We hebben allemaal onze dromen, en ook Jianping heeft een droom: de regio wil het wereldcentrum van de kattenbakvulling worden.
...

We hebben allemaal onze dromen, en ook Jianping heeft een droom: de regio wil het wereldcentrum van de kattenbakvulling worden. Dat lees ik terwijl ik tegen 200 kilometer per uur in een hogesnelheidstrein door dit verloren hoekje China raas. De droom is met rode verf op de muren van de plaatselijke kalkmijnen geklad, zoals de slogans ten tijde van de Grote Sprong Voorwaarts en de Culturele Revolutie. De rode leuzes van destijds zijn vervangen door de ambitie van het grootkapitaal. Het Chinese economische beleid focust sinds een jaar op binnenlandse consumptie en zelfvoorziening, en niet langer op export. De omschakeling wordt gedreven door een assertiever Westen, dat beperkingen oplegt aan de Chinese export en import. Het resultaat van de omschakeling is te zien in metropolen als Sjanghai en Shenzhen. Hun economie en de koopkracht van hun bewoners steken die van Europese natiestaten naar de kroon. Het Chinese achterland is echter bij het beproefde exportmodel gebleven: de noden van de kapitaalkrachtige westerse middenklasse vervullen. Of in het geval van Jianping, de sanitaire behoeftes van haar favoriete snorharigen. Een slimme alliantie tussen de lokale overheid en industriëlen moet die ambitie waarmaken. Die laatsten krijgen toegang tot goedkope gronden en belastingvrijstellingen, zodat de lokale bestuurders kunnen uitpakken met een riante groei en een hoge tewerkstellingsgraad ¬ cijfers die op hun beurt een ticket opleveren voor promotie tot in het machtscentrum Peking. Het systeem biedt ook mogelijkheden voor Europese ondernemers. Ik ben in Jianping op zoek naar exportmogelijkheden voor een Nederlandse klant. Niet in de huisdierenindustrie, wel in de biochemie. Mijn opdracht is een Chinese zakenpartner te evalueren en te beoordelen of hij samen met mijn klant kan investeren. De Chinese ondernemer ziet de gemeenschappelijke business meteen groots. Groots denken en handelen loont in een economie die al decennialang groeit. Voorbeelden van verpauperde Chinese regio's die uitgroeien tot wereldexportcentra zijn legio. Lokale ondernemers bouwen niche-industrieën uit en transformeren hun dorpjes tot de vijzen-, schoenen- en kattenbakvullinghoofdsteden van de wereld. De lokale economie vertienvoudigde in tien jaar en bracht zowel banen als steenrijke magnaten voort. In het kapitalisme deelt iedereen ongelijk in de welvaart. Na dagen van fabrieksbezoeken, controles van financiële cijfers en vooral persoonlijke gesprekken over plannen en ambities, sluipt het beeld van de kattenbakkampioen tijdens de terugreis weer in mijn gedachten. Kattenbakkampioen: voor een Europeaan is het idee makkelijk weg te lachen. Maar het is veel meer dan een holle slogan. Het is een geloof in een maakbare toekomst, de creatie van welvaart in een regio die tot voor kort alleen bekend was om zijn bittere armoede. Het is blind vertrouwen in het idee dat, mits er hard gewerkt wordt, morgen beter zal zijn dan vandaag. Het soort vooruitgangsoptimisme dat de Europeanen even hard kunnen gebruiken als een vaccinatieprik.