Iedereen kan iets. Ook de man of vrouw die al jaren werkloos is. Daarom moeten die zo vlug mogelijk een baan krijgen. Dat is in een drietal zinnen samengevat wat we onder de Work Firstbenadering moeten verstaan, de aanpak van werklozen die de werkplicht centraal stelt. Alleen op die manier hebben langdurig werklozen een kans om zich opnieuw in de arbeidsmarkt te integreren. Anders dreigen ze niet langer over de sociale vaardigheden te beschikken om een beroep uit te oefenen. Ze vinden het niet meer normaal dat ze op tijd moeten komen, instructies opvolgen...
...

Iedereen kan iets. Ook de man of vrouw die al jaren werkloos is. Daarom moeten die zo vlug mogelijk een baan krijgen. Dat is in een drietal zinnen samengevat wat we onder de Work Firstbenadering moeten verstaan, de aanpak van werklozen die de werkplicht centraal stelt. Alleen op die manier hebben langdurig werklozen een kans om zich opnieuw in de arbeidsmarkt te integreren. Anders dreigen ze niet langer over de sociale vaardigheden te beschikken om een beroep uit te oefenen. Ze vinden het niet meer normaal dat ze op tijd moeten komen, instructies opvolgen... Een benadering die langzaam maar zeker ook in Vlaanderen ingang vindt. Getuige daarvan het actieplan Kansenberoepen dat Fons Leroy, topman van de VDAB, vorige week lanceerde. Werklozen zullen voortaan efficiënter worden ingeschakeld voor het opvullen van knelpuntberoepen. Dat zal gebeuren via een screening van de werklozen en een bijsturing van de opleidingen. Zijn bepaalde bijscholingen nog aangepast aan de huidige noden van de tijd? En vinden werklozen na een specifieke opleiding de weg naar de arbeidsmarkt? Willen ze wel in die job werken? Als dat niet het geval is, moet er volgens Leroy opgetreden worden. Concreet: werklozen die een opleiding tot schilder hebben gevolgd, moeten een baan in die branche ook aannemen wanneer ze wordt aangeboden. Een job weigeren, kan niet meer. Die Work Firstaanpak komt overgewaaid uit de Verenigde Staten en Denemarken, en heeft daar een positief effect gehad. In Wisconsin, waar het Work Firstprincipe voor het eerst werd toegepast, daalde het volume bijstandsontvangers met 75 %. Ook in Nederland gebruiken ze dit systeem. Tegenstanders zijn van oordeel dat via Work First een werkwillige en flexibele onderklasse wordt gecreëerd. Naar Amerikaans model zouden we in een situatie terechtkomen van de working poor. Het beeld wordt gecreëerd van werklozen die direct aan het werk moeten worden gezet en daardoor in jobs belanden die niet aansluiten bij hun beroepsmogelijkheden. Een verplichte baan die niet bij je past: het doet spookbeelden uit het verleden opduiken waarbij werklozen verplicht werden om kanalen te graven of bossen te rooien. Een karikatuur die niet strookt met de werkelijkheid. Vlaanderen kiest net als veel andere landen voor een uitgesteld model dat in de eerste weken de nadruk legt op begeleid solliciteren, trainen en bemiddeling, zodat de kansen op een duurzame uitstroom groter worden. Als werknemers pas na een paar maanden aan hun nieuwe job beginnen, sluiten die activiteiten vaak beter aan op hun eigen werkmogelijkheden waardoor ze ook effectiever kunnen werken. Door die (weliswaar korte) begeleidingsfase krijgen ook kansengroepen meer mogelijkheden en worden zelfs mensen met psychologische problemen naar een job geloodst. Work First is een principe waar ook de privésector een rol in vervult: opleidingen horen ook op de werkvloer. De attitudes worden dan via een ander kanaal (de VDAB) aangekweekt. De voorstellen die het ABVV onlangs lanceerde over de invoering van verplichte streefcijfers voor alle kansengroepen, van allochtonen tot kortgeschoolden, hebben dan ook weinig zin. Met een Work Firstbenadering worden die doelstellingen probleemloos gehaald. Alain Mouton