De auteur is CEO van Biocartis.
...

De auteur is CEO van Biocartis. De Vlaamse biotechnologische sector liep weer eens in de kijker toen Devgen werd overgenomen door het Zwitserse Syngenta. Het viel op dat de meeste media in hun berichtgeving vooral benadrukten dat het Gentse agrobiotechnologiebedrijf in buitenlandse handen kwam. Een negatieve connotatie was daarbij niet ver te zoeken. Maar er zijn inmiddels ruim wat biotechbedrijven die bewijzen dat een buitenlandse overname niet noodzakelijk een rem zet op de groei van de onderneming. Kijken we maar naar Plant Genetic Systems (PGS), dat sinds 2002 als Bayer Cropscience actief is, en naar CropDesign, dat een dochter van BASF werd. Janssen Pharmaceutica smolt al in 1961 samen met het Amerikaanse Johnson&Johnson, dat tien jaar geleden ook Tibotec-Virco heeft overgenomen. Al die bedrijven konden de ontwikkeling van producten vaak versnellen, omdat ze toegang kregen tot grotere budgetten voor onderzoek en ontwikkeling (O&O). Door de schaalvergroting werd de kans op een wereldwijde commercialisering veel groter. Zo kunnen vandaag heel wat hiv-patiënten in de wereld hun infectie onder controle houden dankzij hiv-remmers die werden ontwikkeld in Vlaamse onderzoekscentra zoals het Rega Instituut in Leuven en biotechbedrijven zoals Tibotec-Virco. Die overnames stimuleerden ook de werkgelegenheid in Vlaanderen. Er werden duizenden banen ge- creëerd, niet alleen in die ondernemingen, maar ook bij de vele kleinere bedrijven die producten en diensten leveren aan de grotere centra. Maar dat proces is geen automatisme. Als die bedrijven onder hun nieuwe eigenaar blijven groeien, is dat vooral het resultaat van de kwaliteit en de permanente inzet van hun wetenschappers, technici en operatoren. De beste krachten groeien vaak door naar hoge functies in de moederorganisatie, waardoor ze de beslissingsprocessen van die grote internationale groepen mogelijk mee kunnen bepalen. Die ervaren mensen zijn enorm belangrijk voor de verdere uitbouw van die industriële sector in Vlaanderen. Nogal wat anciens zijn ondertussen actief in een nieuwe generatie van biotechbedrijven, die zo voordeel kan trekken van hun ervaring en hun netwerken. Ze vormen direct of indirect nieuwe generaties medewerkers. Zo'n dynamisch ecosysteem van jarenlange expertise ligt aan de basis van het succes van de topregio's in de wereld: de valleys in Californië, de Boston Area en nu ook meer en meer in Vlaanderen. Het mag gerust eens worden gezegd en geschreven dat onze regio vandaag tot de Europese biotechtop behoort, en dat de producten die hier tot stand kwamen een wezenlijke bijdrage hebben geleverd aan de geneeskunde. De jongste generatie bedrijven, zoals ArgenX, Pharmaneuroboost, Ablynx, Galapagos en ThromboGenics, werkt aan rist beloftevolle nieuwe producten, waarvan enkele zeer dicht bij de commercialisering staan. Er zijn inmiddels meer dan 120 Vlaamse bedrijven actief in de life sciences. Een aantal ervan heeft een publieke notering. Voortgaand op hun gecombineerde marktkapitalisatie laten we, samen met Zweden, alle andere Europese landen een stuk achter ons. Van de ongeveer 25 biotechbedrijven in de Euronext Biotech Index zijn de vijf Vlaamse ondernemingen goed voor bijna 50 procent van de handel in aandelen. De waarde die de Vlaamse biotechgroepen voor ondernemers en investeerders creëren, is erg belangrijk. Door de aard van de producten, de complexiteit van de O&O en de erkenningsvereisten voor nieuwe producten is deze branche tijd- en kapitaalintensief. De risico's die de investeerders lopen, moeten worden beloond, anders komt de wagen vroeg of laat tot stilstand. Binnen- en buitenlandse investeerders moeten nog meer de weg naar onze regio vinden, zodat nog meer Vlaamse bedrijven de kans krijgen uit te groeien tot internationale industriële groepen. Succes trekt succes aan. Een innovatievriendelijk klimaat, een wetgeving en maatregelen die het ondernemerschap stimuleren, en legale en fiscale stabiliteit zijn meer dan randvoorwaarden die moeten worden vervuld om dat te realiseren. Laat ons de slogans en de steriele ideologische discussies eindelijk achter ons laten en werk maken van een toekomstgerichte industrie. Alle grondstoffen zijn in Vlaanderen aanwezig. RUDI PAUWELSBinnen- en buitenlandse investeerders moeten nog meer de weg vinden naar onze regio.