In Vlaanderen bedraagt de afstand tussen de woon- en de werkplaats gemiddeld slechts 20 kilometer. Bovendien is 75 procent van onze verplaatsingen korter dan 10 kilometer. Daar hebben we geen auto voor nodig. De groeiende aandacht voor de fiets tijdens de lockdown maakt van de fiets de duidelijke winnaar van de coronacrisis. Dat vindt ook de Nederlandse 'fietsprofessor' Marco te Brömmelstroet (Universiteit van Amsterdam).

'De fiets kan een nieuwe impuls geven aan ons mobiliteitsdenken. De fiets past niet zo goed in de autogerichte manier waarop we naar mobiliteit kijken. Dat alternatieven zoals het openbaar vervoer wegvielen, maakte de fiets interessant. Bovendien nodigden heel veel straten die normaal door auto's worden gedomineerd, tijdens de coronacrisis plots uit tot veilig en prettig fietsen.'

Volgens Te Brömmelstroet is het tijd om de straat te herdenken. En dat is perfect mogelijk. In de jaren twintig van de vorige eeuw gebeurde het al bij de opkomst van de auto. 'Toen was iedereen het erover eens dat een snelle auto in de straat geen toekomst had. Kinderen letten nu eenmaal niet goed op, dus kun je niet met de auto in dezelfde straat. Peter Norton beschrijft in Fighting Traffic heel mooi hoe dat in tien jaar volledig is omgeslagen, zodat mensen kinderen gingen opvoeden om niet zomaar over te steken. Bij elk ongeval werd gezegd dat het kind niet goed had opgelet. Die logica kan ook andersom. Dat gesprek moeten we nu aangaan en dat gaat over meer dan de files oplossen.'

Om nooit een aflevering van de Trends Podcast te missen, kunt u zich abonneren via

In Vlaanderen bedraagt de afstand tussen de woon- en de werkplaats gemiddeld slechts 20 kilometer. Bovendien is 75 procent van onze verplaatsingen korter dan 10 kilometer. Daar hebben we geen auto voor nodig. De groeiende aandacht voor de fiets tijdens de lockdown maakt van de fiets de duidelijke winnaar van de coronacrisis. Dat vindt ook de Nederlandse 'fietsprofessor' Marco te Brömmelstroet (Universiteit van Amsterdam). 'De fiets kan een nieuwe impuls geven aan ons mobiliteitsdenken. De fiets past niet zo goed in de autogerichte manier waarop we naar mobiliteit kijken. Dat alternatieven zoals het openbaar vervoer wegvielen, maakte de fiets interessant. Bovendien nodigden heel veel straten die normaal door auto's worden gedomineerd, tijdens de coronacrisis plots uit tot veilig en prettig fietsen.'Volgens Te Brömmelstroet is het tijd om de straat te herdenken. En dat is perfect mogelijk. In de jaren twintig van de vorige eeuw gebeurde het al bij de opkomst van de auto. 'Toen was iedereen het erover eens dat een snelle auto in de straat geen toekomst had. Kinderen letten nu eenmaal niet goed op, dus kun je niet met de auto in dezelfde straat. Peter Norton beschrijft in Fighting Traffic heel mooi hoe dat in tien jaar volledig is omgeslagen, zodat mensen kinderen gingen opvoeden om niet zomaar over te steken. Bij elk ongeval werd gezegd dat het kind niet goed had opgelet. Die logica kan ook andersom. Dat gesprek moeten we nu aangaan en dat gaat over meer dan de files oplossen.'