Een vrijdagochtend in Groot-Bijgaarden op de parking van Texaco langs de E40. Enkele verkopers van Westimex, de Belgische dochter van Amerikaanse chipfabrikant Croky, staan wat ongemakkelijk te draaien aan de balie van het hotel dat Carestel er op de grens met de Brusselse ring exploiteert. "Niet aan deze kant maar aan de overkant," zegt de immer lachende receptioniste. En inderdaad, in het Carestel-restaurant richting Brussel is er voor hen een vergaderzaaltje gereserveerd. Allen daarheen om de nieuwe verkoopstrategie bij te stellen. Croky probeert zichzelf dezer dagen opnieuw uit te vinden, en zet naast een nieuw productengamma ook een heel nieuw marketingplan op de rails. Dus zitten de acht Belgische verkopers midden in een grote vergadergolf.
...

Een vrijdagochtend in Groot-Bijgaarden op de parking van Texaco langs de E40. Enkele verkopers van Westimex, de Belgische dochter van Amerikaanse chipfabrikant Croky, staan wat ongemakkelijk te draaien aan de balie van het hotel dat Carestel er op de grens met de Brusselse ring exploiteert. "Niet aan deze kant maar aan de overkant," zegt de immer lachende receptioniste. En inderdaad, in het Carestel-restaurant richting Brussel is er voor hen een vergaderzaaltje gereserveerd. Allen daarheen om de nieuwe verkoopstrategie bij te stellen. Croky probeert zichzelf dezer dagen opnieuw uit te vinden, en zet naast een nieuw productengamma ook een heel nieuw marketingplan op de rails. Dus zitten de acht Belgische verkopers midden in een grote vergadergolf. "Onze meetings zijn gezien de herlancering intensiever en frequenter," zegt marketingmanager Patrick Dierick. Terwijl het zaalpersoneel bij Carestel de middagspits in de keuken voorbereidt, trekt Westimex zich terug in een zaaltje van vijf bij acht meter. Projectiescherm en koffie staan klaar. Pas enkele uren later gaat de deur opnieuw open en nemen de verkopers samen nog een snelle lunch voor ze weer de hort opgaan. Vergaderen op verplaatsing Vergaderen lijkt voor elk kaderlid tegelijk een favoriet tijdverdrijf en een hatelijk, tijdrovend aspect van de job. Het is dus een kwestie al die meetings zo efficiënt mogelijk te organiseren. Daar bestaan zelfs cursussen voor, maar de eerste vraag luidt nog steeds: waar vindt ze plaats? Meestal gebeurt dat op de zetel van de bedrijven zelf, maar iedereen weet dat de horeca niet zou overleven zonder zakenlunches. Gezien de steeds langere files wordt vergaderen onderweg stilaan een trend. Wegrestaurants hopen een flink deel van die koek voor hun rekening te nemen. "We zien een toenemende vraag naar vergaderruimtes in de Brusselse rand," zegt Michel Van Hemele, topman bij Carestel. "Daarom hebben we besloten om daar beter op in te spelen met een breder aanbod." De restaurantketen paste niet alleen zijn maaltijdengamma aan, hij promoot ook het gebruik van vergaderzalen. In het Verenigd Koninkrijk offerde Carestel zelfs enkele kamers van zijn hotels op om meer vergadercapaciteit te kunnen bieden. Ook de Belgsiche nummer twee, AC Restaurants, trekt volop de kaart van vergaderplaatsen en biedt zelfs heuse seminariepakketten aan. Samen bieden de twee ketens nu in België zes locaties aan langs de snelweg waar ze ruimtes verhuren voor seminaries of vergaderingen. De meeste vanzelfsprekend rond Brussel. "Het is helemaal niet duur om hier te vergaderen," zegt Achille Janssens van bij Westimex. "Voor goed 65 euro heb je een zaal voor een halve dag. Bovendien is het vlot bereikbaar voor iedereen; er zijn geen ingewikkelde routebeschrijvingen nodig want iedereen weet de Carestel wel te vinden." Toch is het voor Westimex geen regel om langs de snelweg te vergaderen. Patrick Dierick: "We vergaderen meestal in ons hoofdkantoor in Deurle, bij Gent. Maar omdat de verkopers van overal te lande moeten komen, houden we om de twee maanden een meeting op verplaatsing. Zo kunnen we iedereen op zijn buurt eens de last van de ochtendspits besparen."Carestel gaat nog verder in het aantrekken van mobiele managers. In elke vestiging plaatste het informaticabedrijf Sinfilo een server voor draadloze internettoegang, het zo gehypete WiFi. Die dienst kun je bezwaarlijk de kerntaak van Carestel noemen. Net op een moment dat de nieuwe topman Michel Van Hemele de mond vol heeft over het bedrijf terug plooien op zijn kernactiviteiten, mag dat eigenaardig lijken. Maar niets is minder waar. Carestel hoopt vooral dat de mensen die het internet gebruiken in hun restaurants ook meer zullen consumeren. "Wij investeerden niet in de infrastructuur," weet Van Hemele. "Dat deed Sinfilo voor ons. We kozen ervoor om hun infrastructuur af te huren." Daarnaast krijgt Carestel een percentje van elke euro internettijd die de klanten van Sinfilo uitgeven in Carestel-locaties. Voorlopig is het nog vroeg om uit te maken of het draadloze internet rendabel is. "Maar we beschouwen dit dan ook niet als een nieuw kanaal van inkomsten," weet de topman. "Wij willen een nieuw doelpubliek aanboren. Het zal duidelijk zijn dat je om vier 's middags geen steak met friet eet omdat je een uurtje langs de weg gaat zitten werken."Bij Sinfilo kunnen ze voorlopig een klantenlijstje voorleggen met hoofdzakelijk bedrijven uit de ICT-sector, zoals IBM, Fujitsu-Siemens en Intel. En natuurlijk de mensen van Carestel zelf. En al stelden we bij een steekproef vast dat het aantal internettende managers in Groot-Bijgaarden niet overdonderend is, groeit volgens Jeroen Meens van Sinfilo de interesse. Een voorbeeld? Brocom, het samenwerkingsverband tussen verzekeraars en makelaars, schakelt draadloos internet in bij zijn opleidingssessies. Wegrestaurants met meetingruimtes komen dus in aanmerking. Volgens Meens is het evident dat in de toekomst heel wat account managers zullen profiteren van de voordelen van draadloos internet. Het typische gebruikersprofiel is dat van de mobiele werker die beslist om het onverwachte bumperrijden voor een paar uurtjes in te ruilen voor koffie in een wegrestaurant en een sessie 'ochtendmailen op afstand'. Sinfilo speelt daarop ook in. Zo kunt u voor vijf euro een voucher kopen waarmee u twee uur het internet op kunt. U kunt zelfs een hele installatiekit ter plekke aankopen. Vergeet alleen niet uw eigen laptop mee te nemen. Dat mobiliteitsproblemen de toekomst van de kantorenmarkt beïnvloeden, gelooft ook Dirk Avau. In een vorig leven was hij ICT-manager bij onder meer IBM en Belgacom. Tegenwoordig runt hij Avau Projects, een bedrijfje dat ICT-projecten uitwerkt. En dat is breed op te vatten. Zo concentreert Avau zich momenteel op Pericenter, een project dat kantoorruimtes in de periferie van zakensteden tracht op te zetten. De bedoeling is om professionals toe te laten in een uitgerust kantoor met faciliteiten te 'telewerken', tijdens de spitsuren en tussen twee meetings door. Het project kreeg trouwens ook subsidies van het Europees Sociaal Fonds, omdat moeders de kans wil bieden om hun kantoortijd flexibeler in te vullen. Het eerste Pericenter in Beersel wordt op 24 juni boven de doopvont gehouden. Er zijn plannen om ook in Tienen, Grimbergen en Waver Pericenters uit te bouwen. Maar zo vernieuwend is het idee van satellietkantoren toch niet? Deloitte & Touche of IBM bijvoorbeeld hebben al langer bijkantoren waar hun werknemers terechtkunnen als ze op verplaatsing opereren. En ook de kantorenspecialist Regus biedt al jaren kantoren à la carte aan. "Ons concept verschilt van wat er op dit moment bestaat," benadrukt Avau. "Onze inplanting ligt buiten de grote centra. Dat geldt voor geen enkel ander project. Bovendien bieden we een monitoring aan van wie er aanwezig is in het pericenter. Daardoor is het makkelijker om na te gaan wie op welk moment aan het werk is dan bij thuiswerk." De steeds langere files dwingen bedrijven om buiten de stadscentra te vergaderen. Wegrestaurants spelen enthousiast op die trend in.