De privécollectie die Hélène Kröller-Müller bij elkaar kocht, grenst aan het onwaarschijnlijke. Ze verwierf samen met haar echtgenoot in één jaar meer dan honderd werken van Vincent van Gogh: de kunstenaar van wie in haar museum de op één na grootste collectie ter wereld hangt. Ze was ook een actieve mecenas voor kun...

De privécollectie die Hélène Kröller-Müller bij elkaar kocht, grenst aan het onwaarschijnlijke. Ze verwierf samen met haar echtgenoot in één jaar meer dan honderd werken van Vincent van Gogh: de kunstenaar van wie in haar museum de op één na grootste collectie ter wereld hangt. Ze was ook een actieve mecenas voor kunstenaars. Met Bart van der Leck had ze een bijzondere band. Hij is het onderwerp van een boeiende expo in haar museum, midden in het Nationaal Park De Hoge Veluwe. Kröller-Müller volgde privélessen kunstgeschiedenis bij H.P. Bremmer, die haar Bart van der Leck tipte als jong talent. Ze begon vanaf 1911 zijn werk te kopen, leerde de artiest in 1914 persoonlijk kennen en gaf hem meteen opdrachten, bijvoorbeeld voor een glasraam in de bedrijfskantoren van Müller & Co. Onder invloed van Piet Mondriaan zuiverde Van der Leck zijn beeldtaal uit tot composities van vlakken en lijnen in primaire kleuren. Die transitie en die zoektocht, verweven met zijn persoonlijke band met Hélène Kröller-Müller, maakt de expo heel menselijk. In een brief die hij in februari 2016 naar Kröller-Müller stuurde, schreef Van der Leck dat hij zich niet geroepen voelde om "verversbaas" te zijn in hun villa, waarvan hij gevraagd was de interieurkleuren mee te bepalen. Tot frustratie van zijn mecenas: "Mijn gevoel is dat u te veel redeneert en daardoor de eerste emotie doodt. Maar ik kan me ook vergissen en daarom moeten we het maar aan de toekomst overlaten." De toekomst heeft de verversbaas gelijk gegeven.