DE DUITSE WEBWINKEL Zalando investeert 200 miljoen euro in de bouw van een megamagazijn van 140.000 vierkante meter in het Nederlandse Bleiswijk, op een boogscheut van Rotterdam. Op termijn belooft de modereus er 1500 banen te creëren. Vanuit het distributiecentrum zullen pakjes vertrekken naar consumenten in Nederland, België, Luxemburg, Frankrijk, Spanje en het Verenigd Koninkrijk.

Er is ook geprospecteerd en gelobbyd om het magazijn in ons land op te trekken. Het Henegouwse Dour kwam even in beeld en ook de haven van Gent werd genoemd. Maar uiteindelijk wint Zuid-Holland. Dat is niet de eerste keer en zeker niet de laatste. Vlaanderen en Wallonië zijn prima gelegen om logistieke activiteiten aan te trekken, maar voor het vak e-commercelogistiek falen we keer op keer. We leren het niet. We willen het niet.

Het vreemde is dat weinigen daar wakker van lijken te liggen. De handelsfederatie Comeos komt steevast met een persbericht waarin ze betreurt dat de investeerders België links laten liggen. Voor het VBO is onze achterstand in e-commerce zelfs een deel van de verklaring waarom onze economie de voorbije jaren minder sterk is gegroeid dan die van de buurlanden. Maar de vakbonden schieten steevast met scherp. In hun ogen gaat het om slecht betaalde, hyperflexibele rotbanen die ze liever kwijt dan rijk zijn.

De pijnlijke waarheid is dat we het ons niet kunnen permitteren onze neus op te halen voor het aantrekken van duizenden banen. Als we onze welvaartsstaat op peil willen houden, telt elke baan. We evolueren naar een kenniseconomie, maar ook voor laagopgeleiden moet werk worden gecreëerd. E-commerce is een groeipool. Om die investeringen aan te trekken moeten we scoren in flexibele arbeid, vlotte mobiliteit, kwalitatieve infrastructuur, voldoende ruimte en een goede samenwerking met de lokale overheden.