Als Alexander Fleming niet zo'n sloddervos was geweest, had hij de penicilline waarschijnlijk niet ontdekt. Toen de Britse arts en microbioloog op 3 september 1928 na een vakantie terugkeerde in zijn laboratorium, zag hij dat er schimmel stond op een van zijn petrischaaltjes met bacteriekweken. Zoals wel vaker, had hij de schaaltjes laten rondslingeren in zijn benauwde, volgepropte kantoor annex laboratorium. Meteen merkte hij dat er geen bacteriën te vinden waren in de buurt van de schimmel. Fleming toog ermee aan het werk en constateerde dat de schimmel vele soorten bacteriën kon doden: de penicilline w...

Als Alexander Fleming niet zo'n sloddervos was geweest, had hij de penicilline waarschijnlijk niet ontdekt. Toen de Britse arts en microbioloog op 3 september 1928 na een vakantie terugkeerde in zijn laboratorium, zag hij dat er schimmel stond op een van zijn petrischaaltjes met bacteriekweken. Zoals wel vaker, had hij de schaaltjes laten rondslingeren in zijn benauwde, volgepropte kantoor annex laboratorium. Meteen merkte hij dat er geen bacteriën te vinden waren in de buurt van de schimmel. Fleming toog ermee aan het werk en constateerde dat de schimmel vele soorten bacteriën kon doden: de penicilline was ontdekt. Uiteraard wenden Eric Abrahamson (professor management aan Columbia University) en David Freedman (redacteur bij businessmagazine Inc.) Fleming aan als opperste bewijs van hun boude stelling: wanorde is zinvol. Ze gieten hun theorie in een wet, die de titel werd van de Nederlandse vertaling van hun boek A Perfect Mess: De wet van de stimulerende wanorde. Hun wet blijft niet beperkt tot verstrooide professoren en slordige genieën, het boek biedt evengoed voorbeelden uit het huishouden, het bedrijfsleven en de politiek. Uit die laatste categorie onthouden we Arnold Schwarzenegger, de Hollywoodster die het tot gouverneur van Californië schopte. De keurig afgeborstelde acteur-politicus slaat zich door zijn drukke leven zonder agenda. "Niet iedereen bewondert hem, maar je kunt moeilijk beweren dat hij niet effectief is," concluderen de auteurs over de Oostenrijkse Amerikaan die zelfs van zijn politieke standpunten een rommeltje maakt. Ongetwijfeld hadden ze in de Belgische politiek overtuigender voorbeelden gevonden... Effic iëntie dankzij wanorde, die contradictie toont het auteursduo keer op keer aan. De anekdotes buitelen over elkaar heen. Bij enkele cases staan de schrijvers langer stil, zoals bij het spectaculaire ondernemerssucces van Elbert (Burt) Rutan. In de jaren zestig werd de technicus en piloot gevraagd uit te zoeken waarom er zo vaak een Phantom F4-gevechtsvliegtuig neerstortte. Terwijl zijn collega's hun rekenmachine namen, bekeek hij het probleem ... tijdens een vlucht. Die net niet fatale ervaring leidde tot een cruciale aanpassing. Met zijn bedrijf Scaled Composites specialiseerde Rutan zich in prototypes, waarmee hij werkt voor alle grote vliegtuigconstructeurs. Zijn aanpak bleef dezelfde: geen mooie plannen, maar sleutelen en testen. Zijn jongste exploot: de SpaceShipOne. Na geslaagde testvluchten, bouwt hij nu voor Richard Branson een ruimtevaartuig met plaats voor vijf passagiers. Toch is dit boek geen pleidooi tegen orde. Abrahamson en Freedman geven ook tragische cases van pathologische rommel. Ze betogen alleen dat te veel nadruk op orde niet altijd de beste resultaten oplevert. Mensen en organisaties blijken op hun best wanneer ze de juiste mix van orde en wanorde vinden. Vooral nieuwe ideeën duiken vaker op in plaatsen die wat rommel en chaos kunnen verdragen. David Freedman & Eric Abrahamson, De wet van de stimulerende wanorde. Mouria, 320 blz., 18,90 euro.Luc De Decker