Tussen 2012 en 2019 is de toegang tot het pensioenstelsel verstrengd. Uit cijfers die PVDA bij het Riziv en de RVA opvroeg, blijkt dat er voor elke bruggepensioneerde minder, minstens één oudere langdurig zieke bij kwam. "Je verandert de realiteit niet door een sociaal recht af te schaffen. Wie op is, zoekt een uitweg"...

Tussen 2012 en 2019 is de toegang tot het pensioenstelsel verstrengd. Uit cijfers die PVDA bij het Riziv en de RVA opvroeg, blijkt dat er voor elke bruggepensioneerde minder, minstens één oudere langdurig zieke bij kwam. "Je verandert de realiteit niet door een sociaal recht af te schaffen. Wie op is, zoekt een uitweg", zegt Vlaams Parlementslid Kim De Witte (PVDA). Eigenlijk signaleert u een misbruik van het systeem van langdurig zieken? "In België is de productiviteit van de arbeid nog altijd hoog. Daar staat ook een zekere slijtage tegenover. Het is dus niet abnormaal dat werken voor een aantal mensen tussen 55 en 60 niet meer lukt. Of zij in de ziekteverzekering thuishoren dan wel vervroegd met pensioen moeten kunnen, is een maatschappelijk debat. In elk geval kost het de belastingbetaler minder als ze met brugpensioen zouden zijn dan wanneer ze een ziekte-uitkering krijgen." Beide scenario's zijn toch onbetaalbaar? "In onze visie niet. Het komt erop neer de welvaart eerlijk te verdelen. In België gaat maar 10,5 procent van het bruto binnenlands product naar de pensioenen. In Frankrijk en Oostenrijk is dat 14 procent, Zweden en Denemarken zitten rond 13 procent." En dus pleit u voor het behoud van het brugpensioen vanaf 58 jaar? "Inderdaad, en we willen ook de landingsbanen vanaf 55 jaar weer installeren. Voor bepaalde beroepsgroepen is het zinvol dat iemand vanaf 55 halftijds kan werken met een kleine compensatie, zodat het loonverlies niet te groot is. Anders komen sommigen onder hen in de werkloosheid of de ziekteverzekering terecht, en dat heeft ook een kostprijs."