Het stoffen dak verdwijnt langzaam maar zeker. De schuld van de Fransen is dat. Peugeot en Renault populariseerden het metalen plooidak: een constructie die zich in een mum van tijd laat wegklappen in de koffer, en de coupé omtovert tot een cabrio. De Peugeot 207 cc, later zijn grotere broer 307 cc, en de Renault Mégane coupé-cabriolet openden zo een nieuwe niche: de coupé-cabrio. Of hoe je met een metalen plooidak twee auto's in één kan maken. Gesloten coupé voor de winter, open cabrio voor de zomer.
...

Het stoffen dak verdwijnt langzaam maar zeker. De schuld van de Fransen is dat. Peugeot en Renault populariseerden het metalen plooidak: een constructie die zich in een mum van tijd laat wegklappen in de koffer, en de coupé omtovert tot een cabrio. De Peugeot 207 cc, later zijn grotere broer 307 cc, en de Renault Mégane coupé-cabriolet openden zo een nieuwe niche: de coupé-cabrio. Of hoe je met een metalen plooidak twee auto's in één kan maken. Gesloten coupé voor de winter, open cabrio voor de zomer. Een formule die aanslaat, vandaar dat almaar meer constructeurs met zo'n model uitpakken. Volkswagen parkeert straks zijn nieuwe EOS in de showroom en Ford stoomt er eentje klaar op basis van de Focus. En Volvo heeft zijn huiswerk al klaar, met deze Volvo C70. Eigenlijk een première, want dit is de eerste coupé-cabrio in het hogere segment. Alwaar hij moet gaan concurreren met de BMW 3-reeks (die in zijn volgende versie ook een metalen dak meekrijgt) of de Audi A4. Groter betekent in dit geval ook meer binnenruimte. We zijn het niet meteen gewoon voor cabrio's, maar achterin zijn er dus twee zitjes die je met een beetje goede wil volwaardig kan noemen. Alleen moet je er dan rekening mee houden dat de kofferruimte wordt gehalveerd als het dak wegklapt. En dat lijkt ons des zomers toch wel de bedoeling met dit tuig. Van de Zweden is geweten dat ze kwaliteit leveren, en dat is bij deze niet anders. Omdat we altijd een beetje op onze hoede zijn bij coupé-cabrio's, auto's die intrinsiek moeilijk perfect te bouwen zijn, durven we zelfs zeggen: meer dan ooitkwaliteit. Gesloten, dus met het dak erop, voelt en klinkt alles zoals in een gewone auto. De torsiestijfheid, de weerstand tegen vervorming van de structuur (een oud zeer bij cabrio's, omdat er geen vast dak is om de constructie netjes samen te houden...) is gewoon degelijk. En, goed nieuws voor de leuke zomerdagen: dat is ook zo als je dakloos rijdt. Natuurlijk verandert het weggedrag dan wel, omdat het gewicht op de achteras meteen veel groter is, maar bij normaal rijgedrag, met respect voor de snelheidsbeperkingen, kan dat op geen enkel moment een probleem zijn. Enige euvel tijdens onze testrit: lichte trillingen in de stuurkolom, en die treden vaak op als je met koude motor wegrijdt. Ook meldenswaard: Volvo besteedde traditiegetrouw veel aandacht aan de veiligheid. Verstevigingsbalken in de deuren, zijdelingse klapzakken (jawel, in de deuren gemonteerd), een dikke plaat tussen koffer en passagiersruimte, en nog meer van dat. In het vooronder zitten voorlopig alleen vijfcilinders: drie benzineversies en een diesel. Later komt daar wellicht ook de fiscaalvriendelijker tweeliter diesel bij die het Franse PSA samen ontwikkelde met de Fordgroep, waartoe Volvo behoort. VOLVO C70 MOTOR: 2521 cc, vijfcilinder benzine turbo. VERMOGEN EN KOPPEL: 162 kW of 220 pk en 320 Nm vanaf 1500 omwentelingen per minuut (opm). PRESTATIES: opsnelheid 240 km/u, van 0 naar 100 km/u in 7,6 s. VERBRUIK: (TESTGEMIDDELDE) 12,9 liter voor 100 km. MILIEU: Euro 4. BASISPRIJS: 41.500 euro. Zeer degelijke afwerking. *** Uitstekend plooidak. *** Lichte trilling in stuurkolom. - Ook in het gamma: 2,4 benzine (zonder turbo in 2 versies (140 pk/220 Nm en 170 pk/230 Nm), respectievelijk 34.000 en 35.500 euro, en een 2,4 turbodiesel van 163 pk/350 Nm voor 37.750 euro. Jo Bossuyt