Het Belgische buitenlandbeleid zit ongelukkigerwijze in de handen van Louis Michel ( MR), een populist en een onderdaan van het Quay d'Orsay, waar Frankrijk zijn beleid 'pour la gloire de la France' bedenkt. Achter het nette Nederlands van Michel schuilt een politicus die een projectie is van de belangen van la Francité.
...

Het Belgische buitenlandbeleid zit ongelukkigerwijze in de handen van Louis Michel ( MR), een populist en een onderdaan van het Quay d'Orsay, waar Frankrijk zijn beleid 'pour la gloire de la France' bedenkt. Achter het nette Nederlands van Michel schuilt een politicus die een projectie is van de belangen van la Francité. Dat hoeven de Vlamingen niet te pikken. Sedert 1993 hebben zij de bevoegdheid om een grote impact te hebben op het internationale beleid van hun deelstaat en België. In 1993-1999, onder Luc Van den Brande ( CD&V), ging dat goed. Onder Patrick Dewael en zijn opvolger, Bart Somers (beiden VLD), liep dat fout. Vlaanderen is buitenlands bevoegd over de materies waarvoor het binnen België macht verwierf door de staatshervormingen. Dus: landbouw, ontwikkelingsbijstand, uitvoer, mobiliteit, cultuur, Europa, Benelux enzovoort. Elk land bedrijft een internationaal beleid geïnspireerd door zijn eigenbelang. Dat eigenbelang kan betekenen: meer Benelux, meer Europa, meer medewerking met de Derde Wereld, meer of minder sympathie voor het Atlantisch verbond tussen de EU en de VS... Helmut Lotti croont op de markt van Antwerpen; de worsten sissen op de gesubsidieerde braai in uw gemeente, de zoveelste would-be Novastar of dEUS roffelt in het buurthuis. 11 juli krijgt jaar na jaar sterker de allure van een Fourth of July (VS) of Quatorze Juillet (Frankrijk). De gelegenheidssprekers staan op die momenten vaak met hun mond vol tanden; dit jaar kunnen zij inspiratie zoeken bij een boek en een colloquiumverslag. Het boek - Vlaanderen en zijn buitenland - is geschreven door ex-ambassadeur Jan Hendrickx (zie interview, blz. 24); het colloquium - Het Vlaams buitenlands beleid en de Belgische federatie, 1993-2003 - is een eersteling van het jonge Centrum voor de Studie van de Vlaamse Buitenlandse Betrekkingen van de Universiteit Antwerpen. De Vlaamse exportpromotie is volwassen. Na het verslijten van vier toplui op zeven jaar die er weinig van bakten ziet het er onder uitvoer-CEO Koen Allaert beter uit (zie blz. 20). Waarom loopt dit aspect van het Vlaamse buitenlandbeleid goed? Omdat ambtenaren van de voormalige federale Belgische Dienst voor Buitenlandse Handel (BDBH) overstaken naar de Vlaamse exportadministratie, er een goede wisselwerking is tussen de medewerkers van Export Vlaanderen en de bedrijven en hun brancheverenigingen, de uitvoerpromotie een terrein is met een politieke en economische beleidstraditie in Vlaanderen, de ambtenaren van Export Vlaanderen hun vak kennen en minder moeten terugvallen op een al of niet geïnteresseerde voogdijminister. Laten we na deze hommage aan de openbare exportpropaganda de leuze van Gaston Geens oppikken: wat we zelf doen, doen we beter. De eerste premier van Vlaanderen had het euforisch over de kracht en de macht van zijn deelstaat. De voorbije vijf jaar is dat "doen wij beter" niet gerealiseerd in ons buitenlandbeleid. Het zal u verbazen dat Vlaanderen een buitenlandbeleid kan voeren. Dit is een goed bewaard geheim. Wel meer regionaliseringen zijn doorgevoerd door de politici om er nadien niets of zeker niets beters mee aan te vangen. Het meest schrijnende voorbeeld is de internationale politiek van de Vlaamse regeringen. Patrick Dewael is de page van Louis Michel en Guy Verhofstadt en deserteerde overeenstemmend naar de federale regering om Belgisch minister te worden. De kloof tussen burgers en politiek ontstaat door het gedrag van gemandateerden die wetten goedkeuren om ze nadien te boycotten. Frans Crols