Het regende de voorbije dagen boze en verontwaardigde reacties, na de - toch wel - seksistische uitspraken van ondernemer Fernand Huts in Trends. Hij had het over vrouwen die mannelijke ondernemers afremmen, omdat ze met hun man in een koets een wafel willen eten. Zoiets.
...

Het regende de voorbije dagen boze en verontwaardigde reacties, na de - toch wel - seksistische uitspraken van ondernemer Fernand Huts in Trends. Hij had het over vrouwen die mannelijke ondernemers afremmen, omdat ze met hun man in een koets een wafel willen eten. Zoiets.Het lijkt mij sterk dat wij - geëmancipeerde vrouwen - ons door Huts terug naar de middeleeuwen zouden laten katapulteren. Waarom voelen zoveel vrouwen en mannen zich verplicht uit te schreeuwen dat werk, gezin, sociaal leven, sporten, tijd voor mekaar,... te combineren zijn? Wellicht omdat de rush van alledag iedereen weleens te veel wordt en omdat we vooral niet willen toegeven dat het moeilijk is het allemaal te combineren.Huts is van de oude stempel en vertolkt niet de mening van de jongere generaties. We zouden ons er niets van moeten aantrekken, maar hij raakt duidelijk een snaar. Hoewel zijn betoog op het eerste gezicht kant noch wal raakt, legt hij wel de vinger op de wonde. Herlees het interview en verander overal het woordje 'man' in 'talentvolle, ambitieuze partner die ervoor wil gaan' en het woordje 'vrouw' in 'diegene die een stapje terug zet, om bijvoorbeeld de zorg voor de kinderen of de dagdagelijkse beslommeringen op zich te nemen'.Hoeveel vrouwen van de Rode Duivels gaan nog voluit voor een professionele carrière? Achter zeer veel topsporters, toppolitici, topondernemers staat een partner die zijn carrière op een lager pitje zet en die wat meer huishoudelijke en andere taken in het gezin voor zijn rekening neemt. Onze maatschappij is niet op een zodanige manier georganiseerd dat wij moeiteloos werk en gezin kunnen combineren. Er zijn hulpmiddelen, zoals betaalbare kinderopvang en dienstencheques, die het meer dan vroeger faciliteren, maar vanzelfsprekend is het nog altijd niet.De overheid ontmoedigt almaar meer dat een van beide partners thuisblijft. Wie bijvoorbeeld deeltijds werkt, bouwt onvoldoende pensioenrechten op om van te leven als de goedverdienende partner wegvalt. De maatschappij aanvaardt het (bijna) niet meer dat iemand zijn leven lang niet uit werken gaat. En in veel bedrijfsculturen is het nog altijd taboe om - zeker als man - deeltijds te gaan werken. Huts heeft gelijk op één punt: de maatschappij moet erover blijven waken dat individuen - zowel mannen als vrouwen - met potentieel de kans en de ruimte krijgen om te excelleren. Want de wereld moet vooruit gaan.