De auteur is hoofdeconoom van Trends. Reacties: daan.killemaes@trends.be
...

De auteur is hoofdeconoom van Trends. Reacties: daan.killemaes@trends.be Xavier Verboven (ABVV) en Luc Cortebeeck (ACV) hebben de looks van bonkige IJslanders uit de zeventiende eeuw. Dat is op zich niet zo erg, tragischer is dat ze hetzelfde welvaartsdestructieve gedrag vertonen als de IJslandse elite van die tijd. IJsland kende tussen de zestiende en de negentiende eeuw een stagnerende economie. De landbouw ging gebukt onder achterhaalde technieken, de hongersnoden namen in frequentie toe, en de gemiddelde IJslander werd kleiner. De paradox in de economische geschiedenis van IJsland was dat het ruwe eiland er niet in slaagde om over te schakelen van landbouw naar de veel lucratievere gespecialiseerde visindustrie, om op die manier op grote schaal de beroemde natuurlijke rijkdommen van het land te gelde te maken. Waarom slaagde IJsland daar niet in? Waarom werden de beschikbare middelen geïnvesteerd in de landbouw, terwijl de rijkdom letterlijk maar op te vissen was? "Omdat de belangen van de heersende landbouwelite geschaad zouden worden door de concurrentie van de visindustrie. De landeigenaars hadden politieke macht en realiseerden zich dat een visindustrie arbeidskrachten zou weglokken, en dus de arbeidskosten voor hen zou doen stijgen," is de analyse van de historicus Thráinn Eggertsson (University of Iceland). De geschiedenis zit vol voorbeelden die aantonen dat een elite niet aarzelt het eigenbelang te verdedigen, ook al leidt dat een economie naar de afgrond. Ook in België zijn anno 2005 genoeg voorbeelden te vinden. Xavier Verboven en Luc Cortebeeck behoren tot een machtselite die geen oog wil hebben voor het algemeen belang. Zij beschermen vooral de oudere werknemer, en laten de rest van de economie en bevolking daarvoor opdraaien. Zij zijn niet alleen. Een Belgische elite klampt zich vast aan de staat België, ook al is dat niet de meest efficiënte structuur om welvaart te scheppen in het noorden én zuiden van het land. En niet alleen de vakbonden, ook de andere sociale partners sluiten dure professionele akkoorden omdat die akkoorden hun aanzien geven, ook al zijn ze schadelijk voor de economie. De Europese landbouwsector is een ander voorbeeld: die leeft van subsidies ten koste van belastingbetalers en de uitvoerkansen van ontwikkelingslanden. Geen van die elites tekende present op de leerstoel Gaston Eyskens aan de KU Leuven, die dit jaar bekleed werd door Daron Acemoglu, een Amerikaanse topeconoom van het Massachusetts Institute of Technology (MIT) die in 2005 de John Bates Clark Medal kreeg, de belangrijkste bekroning in de VS voor 'beste jonge econoom'. "De instellingen, en daarmee bedoel ik de brede waaier van spelregels die een samenleving organiseren, zijn van cruciaal belang voor de welvaart van een land," gaf Daron Acemoglu als hoofdboodschap mee. "Want waarom is het ene land rijk en het andere arm? Omdat het ene land instellingen heeft die de welvaart bevorderen, en een ander land gebukt gaat onder de instellingen die de welvaart vernietigen. De kwaliteit van de instellingen verklaart voor 75 % de inkomensverschillen. Instellingen zijn op de eerste plaats het gevolg van sociale conflicten, en worden ontworpen in functie van herverdelende effecten. Groepen met politieke macht slagen er daarom vaak in om de economie zo te organiseren dat vooral of alleen zij er wel bij varen."Voor Acemoglu staat een goeddraaiende democratie er borg voor dat stoffige elites geen kans krijgen om het laken naar zich toe te trekken en een economie te versmachten, en dat het vernieuwende en welvaartscreërende proces van creatieve destructie zijn gang mag gaan. Het algemeen belang en niet de agenda van een beperkte maar machtige groep dicteert in een democratie het beleid. Waarom is een elite in België en West-Europa dan in staat haar belangen te verdedigen tegen de rest in? Waarom is ze in staat het proces van creatieve destructie af te remmen? Is België dan geen democratie meer? Voor Acemoglu is het een kwestie van informatie. De median voter, die de leeftijd van vijftig nadert, beseft onvoldoende dat ook zijn pensioen op de helling staat als het beleid niet meteen krachtig reageert op de vergrijzing en de wereldwijde concurrentie. En omdat de kiezer dat niet beseft, is hij niet mals voor partijen die werk willen maken van hervormingen. Luc Cortebeeck en Xavier Verboven kunnen of willen dit verhaal echter niet verkopen aan hun achterban. De Belgische regering heeft te langen leste wel akte genomen van de vergrijzing en de globalisering, maar knoopt daar (nog) geen kordaat beleid aan vast. Integendeel, met ronkende termen als het Generatiepact of het Zilverfonds maakt ze de bevolking wijs dat alles onder controle is. Dat is desinformatie. In IJsland duurde het drie eeuwen voor er licht in de duisternis scheen. Daan KillemaesDe vakbonden beschermen vooral de oudere werknemer, en laten de rest van de economie en bevolking daarvoor opdraaien.