een integratieproject kan op een ludieke manier duidelijk worden dat er diverse profielen nodig zijn."Naast ingenieurs hebben we ook designers en marketeers nodig? VAN LOOY. "Bijvoorbeeld. Mijn studenten kennen TikTok, Instagram en Facebook wel, maar de meerwaarde voor bedrijven is een blinde vlek. Eigenlijk is het een leemte die samenhangt met andere ondernemersvaardigheden. Zulke zaken komen in het middelbaar te weinig aan bod." Koos u voor een academische loopbaan vanwege de betere balans tussen werk en leven? VAN LOOY. "Nee. Als IT-consultant moest ik ook lange dagen werken, maar toen was de balans met mijn privéleven iets gunstiger. Ik ben gaan doctoreren omdat ik mij verder wilde ontwikkelen. Als professor en onderzoeker heb je juist veel op de plank liggen, inclusief avond- en weekendwerk, waardoor de balans soms in onevenwicht geraakt. Ik heb twee kleine kindjes. Mijn man heeft ouderschapsverlof opgenomen en werkt voor een paar jaar deeltijds." "We hebben een mooie taakverdeling. Dat is belangrijk. Ik ben geen moeder aan de haard. Ik streef naar zelfontplooiing, maar dat is niet mogelijk als je onvoldoende wordt gesteund door familie." De digitalisering in het hoger onderwijs raakte het afgelopen jaar in een stroomversnelling. Heeft dat uw werk veranderd? VAN LOOY. "We dachten hier al een tijdje na over manieren om concepten zoals flipping the classroom toe te passen. Daarbij worden de theorielessen digitaal klaargezet en volgt uitdieping in kleine groepen. Dat sluit meer aan bij de realiteit in het bedrijfsleven. Tot voor de lockdown bleef dat vooral bij proefprojecten, maar nu is dat voor heel wat collega's de realiteit. Al mijn theorielessen van het najaar zijn in onlinevideo's beschikbaar. Daarnaast heb ik responscolleges via Zoom gegeven, zodat er nog wel contact was met de studenten. En dan volgden de groepswerken en de projecten. Covid-19 heeft wel een en ander versneld."