Eerst het goede nieuws: de Vlaamse arbeidsmarkt 'boomt' als geen ander. En nu het slechte: de krapte op diezelfde markt begint fenomenale proporties aan te nemen. Vraag en aanbod geraken steeds moeilijker op elkaar afgestemd. We zitten aan 6 % werklozen, maar het aantal vacatures bij de VDAB zwol sinds begin dit jaar explosief aan tot 500.000, of 40 % meer dan twaalf maanden geleden.
...

Eerst het goede nieuws: de Vlaamse arbeidsmarkt 'boomt' als geen ander. En nu het slechte: de krapte op diezelfde markt begint fenomenale proporties aan te nemen. Vraag en aanbod geraken steeds moeilijker op elkaar afgestemd. We zitten aan 6 % werklozen, maar het aantal vacatures bij de VDAB zwol sinds begin dit jaar explosief aan tot 500.000, of 40 % meer dan twaalf maanden geleden. Een hardnekkige 15 % van deze banen kan met de beste wil van de wereld niet worden ingevuld. En het betreft hier niet alleen jobs voor hoger opgeleiden. Ook naar laag- en niet-geschoolden wordt vertwijfeld gezocht. 'We vissen in een steeds kleinere vijver,' schrijft VDAB-topman Fons Leroy op zijn weblog. Zijn consulenten en instructeurs zitten, net zoals de werkgevers, met de handen in het haar. Het verlies aan inkomsten door die arbeidskrapte, is enorm. In de bouwsector werd eens de berekening gedaan: de gemiste productie door een tekort aan geschoold personeel werd er geschat op 646 miljoen euro of 5 % van de jaarlijkse toegevoegde waarde van de hele sector. Indirect lag de verliespost echter veel hoger. Als alle banen door geschoold personeel waren ingevuld, dan zou dit ook de Belgische economie in ruimere zin stimuleren - denk maar aan de vele toeleveranciers van de bouwsector. Dit zou een extra duw kunnen geven van 1 of 1,5 miljard euro (of 0,31 tot 0,48 van het bbp). Geen kleinigheidje, als je bedenkt dat onze economische groei dit jaar iets boven de 2 % zou liggen. Onze noorderburen hebben dat ondertussen begrepen. Op hun feest van de arbeid, 1 mei, zetten ze definitief de poort open voor elke werknemer uit de lidstaten van Oost- en Centraal-Europa die in 2004 tot de EU zijn toegetreden. België bleef treuzelen. Hier kan een Pool, Hongaar, Est, Let, Litouwer, Tsjech, Sloveen of Slovaak enkel terecht als hij solliciteert voor een van de 120 Vlaamse knelpuntberoepen én als hij een arbeidskaart ontvangt. Anders blijft de deur gesloten. Aftredend minister van Werk Peter Vanvelthoven (SP.A) liet al vroeger uitschijnen dat ook België zijn arbeidsmarkt tegen halverwege 2007 - dus rond deze tijd - volledig zou openstellen, maar het bleef bij ijdele beloften. Om die grenzen te openen, moest het parlement in de laatste werkweken voor 10 juni nog twee varkentjes wassen: de hoofdelijke aansprakelijkheid van Belgische ondernemers als ze buitenlanders illegaal tewerkstelden, en een vorderingsrecht voor onheus behandelde buitenlanders bij een Belgische arbeidsrechtbank. Van het eerste is niets meer in huis gekomen en van het tweede is niets meer gehoord. Er resten dus nog twee scenario's: ofwel maakt de volgende regeringsploeg hiervan prioritair werk, ofwel blijft België treuzelen tot 2009, tijdstip waarop alle deuren sowieso opengaan voor de 'nieuwe' EU-burgers. Onze mening? Dit land kan zich niet veroorloven langer te wachten. Nu Nederland de stap heeft gedaan, ontwikkelt er zich een nieuwe concurrentiehandicap ten opzicht van onze buren. Honderden werkgierige EU-burgers sijpelen er het arbeidscircuit binnen en bezorgen het bedrijfsleven een adrenalinestoot. In 2009 zal de vergrijzing in deze contreien des te acuter toeslaan: vanaf dan zal de instroom van Vlaamse jongeren voor het eerst onvoldoende zijn om de uitstroom van oudere gepensioneerden op te vangen, zo voorspellen demografen. Daardoor dreigt de krapte op de arbeidsmarkt alleen maar groter te worden. Veel Belgen gaan nog steeds onder de misvatting gebukt dat een ongebreidelde tewerkstelling van nieuwe EU-burgers de jobs van werkzoekende Belgen doet sneuvelen. Dat is prietpraat. Eén: het probleem is dat veel van die banen nu al niet meer op ordentelijke wijze ingevuld geraken. Twee: de cijfers hierboven tonen aan dat deze instroom ook nieuwe jobs kan creëren. En drie: er zijn al naar schatting tienduizenden zwarte Polen actief in dit land, een bron van deloyale concurrentie voor de eigen bedrijven. De VDAB kan of mag de verdere activering van werklozen in dit land niet afbouwen. We kunnen ons dat niet permitteren. Blijven vissen in die kleine vijver blijft de boodschap. Maar de dienst moet ook dringend zijn blik naar het buitenland richten. Zonder complexen specialisten naar Oost- en Centraal-Europa zenden om er knelpuntberoepen te rekruteren en deze nieuwe EU-burgers wegwijs maken op onze arbeidsmarkt, is de enige en beste remedie om de schaarste in deze arbeidsmarkt op te lossen.