Ze wonden er geen doekjes om bij de presentatie, die kerels van Volvo. Deze derde generatie van de V70 moet de beste break in het topsegment worden.
...

Ze wonden er geen doekjes om bij de presentatie, die kerels van Volvo. Deze derde generatie van de V70 moet de beste break in het topsegment worden. Stoere taal die begrijpelijk is. Volvo heeft immers een degelijke breakreputatie hoog te houden. Men denke alleen al aan de Duett van de jaren vijftig. En die Zweedse breaktraditie werd gretig doorgetrokken tot vandaag: meer dan 70 procent van de totale verkoop van het merk gaat immers op in station wagons. Bovendien is de concurrentie in deze markt van de duurdere break messscherp geworden. Reed Volvo jaren geleden bijna alleen rond met een reusachtige break, dan spelen Audi (A6 Avant), BMW (5 Touring) en Mercedes (E Break) nu ook gretig mee met heel verleidelijke modellen. De derde generatie van de V70 blijft de filosofie van het Zweedse huis helemaal trouw. Geen overbodige franje, maar rationeel. Niet blindelings meedoen aan dat obligatoire en obligate lifestyledenken in autoland. De V70 is mooi, maar moet in de eerste plaats een functionele break zijn. En wat is de makkelijkste manier om een auto functioneler te maken? Juist: je bouwt hem groter dan zijn voorganger. De V70 is dus hoger, breder en langer dan de vorige generatie. Het resulteert in meer binnenruimte en een grotere koffer. Uiteraard gaat het tuig er ook technisch op vooruit. Zoals een koetswerk dat nog beter gewapend is tegen impact en een vormgeving voor de snoet die met grote zorg werd uitgekiend om aangereden fietsers en voetgangers zo weinig mogelijk te verwonden. Ook al in de lijn van de filosofie des huizes: hoewel Volvo een heel belangrijke speler is in de fleetwereld (de V70 is in ons land in de eerste plaats een bedrijfswagen), ging heel veel aandacht naar kindvriendelijkheid. Want breaks, dat zijn ook en vooral gezinswagens, blijft de overtuiging in Zweden. Op de optielijst staan dus kinderzitjes die kunnen worden afgesteld op basis van de grootte van het kind. Voor de allerkleinsten, jonger dan vier, is er zelfs een hele reeks specifieke stoeltjes die ook in omgekeerde rijrichting kunnen staan. Nieuw in het V70-gamma is een zescilinder in lijn van 3,2 liter. Een benzinemotor goed voor 238 pk. Uiteraard geen voer voor de Belgische (diesel)markt, maar een investering die zich laat verklaren door de populariteit van de V70 op andere markten. Van de 75.000 exemplaren die Volvo wil slijten, zal de helft wel weer naar de Verenigde Staten vloeien. Alhier wordt het kiezen uit twee versies van de bekende vijfcilinder diesel van 2,5 liter: een keertje met 163 pk (240 Nm) en de sterkere broer met 185 pk (400 Nm). Samen met de V70 wordt de vernieuwde XC70 gelanceerd: een vierwielaangedreven versie die zich wil profileren als terreinwagen. Onze eerste indruk is toch wel dat deze wat sierlijker oogt dat zijn ietwat barokke voorganger. Een raszuivere terreinwagen, zoals de Jeep Wrangler, is dit uiteraard niet. Maar als u geregeld door modder of sneeuw moet, of een waterplasje dertig centimeter diep, of over een glibberige helling van 35 graden, dan zeggen we graag: meer moet dat niet zijn. + Degelijkheid, veiligheid - Heel klassieke lijn MOTOREN, VERMOGEN EN KOPPEL: Benzine 2.5 T (5 cil.) 2521 cc/147 kW (200 pk)/300 Nm; 3.2 (6 cil.) 3192 cc/175 kW (238 pk)/320 Nm; T6 (6 cil.) 2953 cc/210 kW (285 pk)/340 Nm Diesel 2.4 D (5 cil.) 2400 cc/120 kW (163 pk)/340 Nm; D5 (5 cil.) 2400cc/136 kW (185 pk)/400 Nm MILIEU (CO2 G/KM): 224 (2.5T), 246 (3.2), 267 (T6 AWD), 172 (2.4D), 172 (D5) PRESTATIES: 0-100 km/u in 8,1 s (2.5 T), 8,4 s (autom. 3.2), 8,1 s (T6 AWD), 9,9 s (2.4 D handgesch.), 8,8 s (D5); topsnelheid 210 km/u (2.5 T), 235 km/u (3.2), 245 km/u (T6 AWD), 210 km/u (2.4D), 225 km/u (D5) VERBRUIK (GEM. /100 KM): van 6,3 l tot 13,7 l (2.5T), van 7,5 l tot 12 l (3.2), van 8,1 l tot 16,4 l (T6 AWD), van 5,5 l tot 8,8 l (2.4D), van 5,1 l tot 8,8 l (D5) INSTAPPRIJZEN: vanaf 35.890 euro (2.5T), 41.100 euro (3.2), 50.260 euro (T6 AWD), 35.150 euro (2.4D), 35.850 euro (D5) *omwentelingen per minuut Jo Bossuyt