"Enerzijds worden bedrijfsjuristen nauwer betrokken bij de analyse van mededingingsdossiers, en moeten we over meer interne bedrijfsinformatie beschikken om ons beroep te kunnen uitoefenen," zegt Jettie Van Caenegem, ondervoorzitter van de European Company Lawyers Association. "Anderzijds eigent de Europese Commissie zich meer onderzoeksbevoegdheden toe, en kan ze die interne informatie...

"Enerzijds worden bedrijfsjuristen nauwer betrokken bij de analyse van mededingingsdossiers, en moeten we over meer interne bedrijfsinformatie beschikken om ons beroep te kunnen uitoefenen," zegt Jettie Van Caenegem, ondervoorzitter van de European Company Lawyers Association. "Anderzijds eigent de Europese Commissie zich meer onderzoeksbevoegdheden toe, en kan ze die interne informatie via een huiszoeking opvragen in het bedrijf. Die inlichtingen kunnen tegen het bedrijf worden gebruikt in een mededingingsprocedure." Volgens de juriste druist deze situatie in tegen het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens, gezien het "afschrikwekkende en strafrechtelijke karakter van de mogelijke boetes" in dergelijke zaken. Bedrijfsjuristen hebben in België sinds twee jaar beroepsgeheim. Op nationaal vlak zijn ze dus niet verplicht om informatie te leveren aan het gerecht of een administratie. Maar het beroepsgeheim geldt niet op Europees niveau. Zo heeft de Commissie in een onderzoek bij Sabena beslag kunnen leggen op documenten van de juridische dienst, die waarschuwden dat de activiteiten van de maatschappij een inbreuk op EU-regels waren. Die adviezen werden gebruikt als bewijselement om de boetes te verhogen. "De Commissie houdt dus geen rekening met de Belgische wetgeving," aldus Van Caenegem, die als bedrijfsjurist van het farmacie- en chemiebedrijf UCB te maken heeft met dit soort dossiers. Onlangs werd deze stelling door de mededingingsautoriteiten genuanceerd. Zo'n document kan wel worden gebruikt als bewijs van de feiten, maar niet als een omstandigheid die tot een verzwaring van de boetes leidt. Volgens de voorstellen van de nieuwe mededingingsregels krijgen de nationale mededingingsautoriteiten meer bevoegdheden in het onderzoek naar kartels en andere inbreuken op de vrije mededinging. Bedrijfsjuristen krijgen meer verantwoordelijkheid, zegt Van Caenegem, maar met de huidige stand van zaken houdt dat een groter risico voor de bedrijven in. De analyse wordt immers niet als confidentieel beschouwd. "De enige manier om dat te ontwijken is een advocaat in te schakelen, die wél over een afdwingbaar beroepsgeheim beschikt. Terwijl wij alle expertise in huis hebben."H.B. [{ssquf}]