Sinds hij in de jaren negentig zijn eerste stappen als ondernemer deed, heeft de Kempenaar Wim Heylen goed geboerd. Zijn holding Heylen Group omvat intussen bedrijven in heel Europa, van Italië tot Finland, in sectoren van keukentoestellen tot en met logistiek vastgoed. Het neusje van de zalm is de Koninklijke Nederlandse Munt in Utrecht, die munten slaat. Heylen Group maakt geld, letterlijk.
...

Sinds hij in de jaren negentig zijn eerste stappen als ondernemer deed, heeft de Kempenaar Wim Heylen goed geboerd. Zijn holding Heylen Group omvat intussen bedrijven in heel Europa, van Italië tot Finland, in sectoren van keukentoestellen tot en met logistiek vastgoed. Het neusje van de zalm is de Koninklijke Nederlandse Munt in Utrecht, die munten slaat. Heylen Group maakt geld, letterlijk. Nu richt ze haar blik op China. Dat kan moeilijk anders, meent Heylen. "Twintig jaar geleden was het adagium: 'we zijn een kenniseconomie'. We moesten focussen op de ontwikkeling van technologie. De toepassingen van die technologie - denk maar aan de iPhone - lieten we produceren in China, hopend dat de Chinezen niet zouden nadenken. Het liep natuurlijk anders. Ook de Chinezen investeerden in de ontwikkeling van technologie. Intussen maken ze betere producten, die bovendien goedkoper zijn dan de onze. Als we daar blind voor blijven, gaan we opnieuw in de fout. We moeten profiteren van de mogelijkheden die er zijn." Daar denken de Amerikanen anders over. Zij voeren een handelsoorlog met China, omdat het land jarenlang ongestraft Amerikaanse technologie gestolen zou hebben. Ook Heylen ziet de gevaren, maar achterdocht werkt averechts, oordeelt hij. "Als je met ondernemers over China spreekt, is de angst voor intellectuele diefstal het eerste wat opkomt. Je mag uiteraard niet naïef zijn, maar met dichtgeknepen billen geraak je niet vooruit. Onze angst om onze technologie kwijt te raken, zet een rem op onze groei." Maar China is ver, zelfs voor Heylen. "Dit verhaal is te groot. Ik moet het delen met andere spelers", zegt Heylen. Daarom trekt hij naar China via een investeringsfonds. Fusion Partners is opgericht in mei en kreeg een startkapitaal van 10 miljoen euro, ingebracht door Heylen en Didier Clerx, de CEO van Heylen Group. Andere geïnteresseerden zijn welkom. "De kapitaalronde begint nu", zegt Heylen. Het idee van een investeringsfonds kwam van een andere Kempenaar, Paul Van Eynde, die jarenlang instond voor het vermogensbeheer van ING in Azië. Hij krijgt de dagelijkse leiding over Fusion Partners. Voor elke investering in China zal Fusion Partners een Chinese co-investeerder aanspreken. "Dat kunnen bijvoorbeeld vermogende families in China of elders in Azië zijn", zegt Heylen. "Ik wil dat mijn belangen daar beschermd worden. Niemand kan dat beter doen dan partners die de lokale gebruiken kennen en de juiste contacten hebben. We delen de lusten en de lasten. Als ik geld verlies, heeft mijn partner ook pijn." Met een startkapitaal van 10 miljoen euro begint Fusion Partners wel erg bescheiden. "We hadden twee keuzes", verklaart Van Eynde. "Ofwel probeerde Fusion Partners eerst een groter kapitaal op te halen, met nul kilometer op de teller. Ofwel probeerden we resultaten te boeken met het startkapitaal, om daarmee naar de kapitaalmarkt te trekken. Het is de tweede optie geworden." Fusion Partners staat op het punt een deal te sluiten met The Bayshore Pacific Group, een Taiwanese keten van restaurants in Amerikaanse stijl. "De keten is al aanwezig in China en heeft de rechten verworven om restaurants te openen in heel China", aldus Van Eynde. "Daarbij is ook plaats voor restaurants in Europese stijl. Het merk en het logo van die restaurants zullen komen van een Europees voedingsbedrijf, aangebracht door Fusion Partners. We beginnen met enkele restaurants in een paar Chinese steden, om op termijn uit te groeien tot een franchisenetwerk van honderden restaurants in het hele land. Voor het Europese bedrijf is dat een ideale manier om zijn merkbekendheid in China te vestigen. Zo bouwt Fusion Partners de brug van Europa naar China." Het verkeer over die brug gaat ook in omgekeerde richting. Fusion Partners wil ook Chinese bedrijven naar Europa brengen. Zo plant het fonds een participatie in Citybox in Sjanghai, een ontwikkelaar van slimme koelkasten voor de verkoop van gekoelde dranken en voeding. De consument neemt de producten uit de koelkast en rekent af door met zijn smartphone een QR-code op het toestel te scannen. Fusion Partners wil Citybox via een joint venture koppelen aan AsteDRU, een producent van verkoopkoelkasten uit de Heylen Group. De bedoeling is de slimme koelkasten te verspreiden over heel Europa. Voor dat soort Europees-Chinees projecten hoopt Fusion Partners de komende twee jaar 50 à 75 miljoen euro aan te trekken. "Onze ambitie is een 100 miljoen euro op te halen in drie jaar", zegt Van Eynde. Een extra lokvogel voor kapitaalverschaffers is de geplande participatie van Fusion Partners van 25 procent in Horsten International, een advieskantoor dat Belgische bedrijven begeleidt bij het zakendoen in China. De oprichter, Joos Horsten, trok in 1979 naar China om er een vestiging te openen voor Janssen Pharmaceutica, pionierswerk waarvoor hij onderscheiden werd door de Chinese regering. Intussen is China allang geen land meer voor westerse pioniers. In sommige technologieën loopt China zelfs voor op het Westen. Die technologieën wil Fusion Partners naar Europa halen, weliswaar met respect voor de cultuurverschillen. "In veel Chinese winkels kan je bijvoorbeeld betalen met gezichtsherkenning, maar voor de privacygevoelige Europeanen is dat een brug te ver", beseft Van Eynde. "We houden ons ook ver weg van technologie met militaire of strategische toepassingen. Fusion Partners moet onafhankelijk blijven." Europa is geen technologische reus meer, maar het heeft wel een schat aan traditie, stijl en merken. Nu de Verenigde Staten bij veel Chinezen uit de gratie gevallen zijn, is het moment gekomen voor Europese kwaliteit. "Europa is hot in China. Die trein mogen we niet missen", zegt Heylen. "De groeiende middenklasse wordt een enorme markt. Door het jarenlange eenkindbeleid telt China bijvoorbeeld veel lege nesten: het enige kind is vertrokken, zodat ouders tijd en geld hebben om een huisdier te vertroetelen, wat kansen biedt voor Europese dierenvoedingsproducenten. Zo zijn er ontelbare voorbeelden van commerciële kansen. Wordt China ooit een democratie? Ik zou het niet weten. Maar één ding weet ik wél: de Chinezen willen leven zoals wij."