" In New York hebben veel appartementen geen wasmachine. De nieuwe trend is dat mensen gebruikmaken van een service om de was te doen. Wij verkopen detergenten. Daar moeten wij dus iets aan doen", zegt André Convents, de oprichter van de openinnovatiecampus InQBet. De Amerikaanse was- en schoonmaakmiddelenproducent Procter & Gamble (P&G), bekend van producten als Dash, Dreft, Always en Pampers, begon vijf jaar geleden met InQBet op zijn onderzoeks- en ontwikkelingssite in Strombeek-Bever. Op die site nabij de Brusselse ring werken ongeveer 1100 mensen, onder wie zo'n 600 ingenieurs en wetenschappers. P&G, dit jaar door Boston Consulting Group op plaats 39 gezet in de top vijftig van 's werelds meest innovatieve bedrijven, heeft in ons land ook een fabriek in Mechelen, waar 300 mensen werken.
...

" In New York hebben veel appartementen geen wasmachine. De nieuwe trend is dat mensen gebruikmaken van een service om de was te doen. Wij verkopen detergenten. Daar moeten wij dus iets aan doen", zegt André Convents, de oprichter van de openinnovatiecampus InQBet. De Amerikaanse was- en schoonmaakmiddelenproducent Procter & Gamble (P&G), bekend van producten als Dash, Dreft, Always en Pampers, begon vijf jaar geleden met InQBet op zijn onderzoeks- en ontwikkelingssite in Strombeek-Bever. Op die site nabij de Brusselse ring werken ongeveer 1100 mensen, onder wie zo'n 600 ingenieurs en wetenschappers. P&G, dit jaar door Boston Consulting Group op plaats 39 gezet in de top vijftig van 's werelds meest innovatieve bedrijven, heeft in ons land ook een fabriek in Mechelen, waar 300 mensen werken. "Grote bedrijven zijn traag, maar het gedrag van consumenten verandert razendsnel", zegt André Convents. "Na drie maanden corona en digitaal werken is dat meer dan ooit duidelijk." Om zijn merken aan te passen aan al die veranderingen heeft P&G kennis nodig over tal van technologieën, zoals het internet der dingen - denk aan wasmachines die via sensoren met het internet zijn verbonden - en robotica. "We moeten zo efficiënt mogelijk innoveren. Daarvoor moet je samenwerken met start-ups", legt André Convents uit.De focus op start-ups werd de afgelopen jaren steeds sterker. Vroeger lag de nadruk meer op innovatie met andere multinationals. "Rond de Brusselse ring zit een groot aantal bedrijven in consumentengoederen samen, die meer dan 1 miljard euro waard zijn. Ons onderzoeks- en ontwikkelingscentrum in Strombeek is een van de grootste ter wereld voor P&G", zegt André Convents. "Aan de andere kant van de ring heb je Coca-Cola (dat een innovatiehub heeft in Anderlecht, nvdr). Ook Puratos ligt bij de ring en in Leuven is er AB InBev." Door samen te werken zoeken de grote bedrijven nieuwe manieren om de grote maatschappelijke uitdagingen aan te pakken, zoals een meer duurzame distributie of digitale marketing. "Zelfs een groot bedrijf als P&G kan in zijn eentje geen industrie veranderen", zegt Convents. "We vragen ons bijvoorbeeld af hoe we de consument beter kunnen motiveren om verpakkingen te recycleren. We krijgen nu vaak niet genoeg materiaal terug. Coca-Cola, AB InBev en Nestlé hebben hetzelfde probleem. Wij stappen dan samen naar Europese start-ups voor een oplossing." De samenwerking tussen gevestigde bedrijven en jonge innovatieve bedrijfjes heet corporate venturing. P&G is daar een pionier in. Het bouwde met InQBet een accelerator voor start-ups. Dat project, met cofinanciering van het Europese Fonds voor Regionale Ontwikkeling (Efro), was goed voor 6 miljoen euro: 3 miljoen euro kwam van P&G zelf, 2,4 miljoen euro zijn Europese subsidies en 600.000 euro zijn Vlaamse subsidies. Om het innovatieproces soepeler te organiseren pakt P&G dit jaar uit met enkele nieuwigheden. Het bedrijf opent een prototypehal met 3D-printers, snijmachines en andere toestellen. Dankzij die investering kunnen start-ups snel een nieuw product ontwikkelen en het iets verderop meteen testen in een testwinkel in de P&G Consumer Lounge, waar consumenten vrijwillig langskomen. Met hun feedback kunnen de bedrijfjes hun product snel aanpassen en een verbeterde versie produceren. Zo kunnen jonge bedrijven snel, relatief goedkoop en met een hogere kans op slagen hun producten ontwikkelen. Het opzet is dat bedrijven in één week van een idee naar een product kunnen gaan. Het is soms moeilijk voor grote multinationals als P&G, Coca-Cola en AB InBev om de start-ups te vinden die hen kunnen helpen met hun probleem. Daarvoor doet P&G een beroep op twee partners, The Growcery en Workero. The Growcery is een project van de netwerkorganisatie Startups.be/Scale-Ups.eu. "Grote bedrijven zoals P&G hebben het moeilijk om de match met de juiste start-up te maken", zegt Charlotte Gréant, general manager van Startups.be/Scale-Ups.eu en The Growcery. "Nestlé, P&G en AB InBev hebben gelijklopende problemen. Wij zoeken wereldwijd welke oplossingen start-ups al hebben ontwikkeld. We maken een longlist, waarna we vier à vijf start-ups selecteren." Grote bedrijven zoeken bijvoorbeeld naar meer duurzaam materiaal voor verkoopstandjes in supermarkten. Die moeten de klassieke plastic displays vervangen. "We organiseerden een hackathon die leidde tot een samenwerking met Pure Value", zegt Lucresse Van Wonterghem van het openinnovatieproject Connect & Develop bij P&G. De Belgische start-up Pure Value bedacht samen met Proteus een slimme en herbruikbare display, die het gebruik van karton sterk vermindert. Charlotte Gréant van The Growcery geeft nog een voorbeeld van een start-up die technologie bedacht om displays duurzamer te maken. Het Antwerpse marketingtechnologiebedrijf Hashting bedacht een nieuwe manier waarmee merken via een code of een bericht aan hun klanten persoonlijke promoties kunnen aanbieden. "Denk aan coupons met een QR-code. Die code kan op het display blijven staan, maar de promotie erachter kan veranderen", zegt Charlotte Gréant.Startups.be/Scale-Ups.eu is ook de organisator van The Big Score. Op dat event geven techbedrijven presentaties voor een publiek van internationale investeerders en gevestigde bedrijven. "Dit jaar voegen we een derde dag aan het event toe, waar grote bedrijven als P&G, Kinepolis, BASF of Decathlon de problemen waarvoor ze een oplossing zoeken, komen voorstellen aan start-ups", legt Gréant uit. Workero is een Belgische start-up die werd opgericht door Dirk Paelinck. Hij runt ook Interoffices, een netwerk van flexibele werkplekken. Bedrijven zoals P&G huren Workero in om in hun gebouwen een flexibele werkplek in te richten die functioneert als een broedplaats voor ideeën. "P&G blijft heer en meester van zijn ruimte, maar wij hebben het bedrijf geholpen met de inrichting" zegt Dirk Paelinck, de CEO van Workero, over de dit jaar gestarte samenwerking. "We helpen P&G ook met de keuze van de start-ups die in de incubator komen zitten om samen te innoveren." Workero, dat zo'n dertig vestigingen heeft bij bedrijven in België, ontwikkelde ook een app die niet alleen dient om een plaatsje te reserveren, maar die ook netwerking en cocreatie stimuleert (zie kader). Het Europese Efro-project zorgde ervoor dat heel wat buitenlandse start-ups langs de innovatiecampus in Strombeek passeerden. "Met Naava is er bijvoorbeeld een Fins bedrijf aanwezig dat is gespecialiseerd in luchtzuivering via planten", zegt Lucresse Van Wonterghem. "VoiceITT is een Israëlisch bedrijf dat technologie maakt voor mensen die een stemprobleem of -beperking hebben. Het is vergelijkbaar met de technologie die Stephen Hawking gebruikte om te kunnen spreken. In totaal ging het om meer dan twintig start-ups." Na afloop van het Efro-project in oktober dit jaar zal P&G de kruisbestuiving via start-ups verder uitbouwen, samen met The Growcery en Workero. Hoewel P&G het project draagt en geïnvesteerd heeft, is de samenwerking met Workero en The Growcery volgens Convents en Van Wonterghem essentieel. "Het zal niet werken als iedereen denkt dat P&G de centrale hub en de initiatiefnemer is. Het moet een neutrale entiteit zijn", zegt André Convents. Kleine bedrijven zijn soms bang een kater over te houden aan de samenwerking met een grote partner die veel meer juridische en financiële middelen ter beschikking heeft. Wiens intellectuele eigendom wordt een samen ontwikkeld product bijvoorbeeld? "We willen die discussie vermijden", zegt Convents. "De grootte van het bedrijf is irrelevant, het is een partnerschap tussen gelijken. In veel van de activiteiten, die niet onze kernactiviteit zijn, kunnen de partnerbedrijven hun intellectuele eigendom uitbouwen."