De Indiase Tatagroep presenteerde de Nano, het goedkoopste autootje ter wereld (1700 euro). De internationale consulent A.T. Kearney lanceerde onlangs op een conferentie in Abu Dhabi 'Chimea', een begrip dat breder gaat dan het concept 'BRIC-landen'. BRIC staat voor de opkomende economieën Brazilië, Rusland, India en China. 'Chimea' wijst op een nieuwe fase in de globalisering, met drie onderling verweven deelmarkten: 'Chi' staat voor China en India; 'me' verwijst naar het Midden-Oosten terwijl de 'a' staat voor Afrika.
...

De Indiase Tatagroep presenteerde de Nano, het goedkoopste autootje ter wereld (1700 euro). De internationale consulent A.T. Kearney lanceerde onlangs op een conferentie in Abu Dhabi 'Chimea', een begrip dat breder gaat dan het concept 'BRIC-landen'. BRIC staat voor de opkomende economieën Brazilië, Rusland, India en China. 'Chimea' wijst op een nieuwe fase in de globalisering, met drie onderling verweven deelmarkten: 'Chi' staat voor China en India; 'me' verwijst naar het Midden-Oosten terwijl de 'a' staat voor Afrika. Het Nano-autootje kan aan zijn opgang beginnen in Chimealand. Volkswagen, Renault, Citroën noch Fiat zag die opportuniteit met een aangepaste versie van de 'kever', 'R4', '2PK' of 'cinquecento'. Indiase groepen en Chinese nieuwkomers boren inventief nieuwe afzetmarkten aan in het zuiden. Sovereign wealth funds (staatsinvesteringsfondsen uit opkomende landen, nog zo'n woord dat economische verschuivingen aangeeft) gaven in Abu Dhabi te verstaan dat, indien ze niet welkom zijn in de traditionele industrielanden, ze meer centen in het zuiden zullen pompen. Na tegenkanting in de Verenigde Staten, investeert Dubai World Ports nu van Peru tot Vietnam; petrodollars uit de Emiraten en Saoedi-Arabië voeden mee de groei van China, Indonesië en de Filipijnen. De Chinese opgang in Afrika is bekend. Niet alleen om er grondstoffen weg te zuigen, Chinezen investeren ook massaal in infrastructuur, winkelcentra en fabriekjes. Expertise en bedrijfsinvesteringen stromen niet langer uitsluitend van rijk naar arm, maar van en naar alle denkbare richtingen. Om in Chimea nog marktaandelen te veroveren of te behouden, zullen onze bedrijven creatieve strategieën moeten ontwikkelen, mét of tegen concurrenten uit Chimea. Terwijl Broederlijk Delen met zijn campagne ' Haïti heeft ook talent' (doelend op de moeizame overlevingsstrijd van Haïtiaanse 'kleine' boeren) nog in oude denkpatronen vastzit, getuigt de suikerholding van de familie Lippens van inzicht in en aanpassing aan de nieuwe wereldconstellatie. De suikerfabriek van Moerbeke gaat dicht, omdat bieten uit onze poldergrond niet langer competitief zijn met suiker in de wereldmarkt. Lippens had wellicht beter in Brazilië geïnvesteerd dan in Australië, maar geen gezeur: de suikergroep ontwikkelt 'slimme' suikertoepassingen, onder meer in bioplastics. Ook bietenboeren moeten inventief zijn in plaats van om Europese subsidies te zeuren. En als de boeren van Haïti of Afrika het moeilijk hebben, komt dat door het chronisch falen van hun regeerders die het 'Chimea-mechanisme' niet snappen. De campagne van Broederlijk Delen, noch de 'economische partnershipakkoorden' (EPA's) van de Europese Unie, zullen daar ten gronde iets aan veranderen. Onder de Europese ACP-akkoorden (sinds 1 januari vervangen door EPA's) slonk het marktaandeel van de ACP-landen in Europa van 6,7 % tot 2,8 %; het aandeel van de ACP in de Europese handel met ontwikkelingslanden ging van 14,8 % tot 4,1 %. Chimea is een betere formule die ontwikkelingslanden er sneller bovenop kan helpen dan inefficiënte westerse hulpstromen of EPA's. (T) Door Erik Bruyland