We startten de opvolging van Foster Wheeler bij onze sectoranalyse van de Amerikaanse industrials (zie Cash nr. 45 van 5 november 2009). De koers van de wereldwijde bouw- en machineaannemer en leverancier van energieapparatuur steeg op korte termijn vrij snel, maar is na de tegenvallende resultaten van het eerste kwartaal op de dool.
...

We startten de opvolging van Foster Wheeler bij onze sectoranalyse van de Amerikaanse industrials (zie Cash nr. 45 van 5 november 2009). De koers van de wereldwijde bouw- en machineaannemer en leverancier van energieapparatuur steeg op korte termijn vrij snel, maar is na de tegenvallende resultaten van het eerste kwartaal op de dool. Toch blijven we positief over Foster Wheeler, want er zijn signalen dat de marktomgeving zich aan het herstellen is. Dat zou vanaf het tweede en derde kwartaal moeten leiden tot een sterker orderboek. Het bedrijf ziet nu al dat uitgestelde projecten opnieuw worden geactiveerd en dat er nieuwe orders binnenkomen. Vooral Azië en de Centraal- en Zuid-Amerikaanse markten doen het beduidend beter. De Power Group ziet een sterke orderverbetering dankzij de hoge vraag naar de CFB-boilers. Er wordt voor die divisie de komende kwartalen een sterke toename van de ebitda verwacht. Het orderboek is bovendien op dit moment bovengemiddeld. Engineering & Construction doet het iets minder goed, maar ook daar lijkt het orderboek toe te nemen. De prijszetting blijft (voorlopig) wel erg competitief. Toch worden er redelijke marges van 18 à 19 % verwacht. Door het zwakke eerste kwartaal verlagen we veiligheidhalve de verwachte winst per aandeel tot 2,26 dollar. Foster Wheeler noteert dus aan slechts 10,5 keer de verwachte winst. Het bedrijf heeft bovendien een lage schuldgraad en sterke mogelijkheden om te groeien, zowel organisch als via acquisities. We hanteren een voorlopig koersdoel van 34 dollar, dat kan worden opgetrokken zodra de visibiliteit op ordervlak verbetert. Koopwaardig tot 27,5 dollar (koers op 25 mei: 23,81 dollar).Transocean is de ongelukkige eigenaar van het boorplatform Deepwater Horizon, dat in april in de Golf van Mexico ontplofte en vervolgens zonk. Hoewel BP, dat het platform huurde op het ogenblik van de ramp, als belangrijkste verantwoordelijke werd aangeduid, vrezen beleggers dat ook Transocean zal moeten bijdragen aan het verwijderen van de olie, die de stranden van meerdere Amerikaanse staten vervuilt. Er worden trouwens ettelijke klachten neergelegd tegen de wereldleider in boorplatforms, net als tegen BP en Halliburton. Dat laatste verzorgde de dienstverlening voor het platform. Op dit ogenblik kunnen we onmogelijk inschatten welke schadevergoedingen Transocean mogelijk zal moeten betalen. Maar het is overduidelijk dat dat het verlies van bijna 10 miljard dollar aan beurskapitalisatie niet kan rechtvaardigen, ook al kan de daling van het aandeel wel verklaard worden door de lagere olieprijs en door de onrechtstreekse gevolgen van de ramp. Het project van president Obama om de offshoreontginning voor de Amerikaanse kusten - en niet alleen in de Golf van Mexico - toe te laten, zou wel eens in het water kunnen vallen. Bovendien zullen er strengere veiligheidseisen komen in de VS, net als in de rest van de wereld. Die eisen zullen gelijkgetrokken worden met de strikte normen die in de Noordzee gelden. Recent evalueerden de analisten van JPMorgan de kost daarvan op gemiddeld 20 miljoen dollar per platform. Ook onderhouds- en verzekeringskosten zouden wel eens de hoogte in kunnen gaan. We mogen de impact van bijkomende kosten echter ook niet overschatten. Zo zou het Transocean minder dan 1 miljard dollar kosten om zijn platforms in orde te brengen met de verwachte nieuwe veiligheidsnormen. De verzekeringen vormen slechts een beperkte kost, terwijl de onderhoudskosten ook gedragen worden door de huurders van de platforms. Globaal is het winstpotentieel van de sector en van Transocean met minder dan 10 % aangetast en dat is heel wat minder dan de opdoffer van 30 % die het aandeel te verwerken kreeg. Wij raden u aan te profiteren van de huidige koers om positie in te nemen op Transocean, dat momenteel aan een bijzonder aantrekkelijke waardering noteert: 0,9 keer de boekwaarde en 6,9 keer de verwachte winst voor 2010 (8,5 dollar per aandeel). Er wordt verwacht dat de winst vanaf volgend jaar opnieuw zal stijgen. (C)De crisis rond de overheidstekorten heeft niet alleen gevolgen voor de aandelen van financials die Zuid-Europese staatsleningen bezitten, maar ook voor de sector van de hernieuwbare energie. De markten vrezen immers dat er op de subsidies zal worden bespaard. Sinds ons aankoopadvies van februari (zie Cash nr. 5 van 4 februari 2010) daalde het aandeel Q-Cells stevig, waardoor het nu onder 5 euro noteert, of 20 keer lager dan op zijn top van 101,15 euro van december 2007. De financiële crisis heeft de prijs voor fotovoltaïsche cellen doen instorten. De Duitse groep moest haar strategie herzien om haar afhankelijkheid van die cellen te verminderen, die voortaan vooral in lageloonlanden geproduceerd worden en zeer kleine marges opleveren. Naast zijn historische activiteiten als producent van zonnecellen en projectbeheerder heeft Q-Cells zich ook verderop in de productieketen ontwikkeld. Het brengt nu ook eigen monokristallijne, polykristallijne en dunlagige modules op de markt (voor alle gebruik: van residentieel tot voor grote installaties). Bij de presentatie van de kwartaalresultaten gaf de Duitse groep aan dat ze een verkoopnetwerk had opgezet en voorraden opgebouwd om te kunnen starten met de commercialisering van modules. De verkoop zou moeten toenemen na de voorstelling van de modules op de Intersolar Trade Fair in München begin juni. Bovendien breidt de Duitse groep haar productiecapaciteit voor zonnecellen in Maleisië verder uit (de capaciteit zou er eind september op 600 MWp moeten uitkomen, dat is meer dan de 500 MWp in Duitsland). Daardoor zal ze uiteraard haar kosten kunnen verminderen (en haar flexibiliteit verhogen). Voor de dunlagige modules mikt Q-Cells op een capaciteit van 135 MWp eind 2010, dat is vier keer zoveel als op 31 december 2009. Q-Cells zit dus opnieuw op het goede spoor en ondanks enkele resterende onzekerheden (de evolutie van de markt eind 2010 - begin 2011 en de herfinanciering van leningen die in 2012 aflopen) en met een kaspositie van 280 miljoen euro kan het zonder problemen het vervolg en de afsluiting van zijn herstructureringsprogramma financieren. Zo zal de groep uitstekend geplaatst zijn om te profiteren van de groei van de fotovoltaïsche zonnecellen, waarvan alle voorspellingen stellen dat hij exponentieel zal zijn. Op het vlak van waardering noteert Q-Cells momenteel gevoelig onder zijn boekwaarde, terwijl de groep verwacht dat ze vanaf het huidige kwartaal opnieuw winstgevend zal zijn. Wij herhalen dan ook ons koopadvies en blijven erbij dat een belegging in Q-Cells alleen vanuit een middellange- of langetermijnoptiek (minimaal 18 tot 24 maanden) mag worden overwogen.door Cédric Boitte en Ken Van WeyenbergFoster Wheeler noteert aan slechts 10,5 keer de verwachte winst. Q-Cells noteert momenteel gevoelig onder zijn boekwaarde, terwijl de groep verwacht dat ze vanaf het huidige kwartaal opnieuw winstgevend zal zijn.