De financiële crisis die in 2007 losbarstte en in 2008 op kruissnelheid kwam, lijkt een uniek economisch verschijnsel. Een vastgoedzeepbel in de VS die het financiële systeem onderuithaalde en een van de belangrijkste muntzones van de wereldeconomie doet wankelen. "Dat is nochtans niet uitzonderlijk", relativeert Erik Buyst, professor economische geschiedenis aan de KU Leuven.
...

De financiële crisis die in 2007 losbarstte en in 2008 op kruissnelheid kwam, lijkt een uniek economisch verschijnsel. Een vastgoedzeepbel in de VS die het financiële systeem onderuithaalde en een van de belangrijkste muntzones van de wereldeconomie doet wankelen. "Dat is nochtans niet uitzonderlijk", relativeert Erik Buyst, professor economische geschiedenis aan de KU Leuven. "Je moet er rekening mee houden dat ons economisch systeem al in de negentiende eeuw ongeveer elke tien jaar door een financiële crisis werd getroffen. We komen eigenlijk uit een exceptionele periode, die van Bretton Woods, die liep van het einde van de Tweede Wereldoorlog tot het begin jaren van de jaren zeventig. Het was een tijd van grote financiële stabiliteit dankzij een sterke regulering met strenge kapitaalcontroles." "Financiële crisissen staan niet los van deregulering. Denk maar aan de schuldencrisis in de jaren tachtig in Latijns-Amerika. In de jaren negentig volgde de savings & loans-affaire, bijna tien jaar later de dotcomzeepbel en vanaf 2007 de jongste crisis. Financiële crisissen zijn permanent aanwezig in ons economisch systeem, Bretton Woods uitgezonderd. Het wordt zeer moeilijk om crisissen te voorkomen en te voorspellen. Ook als gevolg van de menselijke creativiteit, die altijd nieuwe financiële producten ontwikkelt." ERIK BUYST. "Financiële crisissen vinden hun oorsprong in de vlucht naar dezelfde activa die te hoog geprijsd raken. Op een bepaald moment wordt de zeepbel doorprikt en volgen forse prijsdalingen. Banken die daarin overgeïnvesteerd hebben, delen in de klappen. Een gelijkenis tussen financiële crisissen waar weinig mensen bij stilstaan is shadowbanking of het financieel systeem dat naast de banken functioneert met hedgefondsen en alle off balance-activiteiten. Bij de beurspaniek van 1907 bestond dat al met de zogenaamde trust companies, een soort investeringsmaatschappijen. Ook dat is dus niet nieuw aan deze crisis. Het is wel opvallend dat we nu een lender of last resort hebben in de vorm van een centrale bank. Zelfs als er in de negentiende eeuw een centrale bank bestond, dan nam die niet automatisch die rol op zich. De Nationale Bank van België bestaat sinds 1850, maar pas in de jaren dertig schoot ze in actie." BUYST. "Het zijn niet alleen de centrale banken die de geldkranen wagenwijd opendraaiden, de overheden hebben op een nooit geziene manier banken genationaliseerd en toxische activa overgenomen. Dat hebben we zelfs in de jaren dertig niet meegemaakt. Waar mondt dat uiteindelijk in uit? Omdat de overheid zo massaal tussenbeide kwam, veroorzaakte ze voor een deel de schuldencrisis." BUYST. "In de jaren dertig gingen de banken gewoon failliet. Dat heeft het vertrouwen van spaarders en investeerders enorm ondermijnd. Met domino-effecten tot gevolg. Daarom verkies ik het huidige beleid." BUYST. "Met de Grote Depressie verzwakte eerst de reële economie en door de bedrijfsfaillissementen kwamen de banken in de problemen. Een groot verschil was ook de opkomst van het protectionisme. Voorlopig toch." BUYST. "De wereld heeft het geluk gehad dat Ben Bernanke een specialist is van de Grote Depressie. In die tijd bedroegen de rentes nominaal 2 tot 3 procent, met prijzen die op jaarbasis 4 tot 5 procent daalden. Dat betekende reële rentevoeten van 8 procent. De centrale banken wisten toen nog niet dat ze de situatie konden verbeteren door deflatie te bestrijden, de rente te verlagen en liquiditeiten in het systeem te pompen. "Bernanke wist wat hij moest doen: de rentevoeten fors verlagen. Dat was een conditio sine qua non om een nieuwe depressie te vermijden. Maar als we op een tweede niveau komen, dat van het onorthodoxe quantitative easing 1 en 2 (QE, het massaal opkopen van staatspapier door de centrale bank, nvdr.), dan begeven we ons op glad ijs. Daar bestaan geen precedenten voor en het valt af te wachten wat daar op lange termijn de gevolgen van zijn. Er worden niet alleen veel liquiditeiten in de markt gepompt. Bankiers en gewone economische agenten kunnen redeneren dat alle sluizen worden opengedraaid elke keer als ze iets mispeuteren. Bernanke doet er goed aan om niet direct voor QE3 te kiezen. Dat houdt hij beter achter de hand voor als het huis volledig ineenstort." BUYST. "Veronderstel dat in de VS ook een schuldencrisis uitbreekt en de overheidsdeficits er snel omlaag moeten, dan krijg je daar ook een moderne versie van deflatiebeleid en dat heeft grote negatieve effecten op de reële economie. De Fed moet tussenbeide komen via QE3 of iets anders." BUYST. "Dat hangt ervan af. Duitsland heeft aangetoond dat wij als Europeanen ook China en de Zuidoost-Aziatische markten kunnen ontginnen. Als andere landen hun concurrentiekracht verbeteren en Duitsland volgen, ontsnappen we aan dat scenario. Het grote probleem is dat de Zuid-Europese landen daar niet klaar voor zijn. Zij hebben een veel zwakkere economische exportstructuur. Zij zijn net actief in die sectoren waar de BRIC-landen goed in zijn, zoals textiel en schoenen. De Griekse situatie is nog dramatischer omdat dat land nog sterk afhankelijk is van landbouw. Noord-Europa heeft nu wel troeven om te profiteren van de globalisering." BUYST. "De financiële crisis was een trigger die de verschillen duidelijk maakte. Landen als Spanje en Griekenland hebben het vorige decennium jaren double digit-tekorten gehad op hun lopende rekening. Dat is een koortsmeter die aantoont dat er iets structureel mis is met die landen. De Spaanse overheid heeft daarnaast te weinig gedaan om die vastgoedbubbel onder controle te houden." BUYST. "Ik zou het anders willen bekijken. De financiële crisis heeft ertoe geleid dat onze overheidsuitgaven in procent van het bruto binnenlands product (bbp) enorm zijn gestegen. België torst nu een overheidsbeslag van 54 procent van het bbp, rente-uitgaven meegerekend. Voor de crisis van 2007 zaten we onder de 50 procent. De overheidsuitgaven hebben zich nog altijd niet aangepast aan die schok. "België moet ongeveer 5 procent van het bbp wegsaneren. Willen we onze economische groei weer op gang krijgen, dan moeten we nagaan welke taken de overheid meer kan overhevelen naar het marktcircuit. Ik denk aan onderdelen van de dienstensector, de gezondheidszorg, zelfs onderwijs." BUYST. "Na oorlogen hebben we voortdurend onze schuld weg geïnflateerd. Maar nu torsen de landen een torenhoge schuld die niet aan een militair conflict verbonden is. Na een dramatische situatie incasseren mensen gemakkelijker koopkrachtverlies om de schulden af te bouwen. Maar als het beleid niet optimaal was, dan is de weerstand bij de bevolking groter. "Ik heb soms de indruk dat de financiële repressie een soort van substituut is voor het weg inflateren van de schuld. Dat laatste is nu niet meer mogelijk omdat de ECB met die inflatienorm van 2 procent zit. Maar financiële repressie betekent wel de overheveling van middelen van schuldeisers naar schuldenaars en van de oudere naar de jongere generatie. Die financiële repressie lijkt onvermijdelijk als je schulden wilt afbouwen. De neerwaartse trend in de reële economie moet je via goedkope kredietverlening proberen tegen te gaan. Maar verwacht er ook geen wonderen van. Lage rentetarieven werken alleen als er vertrouwen is in de economie. Bedrijven en particulieren blijven toch zeer voorzichtig." ALAIN MOUTON EN MATHIAS NUTTIN, FOTOGRAFIE LIES WILLAERT"De wereld heeft het geluk gehad dat Ben Bernanke een specialist is van de Grote Depressie"