"Als ik in 2019 geen minister meer ben, ga ik gewoon opnieuw als huisarts werken. Ook al ben ik dan 66 jaar. Dat is toch niet zo moeilijk." Op de minzame manier en met de humor die hem eigen is diende minister van Pensioenen Daniel Bacquelaine (MR) de vakbonden van antwoord. Die uitten hun ergernis over de plannen van de federale regering om de wettelijke pensioenleeftijd tegen 2030 op te trekken naar 67 jaar. "Het is een totaal andere aanpak dan onder voorgangers zoals Vincent Van Quickenborne", is bij de vakbonden te horen. "Die schoot met scherp naar ons in de media."
...

"Als ik in 2019 geen minister meer ben, ga ik gewoon opnieuw als huisarts werken. Ook al ben ik dan 66 jaar. Dat is toch niet zo moeilijk." Op de minzame manier en met de humor die hem eigen is diende minister van Pensioenen Daniel Bacquelaine (MR) de vakbonden van antwoord. Die uitten hun ergernis over de plannen van de federale regering om de wettelijke pensioenleeftijd tegen 2030 op te trekken naar 67 jaar. "Het is een totaal andere aanpak dan onder voorgangers zoals Vincent Van Quickenborne", is bij de vakbonden te horen. "Die schoot met scherp naar ons in de media." Toen hij in oktober 2014 minister van Pensioenen werd, vertelde Bacquelaine zijn entourage dat hij eens goed zou nadenken over de manier waarop hij de zeer gevoelige pensioenhervormingen zou verdedigen bij de publieke opinie: het optrekken van de leeftijd voor vervroegd pensioen naar 63 jaar tegen 2019, de wettelijke pensioenleeftijd die in 2025 wordt opgetrokken naar 66 jaar en in 2030 naar 67, een hervorming van de royale ambtenarenpensioenen, ... Hij besloot in Franstalig België de boer op te gaan en steevast dezelfde eenvoudige boodschap te brengen: wie langer werkt zal ook meer pensioen krijgen. Die aanpak sloeg aan. Bacquelaine kreeg zelden tegenwind, afgezien van één incident waarbij iemand ketchup op zijn kostuum spoot. Naast zijn 'pensioenroadshow' zou een aantal pensioenhervormingen mondjesmaat en in alle discretie worden doorgevoerd. Zoals het lichtjes optrekken van de maximumpensioenen, de mogelijkheid voor werknemers hun studiejaren af te kopen en de hervorming van de gelijkgestelde periodes. "De man die hervormt zonder de indruk te wekken dat iets verandert", schreef Trends-Tendances vorig jaar nog. Hij werkt het liefst in de schaduw. De meeste beslissingen neemt hij in nauw overleg met zijn kabinetschef Hugues Vlemincq en kabinetssecretaris Hervé Bechoux. Bacquelaine had gemerkt dat een aantal van zijn MR-collega's, zoals minister van Energie Marie-Christine Marghem (in het dossier van de kerncentrales) of de ondertussen uit de federale regering vertrokken Jacqueline Galant (hervorming van de NMBS), zich vastreden in rotdossiers. Bacquelaine hoedt er zich voor dat zijn naam gekoppeld wordt aan de pensioenhervorming. Daar waar bij de NMBS gesproken werd van het plan-Galant, heeft niemand het over het plan-Bacquelaine. Maar vorige week botste de Bacquelaine-methode op haar grenzen. Nadat ze in een tv-debat werd klemgezet door sp.a-voorzitter John Crombez, verklaarde Open Vld-voorzitter Gwendolyn Rutten dat er geen sprake van was dat werkloze 50-plussers minder pensioen zouden krijgen door de afbouw van de gelijkgestelde periodes (jaren waarin men niet werkt, die worden gelijkgesteld aan gewerkte jaren in de pensioenberekening). Nadat Bacquelaine via een persbericht had laten weten dat die hervorming toch zou worden doorgevoerd, floot premier Charles Michel (MR) hem terug. Bacquelaine moest zich verantwoorden op La Première, de RTBF-radio. Hij verdedigde er het principe van het valoriseren van de band tussen werk en pensioen, maar bij het aanpassen van de gelijkgestelde periodes zou een aantal overgangsmaatregelen worden genomen. De verwarring bleef groot.De vraag rijst of er de komende 21 maanden voor de verkiezingen van 2019 nog sprake zal zijn van een verdere hervorming van het pensioenstelsel. Bacquelaine wou het pensioen met punten in de steigers zetten, maar zijn geloofwaardigheid kreeg een stevige knauw. Of dat zijn populariteit in eigen gouw beïnvloedt, valt nog te bezien. Ondanks zijn voorkomen als notabele uit de jaren vijftig en zijn verankering in de burgerij - zijn vader was procureur des Konings, de familie telt tal van juristen en artsen - is Bacquelaine een stemmenkanon in de provincie Luik. In 2014 haalde hij 46.230 voorkeurstemmen. Bacquelaine liet zelfs de Luikse PS-burgemeester Willy Demeyer achter zich. Ook in de rest van Wallonië kan Bacquelaine op een zekere aanhang rekenen. Als vertrouweling van Didier Reynders nam hij het in 2011 tijdens de voorzittersverkiezingen van de MR op tegen Charles Michel. Bacquelaine haalde een verdienstelijke 45 procent. De Bacquelaines zijn al decennia een begrip in Wallonië. Daniels vader, oom en tante hebben een lemma in de Encyclopedie van de Waalse Beweging. Allen waren overtuigde Waalse regionalisten. Ze namen deel aan het Waals Nationaal Congres in 1945 dat eerst een aanhechting van Wallonië bij Frankrijk verkoos en later voor het federalisme in België stemde. Daniel Bacquelaine is trouw aan die politieke erfenis. Zijn pro-Belgische gevoelens zijn eerder lauw.