Als u vindt dat de Beurs van Brussel het slecht doet, dan hebt u overschot van gelijk. Maar niet alleen Brussel kwakkelt: de landen waar de beursindex boven het niveau van begin 2000 uitstijgt, zijn momenteel op één hand tellen. Ja, er is China, en ook in Venezuela en Zuid-Afrika doen de beurzen het niet slecht, maar dan zijn we er ongeveer.
...

Als u vindt dat de Beurs van Brussel het slecht doet, dan hebt u overschot van gelijk. Maar niet alleen Brussel kwakkelt: de landen waar de beursindex boven het niveau van begin 2000 uitstijgt, zijn momenteel op één hand tellen. Ja, er is China, en ook in Venezuela en Zuid-Afrika doen de beurzen het niet slecht, maar dan zijn we er ongeveer. De Amerikaanse technologiebeurs Nasdaq moest de grootste klappen incasseren: Nasdaq verloor sinds de pieken in het vroege voorjaar van 2000 méér dan de helft van zijn waarde. En dat heeft gevolgen, wereldwijd: de Amerikaanse beurzen blijven immers het beursgebeuren op wereldniveau domineren. De spectaculaire rentedalingen die Alan Greenspan, de voorzitter van de Amerikaanse centrale bank ( Fed), in 2001 doorvoerde, konden maar heel even de koersen laten opveren. Er heerst in de VS vooral onzekerheid over de evolutie van de bedrijfswinsten. Het zijn die winsten, en dan vooral de verwachtingen daaromtrent, die samen met het renteniveau de koersen bepalen. Sterke winstwaarschuwingen van bedrijven die tot voor kort nog als 'zekerheden' werden gezien - denk maar aan Motorola, Hewlett-Packard, Dell Computer en Nortel Networks - zijn vandaag schering en inslag. Steeds meer analisten gaan er dan ook van uit dat de inzinking van de Amerikaanse bedrijfswinsten zeker niet over enkele maanden zal zijn overwonnen. Bedrijfssectoren die de voorbije jaren fors investeerden, kampen nu al met een aanzienlijke overcapaciteit. Dat gegeven verhoogt niet alleen de kans op faillissementen, maar zal zich ook vertalen in druk op de prijzen. Slechts weinig bedrijven beschikken immers over voldoende flexibiliteit om ingrepen aan de kostenkant te laten samenvallen met een prijsafkalving. Er zijn trouwens nog meer onzekerheden die een negatieve invloed uitoefenen op de beurs:Ten eerste de aarzelende houding van de Europese Centrale Bank (ECB) van president Wim Duisenberg. Ondanks de terugval van de economische activiteit heeft de ECB nog geen vin verroerd inzake rentevoeten. Weten de heren in Frankfurt wel waar ze mee bezig zijn? Ten tweede de financiële crisis in Turkije. Hoewel de toestand er nu min of meer onder controle lijkt, zit de herinnering aan de Mexicaanse devaluatie van 1994 en de Aziatische en Russische crisis van 1997-1998 nog fris in het geheugen bij heel wat spelers op de geld- en kapitaalmarkten.En ten slotte de situatie in Israël en de Palestijnse gebieden. Sinds Ariel Sharon in Israël aan de macht is gekomen, is de vrees voor méér wapengekletter alleen maar toegenomen. Beurzen worden daar zelden beter van. Johan Van Overtveldt