Twee weken geleden bezocht ik Texture, het vernieuwde vlasmuseum te Kortrijk. Mijn gastheer, de groep Vyncke, brengt me soms op plaatsen die ik op mijn eentje nooit zou bezoeken. Zelden heb ik zo'n knappe ode gehoord aan het ondernemerschap en aan de geest die in dat deel van ons landje rondzweeft. Is het een mythe of een verzinsel, dat verhaal over de hardwerkende, koppige maar o zo ondernemende Zuidwest-Vlaming? Na een bezoek aan Texture zou je denken dat het geen toeval is. Vergelijk even met Noord-Frankrijk, waar de houding van de-staat-moet-maar-voor-ons-zorgen erg contrasteert met de ondernemende geest in West-Vlaanderen. Het is ook opvallend dat extreem rechts in Noord-Frankrijk wel een stevige voet aan de grond krijgt, en in dat deel van Vlaanderen niet.
...

Twee weken geleden bezocht ik Texture, het vernieuwde vlasmuseum te Kortrijk. Mijn gastheer, de groep Vyncke, brengt me soms op plaatsen die ik op mijn eentje nooit zou bezoeken. Zelden heb ik zo'n knappe ode gehoord aan het ondernemerschap en aan de geest die in dat deel van ons landje rondzweeft. Is het een mythe of een verzinsel, dat verhaal over de hardwerkende, koppige maar o zo ondernemende Zuidwest-Vlaming? Na een bezoek aan Texture zou je denken dat het geen toeval is. Vergelijk even met Noord-Frankrijk, waar de houding van de-staat-moet-maar-voor-ons-zorgen erg contrasteert met de ondernemende geest in West-Vlaanderen. Het is ook opvallend dat extreem rechts in Noord-Frankrijk wel een stevige voet aan de grond krijgt, en in dat deel van Vlaanderen niet.De enthousiaste gids zei iets dat mij in de oren is blijven hangen. De vlasstreek was gegroeid rond de gouden rivier, de Leie, die over mysterieuze krachten beschikte om vlas te roten (slechts één letter verschil met 'rotten', de stank is dezelfde). Ze zei dat de lokale inwoners dat verhaal tegen iedereen vertelden en het ten slotte zelf geloofden. Maar niet de mysterieuze kracht van het Leiewater is de verklaring voor de bloei van de vlasstreek, wel de toewijding van de vlasboeren, het keiharde werken en de ondernemingszin.Je eigen verhalen geloven. Schitterend. Ons brein is geprogrammeerd voor verhalen, niet voor analyses. Die laatste kosten moeite, vragen lange scholing en intensieve concentratie. Een verhaal is gemakkelijk, roept weinig weerstand uit, schakelt het kritisch denken uit. Een goede strategie is een goed verhaal. Steeds meer leert men jonge ondernemers die op zoek zijn naar fondsen een elevatorpitch te houden, een verhaal dat ze kwijt kunnen tussen het moment dat de deur van de lift sluit en weer opengaat. Een budget is een verhaal, en goed humanresourcesmanagement geeft je werknemers verhalen mee die ze thuis kunnen vertellen. Over classificaties en analytics vertel niet tegen je kinderen of je moeder. Die begrijp je nauwelijks en je vindt ze toch maar weinig relevant - tenzij je ingenieur bent. Missieverklaringen zijn vaak oppervlakkige statements. Dat weten de missie-experts ook wel. Goede predikanten vertelden verhalen. Een cowboyverhaal over de stichter geeft de waarden van het bedrijf veel beter weer dan vijf bulletpoints op een slide. De klant belde naar zijn fabrikant-met-de-grote-naam. De stichter was een kleine ketel aan het onderhouden en zei tegen de klant: "Meneer, ik krijg dat in orde." Hij hield zijn belofte. Op zaterdagochtend kon de klant zijn spoedorder verder produceren. De stichter kende zelf niets van elektronica of computers, maar hij kende wel mensen die er verstand van hadden. Die offerden voor hem hun vrijdagnacht op. Dat soort verhalen vat een cultuur samen: houd je beloftes, loop nooit van een klant weg en bouw vriendschappelijke relaties op. Dan kun je op die mensen een beroep doen, en je hoeft het zelf niet te kunnen, je moet weten wie het wél kan. En voor de West-Vlamingen natuurlijk ook: werk hard. Dat doen de technici uit de grote stad niet: die werken van negen tot vijf.Een bezoek aan het vlasmuseum helpt je doemdenken te bestrijden. De afschuwelijke werkomstandigheden, de hongersnood, de miserie, de eindeloze werkuren: dit was onze streek, dit was bij onze overgrootouders. En wij maar klagen over een uur file of 100 euro belasting. De vlasstreek werd bedreigd door nieuwe technologieën, nieuwe concurrenten en geopolitieke verschuivingen. Engeland was toen ook al de grote spelbreker. Flaxit, zou men nu zeggen, naar flax, het Engelse woord voor vlas. De lokale ondernemers namen hun lot in eigen handen en bouwden innovatieve bedrijven uit. Zoals altijd vermeldt zo'n tentoonstelling alleen de namen van wie succesvol waren, maar die lijst is toch wel indrukwekkend lang. Denk maar aan Picanol en Unilin (ja ja Quickstep!), uiteraard aan mijn gastheer Vyncke, maar ook aan een lange reeks namen zoals Beaulieu, Van De Wiele, Sioen en Balta. Boeiend en inspirerend zijn, wat kan een mens van een museum meer verwachten?