De gemiddelde effectieve pensioenleeftijd is in Vlaanderen gestegen naar 60,7 jaar, leren cijfers van het Steunpunt Werk en Sociale Economie (WSE). In 2005 verlieten de Vlamingen de arbeidsmarkt nog gemiddeld op 58,8 jaar, in 2012 was dat 59,4 jaar.
...

De gemiddelde effectieve pensioenleeftijd is in Vlaanderen gestegen naar 60,7 jaar, leren cijfers van het Steunpunt Werk en Sociale Economie (WSE). In 2005 verlieten de Vlamingen de arbeidsmarkt nog gemiddeld op 58,8 jaar, in 2012 was dat 59,4 jaar. Het WSE bekeek de gemiddelde groeivoet van de uittredeleeftijd in de periodes 2001-2011 en 2012-2018. Tussen 2001 en 2011 steeg de gemiddelde uittredeleeftijd in het Vlaams Gewest van 58,4 naar 59,5 jaar. Dat is een toename met 1,3 maanden per jaar. De groei in Vlaanderen was toen vergelijkbaar met die in het Waals Gewest (1,4 maanden per jaar) en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (1,2 maanden per jaar). Sinds 2012 verdubbelde de groeivoet van de uittredeleeftijd in Vlaanderen naar 2,5 maanden per jaar. Ook in het Waals Gewest steeg ze in die periode sneller dan voordien (2,4 maanden per jaar). De groeivoet voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest bleef vrij constant. De versnelling is te verklaren door de verstrenging van de stelsels van vervroegde uittreding zoals het SWT (het vroegere brugpensioen) en het vervroegd pensioen onder de regeringen-Di Rupo en -Michel. Ook de verplichting voor werkloze 55-plussers en bruggepensioneerden om zich langer beschikbaar te houden voor de arbeidsmarkt, speelde een rol.